Categorie: PTT

  • Breekveldt / Postkantoor

    Breekveldt / Postkantoor

    Peperstraat 2, Aalten (verdwenen)

    Het perceel Peperstraat 2 kent een rijke en gevarieerde geschiedenis. In de loop der jaren hebben er onder andere een voerman, landbouwers en onderwijzers gewoond. Later werd er een winkel in manufacturen gevestigd. In 1985 werd het pand vervangen door een nieuw gebouw, dat aanvankelijk als postkantoor diende en tegenwoordig een winkelfunctie heeft.

    De winkel van Breekveldt

    In 1914 kocht J.G. Breekveldt het pand dat er destijds stond en vestigde er zijn winkel in manufacturen, textiel en werkkleding. Een huishoudster die enige tijd voor de familie Breekveldt werkte, herinnerde zich hoe mevrouw Breekveldt haar gasten doordeweeks trakteerde op eenvoudige biscuits. Voor de zondag was er een speciale koektrommel met luxere koeken. Toen de huishoudster op een doordeweekse dag de visite zondagse koeken serveerde, kreeg ze daar de nodige opmerkingen over.

    Een andere anecdote vertelt hoe Henk ter Maat met zijn vader (‘Gruus Willem’) kolen ging bezorgen bij de familie Breekveldt. Ze moesten vanaf de Peperstraat dwars door de winkel, met een zak kolen op de rug, naar de kelder waar zich het kolenhok bevond. De gewelfde kelder was niet al te hoog. Henk was vrij lang en liep zich vast tussen trap en gewelf. Door de knieën en voorover gebogen probeerde hij in de kelder te komen. De zakken met kolen waren open en door de diepe buiging rolden deze over zijn schouder de kelder in. Mevrouw Breekveldt (Neeltje, geen Aaltense) zag het en riep: “Nou zeg, ga me ze hier neergooien!” Ze was een precieze dame en dan dat zwarte goedje maar zo laten rollen? Henk en zijn vader ruimden het op en maakten alles schoon. Met de volgende zakken ging Henk achterwaarts de trap af, en met wat gewurm lukte het hem de kelder in te komen.

    In 1962 stond het pand van Breekveldt leeg en mochten de nozems er tijdelijk hun toevlucht nemen om van de straat af te zijn. Rond 1975 werd het pand gesloopt om plaats te maken voor een parkeerplaats.

    Postkantoor

    In 1985 begon men op deze locatie met de bouw van een nieuw postkantoor, ter vervanging van het oude kantoor aan de Haartsestraat, dat 63 jaar had dienstgedaan. Het ontwerp kwam van het architectenbureau Brouwer en Deurvorst uit Oosterbeek. Na een bouwperiode van tien maanden werd het nieuwe postkantoor op 26 juni 1986 officieel geopend.

    Het nieuwe postkantoor werd geprezen om zijn moderne ontwerp dat goed aansloot bij de omgeving. De directeur van het hoofdpostkantoor in Winterswijk, T. Philips, roemde de comfortabele en eigentijdse inrichting, die de dienstverlening aanzienlijk verbeterde. Het kantoor beschikte over drie loketten, een 24-uurs zelfbedieningsruimte en een speciaal loket voor het afgeven van grote hoeveelheden post. Ook bood het kantoor faxpost aan, destijds een nieuwe en moderne service.

    Burgemeester Bekius had de eer om de eerste bezoeker te zijn. Uit handen van besteller Gerrit Stronks ontving hij een fax met kennisgeving van aankomst van een pakje. Met de bijgevoegde sleutel opende Bekius de toegangsdeur, waarna met de overhandiging van het aangekondigde poststuk, een miniatuurposttruck, de opening van het postkantoor een feit was.

    Shop-in-Shop

    Het pand heeft sindsdien opnieuw van functie gewisseld en is nu de thuisbasis van Carrousel Shop-in-Shop.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1149Hendrik Jan Gantvoord, voerman270 m² huis & erf

    Bewoners

    Nog niet compleet!

    Bevolkingsregister 1823-1838

    Aalten 255

    Hendrik Jan te Gantvoort (Aalten, 28-07-1794), voerman
    Theodora Prins (Aalten, 31-08-1793)

    Bevolkingsregister 1838-1850

    Aalten 270

    Hendrik Jan te Gantvoort (Aalten, 28-07-1794), landbouwer
    Theodora Prins (Aalten, 31-08-1793)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Aalten 270

    Hendrik Jan te Gantvoort (Aalten, 28-07-1794), landbouwer
    Theodora Prins (Aalten, 31-08-1793)

    Zij vertrekken in 1854 naar Noord-Amerika.

    Hiaat in bewonersgeschiedenis.

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 391

    Maria Berendina Hendrika Wamelink (Aalten, 07-12-1858)

    Volgende bewoner:

    Dirk Stegeman (Brummen, 04-07-1830), onderwijzer

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 385

    Dirk Stegeman (Brummen, 04-07-1830), hoofd eener school

    Stegeman vertrok eind 1899 naar Deventer en overleed daar in 1910.

    Volgende bewoners:

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 455 > 510

    Gesienus van Heerde (Zwolle, 05-05-1863), hoofd der school
    Antje Buis (Schagen, 29-09-1865)

    Volgende bewoners:

    Gerrit Johan Bennink (Breedenbroek, 13-10-1865), hoofd der school
    Johanna Agatha Schutte (Hoog-Keppel, 14-09-1874)

    Volgende bewoners:

    Jakob den Langen (Winsum, 17-09-1868), hoofd der school
    Frouke Venekamp (Beerta, 01-12-1861)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten C510 > D563

    Johannes Gerhardus Breekveldt (Aalten, 18-04-1864), manufacturier
    Johanna Aleida Mokkelencate (Almelo, 02-06-1861)

    Adresboek 1934

    Aalten D563 > Peperstraat 2

    G. Breekveldt

    Aalten D563a > Peperstraat 2a

    J.G. Breekveldt

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11120
    FunctieWoonhuis,
    Winkel
    Bouwjaaronbekend
    Sloopca. 1975
  • Markt 10

    Markt 10

    Bredevoort

    Markt 10 in Bredevoort is een winkelpand, gebouwd rond 1872 in neoclassicistische stijl. Het pand is aangemerkt als gemeentelijk monument.

    Wilhelmus Bruyel liet het pand als winkelpand bouwen, en het heeft die functie behouden tot 2016. Hij had het pand verkregen van Cornelis Voltman door ruiling met een ander pand aan de huidige Officierstraat. In de volksmond stond het bekend als de ‘Winkel van Bruyel’, waar men van alles kon kopen, behalve brood, vlees en groenten.

    In 1982 namen Theo en Liddy Taken de winkel over, samen met het postagentschap, nadat datzelfde jaar het postkantoor van Hendrik Boelens op ’t Zand werd gesloten. In januari 2016 zijn zij ermee gestopt en sindsdien staat de winkel leeg.

    In de 17e eeuw stond op deze locatie de ‘Dullenstede’, een borgmanshuis dat destijds eigendom was van de familie Dijenberch van Rhemen.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1823-1838

    Bredevoort 68

    Gerrit Jan Slats (Bredevoort, 11-02-1779), schoenmaker
    (1) Anna Hendrika Kalfs (Winterswijk, 29-09-1782)
    (2) Gesina Harmina Meerdinkveldboom (Winterswijk, 14-02-1810)

    Bevolkingsregister 1838-1850

    Bredevoort 97

    Gerrit Jan Slats (Bredevoort, 11-02-1779), schoenmaker
    Gesina Harmina Meerdinkveldboom (Winterswijk, 14-02-1810)

    Volgende bewoners:

    Cornelis Voltman (Bredevoort, 11-05-1822), timmerman
    Gerharda Catharina Helena Worms (Aalten, 02-03-1829)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Bredevoort 97

    Cornelis Voltman (Bredevoort, 11-05-1822), timmerman
    Gerharda Catharina Helena Worms (Aalten, 02-03-1829)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Bredevoort 97

    Cornelis Voltman (Bredevoort, 11-05-1822), timmerman
    (1) Gerharda Catharina Helena Worms (Aalten, 02-03-1829)
    (2) Johanna Slats (Bredevoort, 04-07-1838)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Bredevoort 105

    Cornelis Voltman (Bredevoort, 11-05-1822), timmerman
    Johanna Slats (Bredevoort, 04-07-1838)

    Volgende bewoners:

    Wilhelmus Bruijel (Doetinchem, 26-10-1846), winkelier
    Dorathea Heusinkveld (Bredevoort, 23-11-1842)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Bredevoort 123

    Wilhelmus Bruijel (Doetinchem, 26-10-1846), winkelier
    Dorathea Heusinkveld (Bredevoort, 23-11-1842)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Bredevoort 105

    Wilhelmus Bruijel (Doetinchem, 26-10-1846), winkelier
    Dorathea Heusinkveld (Bredevoort, 23-11-1842)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Bredevoort 101 > 102

    Wilhelmus Bruijel (Doetinchem, 26-10-1846), winkelier
    Dorathea Heusinkveld (Bredevoort, 23-11-1842)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Bredevoort 102 > 84

    Wilhelmus Bruijel (Doetinchem, 26-10-1846), winkelier
    Dorathea Heusinkveld (Bredevoort, 23-11-1842)

    Adresboek 1934

    Bredevoort 84 > Markt 10

    Wed. W. Bruijel

    Adresboek 1967

    Markt 10

    M.J.I. Bruijel
    W. Bruijel

    Kenmerken


    Kadastraal nr.B-1112
    FunctieWoonhuis,
    Winkel
    Bouwjaar1875
    MonumentGemeentelijk
    monument

    Bronnen


  • De Postiljon

    De Postiljon

    Kerkstraat 1, Aalten

    Het pand aan de Kerkstraat 1, daterend uit 1876, heeft een rijke geschiedenis als postkantoor, modezaak en tegenwoordig een keukenzaak. Dit prominente gebouw op de hoek van de Markt en de Peperstraat was ooit het eerste postkantoor van Aalten.

    In de loop der jaren heeft het verschillende functies gehad, waarbij de naam ‘De Postiljon’ steeds verbonden bleef aan het pand.

    Het eerste postkantoor van Aalten

    In het pand Kerkstraat 1 was het eerste postkantoor van Aalten gevestigd. Hier kon men terecht voor alle zaken die te maken hadden met Post, Telegraaf en Telefoon (PTT). Voor mensen zonder eigen telefoon beschikte het postkantoor over een ‘openbare spreekcel’. In 1915 waren er in Aalten slechts 27 telefoonaansluitingen, en Bredevoort telde er vier. Het waren vooral fabrikanten, middenstanders en huisartsen die een telefoontoestel hadden. Kammenfabriek Ten Dam & Manschot had de allereerste aansluiting in Aalten en kreeg dus telefoonnummer 1.

    In 1922 verhuisde het postkantoor van de Kerkstraat naar de Haartsestraat, en later weer naar de Peperstraat. Tegenwoordig heeft Aalten geen eigen postkantoor meer en moet je voor postzaken naar de Primera.

    Pension en modezaak

    Hoewel het postkantoor verdween, bleef de naam van het gebouw verbonden met zijn geschiedenis. Na de verhuizing opende mevrouw Lammers-van Lochem ‘Magazijn De Post’ in het pand. Hier verkocht ze onder andere naaibenodigdheden en lingerie. Ook verhuurde ze kamers in het pand; het was tevens een pension.

    In 1974 vestigde zich er ‘Postiljon Mode’ van Martin en Ann de Kruyf. De Postiljon was het adres voor jurken, blouses en overhemden. Men kon hier terecht voor kwaliteit en persoonlijke aandacht. Na 50 jaar in het modevak stopten Martin en Ann de Kruyf met hun zaak in het najaar van 2017.

    Nieuwe bestemming

    Na enkele jaren leegstand kreeg het historische pand in 2024 een nieuwe bestemming. Een keukenzaak opende haar deuren in het hart van Aalten, waarmee een nieuw hoofdstuk werd toegevoegd aan de geschiedenis van dit beeldbepalende gebouw.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1169Evert van Eerden420 m² huis & erf

    Bewoners

    1813

    Aalten 1

    Weduwe G.W. Arendsen, huis, schuur en tuin

    Wessel Mierdink (Aalten, 06-02-1780), horlogiem.
    Christiaan Benjamin Lesturgeon (Aalten, 16-03-1791), silversmit

    1 weduwe
    1 man
    1 vrouw
    1 kostgang.
    1 meid
    1 kind

    Bevolkingsregister 1823-1838

    Aalten 1

    Josina Aleida Stumph (Aalten, 30-07-1747), wed. van Gerrit Willem Arentzen

    Volgende bewoners:

    Jacobus Johannes Klijnpennink (Nijmegen, 22-05-1794), Med. Dr. en Vroedm.
    Sara van Raab van Canstein (Oosterboer, 18-08-1794)

    Bevolkingsregister 1838-1850

    Aalten 12

    Jacobus Johannes Klijnpennink (Nijmegen, 22-05-1794), med. doctor en vroedmeester
    Sara van Raab van Canstein (Oosterboer, 18-08-1794)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Aalten 12

    Jacobus Johannes Klijnpennink (Nijmegen, 22-05-1794), med. doctor
    Sara van Raab van Canstein (Oosterboer, 18-08-1794)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Aalten 12

    Jacobus Johannes Klijnpennink (Nijmegen, 22-05-1794), med. docter
    (1) Sara van Raab van Cansteijn (Oosterboer, 18-08-1794)
    (2) Maria Christina Knappert (Schiedam, 05-12-1832)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 12

    Maria Christina Knappert (Schiedam, 05-12-1832)

    Volgende bewoners:

    Abraham van Eerden (Aalten, 17-02-1812)
    Johanna Willemina Lindenhovius (Aalten, 13-12-1819)

    Volgende bewoners:

    Gerrit Schotman (Aalten, 15-12-1847), dir. telegraafkantoor
    trouwt op 28-02-1873 in Aalten met
    Barendina Gerharda Freriks (Aalten, 29-02-1848)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 12

    Gerrit Schotman (Aalten, 15-12-1847), directeur v.h. post- en telegraafkantoor
    Barendina Gerharda Freriks (Aalten, 29-02-1848)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 13

    Gerrit Schotman (Aalten, 15-12-1847), postdirecteur
    Barendina Gerharda Freriks (Aalten, 29-02-1848)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 15 > C528

    Gerrit Schotman (Aalten, 15-12-1847), postdirecteur
    Barendina Gerharda Freriks (Aalten, 29-02-1848)

    Volgende bewoners:

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten C528 > D596

    Lambertus Meijer (Zwolle, 01-02-1880), dir. post- en tel.kantoor
    Johanna Catharina Gosuina Nolen (Rotterdam, 05-07-1881)

    Volgende bewoners:

    Bevolkingsregister 1930-1940

    Aalten D596

    Gerrit Jan Lammers (Aalten, 13-10-1878), manufacturier
    Engelina Klein Nibbelink (Lichtenvoorde, 24-11-1876)

    Adresboek 1934

    Aalten D596 > Kerkstraat 1

    G.J. Lamrners

    Adresboek 1967

    Kerkstraat 1

    Mevr. A.C. Lammers-van Lochem

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-13284
    FunctieWoonhuis,
    Postkantoor
    Winkel
    Bouwjaar1876
    Monumentnee
  • Oude Postkantoor

    Oude Postkantoor

    Haartsestraat 10-12, Aalten

    Het pand aan de Haartsestraat 10 in Aalten kent een veelzijdige geschiedenis. Het werd in 1860 gebouwd als woonhuis, fungeerde korte tijd als middelbare school en was van 1922 tot 1986 in gebruik als postkantoor. Daarna kreeg het gebouw andere functies, waaronder kantoorruimte voor diverse bedrijven.

    Van woonhuis tot school

    Het pand aan de Haartsestraat, destijds Gasthuisstraat geheten, werd oorspronkelijk gebouwd als woonhuis. In de loop der jaren woonden hier onder meer notaris Roelvink, notaris Maitland, arts Maurits Jagerink en burgemeester W.C. Tack, die er woonde tot zijn dood in 1915. Nadat het enige tijd werd verhuurd, kreeg het pand een nieuwe bestemming. Van 1916 tot 1918 diende het tijdelijk als onderkomen voor de Christelijke MULO, totdat deze school verhuisde naar een nieuw gebouw aan de Piet Heinstraat.

    Postkantoor

    In 1922 werd het pand verbouwd tot postkantoor, en werd het vorige kantoor aan de hoek Kerkstraat-Peperstraat verlaten. Het ontwerp voor de verbouwing en uitbreiding, waaronder een lage aanbouw aan de linkerzijde, was van architect J.M. Luthmann. Vanaf dat moment werd het pand ruim zestig jaar gebruikt als postkantoor.

    Nieuwe functies

    Na de ingebruikname van het nieuwe postkantoor aan de Peperstraat in 1986 verloor het pand zijn oorspronkelijke functie. Het bood daarna onderdak aan verschillende bedrijven, waaronder makelaardij Houwer en uitzendbureau Randstad. In 2007 werd de oostelijke aanbouw gesloopt en vervangen door nieuwbouw met kantoren en appartementen.

    Huidige situatie

    Tegenwoordig wordt het voormalige postkantoor als kantoorruimte verhuurd aan verschillende bedrijven.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1861I-2592Jan Hendrik Heijink e.c., koetsier250 m² huis & erf
    1868I-2592Garrit Prinsen, landbouwer250 m² huis & erf
    1886I-4047Willem Paschen, fabriekant3.553 m² huis & tuin
    1888I-4247Gemeente Aalten3.530 m² huis & tuin
    1915I-5685Gemeente Aalten3.155 m² huis & tuin
    1917I-5723Gemeente Aalten3.260 m² huis, stal & tuin
    1922I-5847Gemeente Aalten1.750 m² ged. huis,
    ged. schuur & tuin
    1924I-5952Staatsbedrijf der Posterijen,
    Telegrafie en Telefonie
    1.540 m² postkantoor & tuin,
    telefoongebouw
    1965I-9173Staatsbedrijf der Posterijen,
    Telegrafie en Telefonie
    1.493 m² postkantoor, telefoongebouw,
    tuin, rijwielstalling, berging

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Aalten 265

    Bernard Andries Roelvink (Bredevoort, 22-11-1818), notaris

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 341

    Bernard Andries Roelvink (Bredevoort, 22-11-1818), notaris

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 385

    Bernard Andries Roelvink (Bredevoort, 22-11-1818), notaris

    Volgende bewoners (1882-1886):

    John Bernard William Maitland (Vorden, 07-05-1826), notaris
    Bernarda Aleida Schepers (Dinxperlo, 02-01-1832)

    Volgende bewoners (1886-1888):

    Maurits Jagerink (Dinxperlo, 20-07-1860), arts
    Catharina Elisabeth Louisa Carolina van Dugteren (Utrecht, 28-10-1862)

    Volgende (hoofd)bewoner (1888-1895):

    Aalten 385

    Jhr. Georg Ludwig Carl Heinrich Baud (Amersfoort, 28-03-1858), burgemeester

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 380

    Jhr. Georg Ludwig Carl Heinrich Baud (Amersfoort, 28-03-1858), burgemeester

    Volgende bewoners (1895-1915):

    Mr. Willem Carel Tack (Doesburg, 26-09-1838), burgemeester
    Cornelia Johanna Parè (Aalten, 02-08-1848)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 450 > C535

    Mr. Willem Carel Tack (Doesburg, 26-09-1838), (oud) burgemeester
    Cornelia Johanna Parè (Aalten, 02-08-1848)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten C535

    Mr. Willem Carel Tack (Doesburg, 26-09-1838), (oud) burgemeester
    Cornelia Johanna Parè (Aalten, 02-08-1848)

    Volgende bewoners (1916-1921):

    Aalten C535

    Adriaan Jacobus van Oosten (Maasland, 23-09-1886), hoofd eener bijz. school
    Harmina Rosa van Noppen (Vlissingen, 05-01-1886)

    Volgende bewoners:

    Bevolkingsregister 1920-1930

    Aalten D605

    Lambertus Meijer (Zwolle, 01-02-1880), directeur post- en tel.kantoor
    Johanna Catharina Gosuina Nolen (Rotterdam, 07-07-1881)

    Volgende bewoners:

    Willem Postma (Midlum, 12-11-1878), directeur postkantoor
    Hillegonda Waardenburg Stelwagen (Boornbergum, 19-06-1885)

    Adresboek 1934

    Aalten D605 > Haartschestraat 10

    W. Postma

    1950-1964

    Haartsestraat 10

    J. Hondelink, directeur postkantoor

    Adresboek 1967

    Haartsestraat 10

    J.A. Mandema

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11414/11415
    FunctieWoonhuis
    (1860-1915)
    School
    (1916-1918)
    Postkantoor
    (1922-1986)
    Kantoor (heden)
    Bouwjaar1860
    Monumentnee
  • Historie van de posterijen in Aalten

    Historie van de posterijen in Aalten

    Dankzij de speuractiviteiten van de Aaltense historicus E.M. Smilda zijn veel historische gegevens over de postbestelling in de gemeente Aalten boven water gekomen. Een terugblik in de geschiedenis van het postwezen leert dat koeriers en bodes begin 19e eeuw verantwoordelijk waren voor de bezorging van brieven en berichten van zowel de overheid als particulieren.

    Precies op de plek waar in 1986 het toenmalige nieuwe postkantoor aan de Peperstraat opende, begonnen Hendrik Jan te Gantvoort en Garret Jan Hoopman in 1812 een “postwagendienst” naar Zutphen.

    Karvoerder

    Bekend is dat in 1742 ene Hendrik Hoopman “karvoerder” was en tweemaal per week naar Zutphen reed. Hoopman woonde destijds ook in de Peperstraat, een locatie die door de eeuwen heen een belangrijke rol heeft gespeeld in het plaatselijk postwezen. In 1784 is er sprake van een “postwagen” die tweemaal per week via Zutphen naar Aalten, Bocholt en Borken reed. Op twee andere dagen legde men de route omgekeerd af. Brieven werden voor een stuiver meegenomen en afgeleverd bij “Roelof Arentzen in De Klok”.

    De eerder genoemde Te Gantvoort reed met zijn postwagen via Zelhem en Hengelo naar Zutphen. In 1827 was Jilles van Buul de eerste door de gemeenteraad aangestelde “distributeur der brievenpost”. In 1832 benoemde de raad Jan Berend Lohuis als eerste bode. Hij verzorgde de post naar Groenlo. Gerrit Schotman was in 1843 zijn opvolger. Gerrit Jan te Tuunte werd belast met de brievenloop naar Winterswijk.

    Met de invoering van de postwet in 1850 verviel de bemoeienis van de gemeente met het postwezen. Schotman verloor zijn baan en Te Gantvoort emigreerde in 1854, op 60-jarige leeftijd, met zijn gezin naar Amerika.

    Vaak verhuisd

    De Aaltense post zou nog tal van keren verhuizen. Zo opereerde men vanuit een schuur in de Dijkstraat, vanuit de Landstraat (later schoenhandel Ebbers), hoek Kerkstraat-Peperstraat (later modehuis De Postiljon) en vanaf 1922 in de voormalige burgemeesterswoning, het zogenoemde Tackshuis, aan de Haartsestraat. Op 26 juni 1986 verruilden de posterijen die locatie voor nieuwbouw aan de Peperstraat.

    Ongeveer 20 jaar later werd het postkantoor in Aalten opgeheven. Sindsdien kan de Aaltense bevolking voor haar postzaken terecht bij de Primera aan de Bredevoortsestraatweg.

    Bron


  • Bodedienst Aalten-Zutphen in de 19e eeuw

    Bodedienst Aalten-Zutphen in de 19e eeuw

    In de 19e eeuw waren bodediensten onmisbaar voor handel en communicatie tussen dorpen en steden. In 1849 begon Jan Hendrik Heijink (1816-1888) een bodedienst tussen Aalten en Zutphen. Heijink was eigenaar van een boerderij die nog altijd dezelfde naam draagt en gelegen is aan de daarnaar vernoemde Heijinkdijk. Van deze dienst is een kasboek bewaard gebleven. Wie de inhoud met aandacht bestudeert, voelt het verleden bijna tot leven komen.

    Achter het kleine, vergeelde handschrift doemen mensen op en krijg je een indruk van het leven halverwege de 19e eeuw. Je ziet de bode met zijn wagen over de toen nog grotendeels onverharde Achterhoekse wegen trekken. In de zomer, als de zon uitbundig scheen, leek het soms een plezierreisje. Maar ’s winters was hij vaak blootgesteld aan regen en hagel, en voerde de tocht soms over modderige wegen, waar de wielen diep wegzakten in de wagensporen.

    Centrum van handel

    Voor je zag je mensen die goederen aanvoerden voor transport: kleine ondernemers die hun producten naar de ‘hoofdstad’ van de Achterhoek lieten vervoeren, en grotere handelaren die maandelijks balen, pakken, kisten en vaten aanleverden om die via Zutphen verder te laten transporteren. Winkeliers ontvingen balen koffie, zakken zout, kisten thee en vaten stokvis, terwijl notabelen op deze manier wijn en boeken lieten bezorgen.

    Halverwege de 19e eeuw was Zutphen de belangrijkste stad van de Achterhoek en een centrum van handel en transport. Vanuit Zutphen werden Achterhoekse producten verder vervoerd richting het westen van het land. Tegelijkertijd kwamen via de rivieren goederen uit het westen naar Zutphen.

    Kasboek

    Heijink noteerde doorgaans eens per week een rit “Na Zutphen”. De afstand tussen Aalten en Zutphen bedroeg zo’n acht uur gaans. Aan het eind van het jaar maakte hij een overzicht van de kosten die met deze dienst gemoeid waren. Onder de noemer “Betaald voor het vaaren in 1849” vermeldde hij regelmatig de kosten van “verteering” onderweg:

    “10 Januarij Door mij op reis 3.80; 17 Januarij Door mij op reis 5.75; Den 7 Februarij Door mij op Rijs 7.00; Den 12 Februarij Door Mij op Rijs 10.21.”

    Deze bedragen zijn opvallend hoog in verhouding tot de tarieven die Heijink zijn klanten in rekening bracht. Zo rekende hij voor het vervoer van vijf kisten thee f 1,60, voor “100 kan olij” f 1,00 en voor een vat siroop van 360 pond f 1,40. Op basis hiervan is het aannemelijk dat hij in Zutphen overnachtte en pas de volgende dag met een nieuwe lading terugkeerde naar Aalten.

    Ook de paarden hadden voer nodig, en soms ging de reis met twee wagens. Dan moest “Jentink voorspannen”. Een andere keer was het Hiddink of Drenthel. Heijink noteerde bijvoorbeeld:

    “Den 7 Februarij Jentink voorspannen Na Groenlo 1.20; Den 19 Februarij Hiddink voorspannen 1.00; Twee wagens verteering Haver op Rijs 14.00; Den 27 Februarij Door mij verteerd en haver tezaamen 12.00.”

    Daarnaast maakte hij uiteraard nog andere kosten:

    “Den 5 Januarij Bussink twee paarden ijzers verlegt 1.35; Den 16 Januarij Bussink een paar nieuw ijzers en een paar verlegt 0.85; Den 20 Januarij Voor Bussink een paar nieuwe hoepels op de Voor raden en aan de kleine Leeren en de Raden aan de Stortkarren te zaamen bet. 21.10; Den 25 Januarij Gebr. Hoopman een paar nieuwe hoepels op de Achterraden Kronen Banden en voor de Achterbanden te zamen betaald 25.50; Den 5 Maart Voor een nieuw Kleed op den wagen betaald 0.50; Voor het maken 0.50.”

    De middenstand

    De klanten van Heijink bestonden grotendeels uit lokale neringdoenden, wat ons een interessant beeld geeft van de Aaltense middenstand in het midden van de negentiende eeuw. Levensmiddelen en gebruiksvoorwerpen vormden het merendeel van de aangevoerde artikelen. Koffie en suiker werden toen nog niet geleverd in pakken van 250 of 500 gram, zoals tegenwoordig. Deze en ook andere producten werden in balen aan de winkeliers geleverd, die zelf de gewenste hoeveelheden afwogen voor hun klanten.

    Hieronder volgt een opsomming van goederen die Willem te Gussinklo, winkelier aan de Markt, via bode Heijink liet aanvoeren:

    “7 Maart 5 Leidsche kazen; 12 Maart 2 vaten visch, 1 kistjen Vaarzen (bedoeld zal zijn: vazen), 2 manden Aardewerk; 16 Maart 2 baalen rijst, 3 baalen Koffij, 1 vaatje Rozijnen, 2 mandjes Vijgen; 18 April pakje manufacturen; 19 april 3 zak Lijnzaad; 25 april 1 vat zuiker, 2 mandjes Candij, 1 vat krinten, 2 baalen Koffij, drie pakken papier.”

    Zout werd in zakken geleverd, terwijl stroop, olie, soda, blauwsel, cichorei en zeep in vaten werden aangevoerd. Tabak kwam zowel in vaten als in balen, pakken of manden. Opvallend is de vermelding 3 stroo Bocking”. Mogelijk waren de bokkingen, in een bepaald aantal of gewicht, verpakt in stro.

    Vlasteelt en raapolie

    vlas

    Het belang van de vlasteelt in deze streek blijkt duidelijk uit de grote hoeveelheden lijnzaad die winkeliers in het voorjaar van 1849 in voorraad namen: in maart en april ging het om 27 zakken en 3 vaten. Bij één van de afnemers is het gewicht van drie zakken vermeld: vijfhonderd pond. Daarnaast zullen boeren ook zaaizaad hebben gewonnen uit hun eigen vlasoogst. Men zaaide het vlas in het voorjaar en oogste in de zomer. Na de nodige bewerkingen werd het gesponnen en vervolgens geweven. Van de beste kwaliteit maakte men lakens en hemden. Wanneer het werd gebruikt voor bovenkleding, zoals een jak of kiel, werd het eerst geverfd bij de zwart- of blauwverver.

    Andere producten, die het hele jaar door werden aangevoerd, waren raapolie en patentolie, dat vooral gebruikt werd voor verlichting. Raapolie diende daarnaast als bakvet, onder meer voor vingerdikke boekweitpannenkoeken.

    Klanten

    Fabrikant Heinrich Driessen maakte wekelijks gebruik van de bodedienst voor de aanvoer van balen katoen, garen, potas, machinerieën en nu en dan een anker wijn. De geweven stoffen werden naar Zutphen gebracht om vandaar verder te worden vervoerd.

    Onder de klanten van Heijink bevond zich ook de Aaltense heel- en vroedmeester Servaas van Leuven, die goederen als een kistjen, een mandjen, een vaatjen en een pond kurken” liet vervoeren.

    Winkeliers

    Tot de belangrijkste afnemers behoorden de winkeliers in levensmiddelen Willem te Gussinklo en zijn broer Bernardus Engelbartus te Gussinklo, Gerrit Willem Vaags, Bernardus Hendrikus Becking en Hendrikus Brethouwer, die vaak samenwerkte met Burchard D.G. Muller.

    Het is niet altijd eenvoudig om de geleverde artikelen bij de juiste klanten onder te brengen. Zo wordt naast Bernardus Hendrikus Becking ook Hendrik Jan Becking genoemd, evenals Gebr. Becking en J. Becking. Het kasboek vermeldt geregeld alleen de achternaam.

    Datzelfde geldt voor de naam Vaags. Naast Gerrit Willem Vaags komen ook ‘Draaijer’ Vaags en Lodewijk Vaags voor, maar vaak ook enkel ‘Vaags’. Lodewijk Vaags was bakker en woonde aan het begin van de Gasthuisstraat, de huidige Haartsestraat. Hij ontving uitsluitend meel, soms gruttemeel. Een andere bakker was Degenaar, aan wie eveneens alleen meel werd geleverd. ‘Draaijer’ Vaags was stoelendraaier – hij ontving geregeld bossen biezen om stoelen van nieuwe matten te voorzien.

    Gerrit Willem Vaags: ‘Gerrit van Alles’

    Gerrit Willem Vaags woonde aan het begin van de Dijkstraat. Volgens de familiestamboom stond hij bekend als graanhandelaar, maar ook als ‘Gerrit van Alles’ – een bijnaam die verwijst naar de veelzijdigheid van zijn assortiment. Een blik in het kasboek bevestigt dit beeld: daaruit blijkt dat hij onder meer Leidsche kazen, kistjes kaarsen, balen koffie, pakken papier, vaatjes blauwsel, een vat siroop, 400 raapkoeken, een mand spijkers en een mandje kandij liet aanvoeren. Ook pijpen, potas, kruiden, azijn, tabak, zinkdraad, almanakken, kurken en cichorei maakten deel uit van zijn assortiment. Met recht ‘van alles’, dus.

    Bron