Pioniers in Wisconsin – Ruesink

Aaltense emigranten naar de VS

In de 19e eeuw emigreerden duizenden Achterhoekers naar de Verenigde Staten, op zoek naar land, vrijheid en nieuwe kansen. Onder hen bevond zich de familie Ruesink uit Lintelo. Zij behoorden tot de vroege Europese pioniers die zich vestigden in Sheboygan County, Wisconsin.

De familie Ruesink woonde op boerderij Akkermaat in de buurtschap Lintelo bij Aalten. Het gezin bestond uit vader Jan Willem Ruesink, moeder Grada Christina Rensink, vier zoons (waarvan er één kort na de geboorte overleed) en drie dochters.

Het gezin emigreerde in 1855 naar Amerika. Ze vertrokken op 2 augustus met een schip vanuit Rotterdam en arriveerden na 42 dagen in New York. Ze reisden verder naar Milwaukee, waar Jan Willem Ruesink ruim twee jaar werkte als voorman in een kalkoven, met een loon van één dollar per dag, later verhoogd naar $1,25.

In de VS kreeg het echtpaar Ruesink nog een zoon en twee dochters.

Vestiging in Holland Township

In het voorjaar van 1857 vestigde het gezin zich in Holland Township, op de boerderij van D.A. Walvoord. Ruim tweeënhalf jaar werkte Jan Willem daar, vooral met het kappen van hout voor transport via de pier van Amsterdam (Wisconsin). Daarna kocht hij 10 acres (4 ha) grond voor $200, en voegde daar zes jaar later nog eens 10 acres aan toe voor $150. In 1882 trok hij zich terug uit het arbeidsleven en verhuisde naar Gibbsville, waar hij genoot van zijn oude dag.

Jan Willem Ruesink werd beschouwd als een van de hardst werkende immigranten in Sheboygan County. Naar schatting kapte hij in zijn leven ongeveer 2800 “cords” hout (meer dan 10.000 m³), waarvoor hij tussen de 32 en 75 cent per cord ontving.

Van boerenknecht tot winkelier

Zoon Evert Ruesink, geboren op 17 augustus 1852 in Lintelo, arriveerde op zijn vijfde met zijn familie in Holland Township. Hij zou daar zijn verdere leven wonen. Op veertienjarige leeftijd begon hij met werken als knecht bij Harmen Jan te Selle (1844-1919), een boer in Holland Township, waar hij twee jaar bleef. Daarna werkte hij zes jaar in Fond du Lac County.

Door zuinig te leven had hij $800 gespaard. Met dat spaargeld begon Evert een winkel in Gibbsville. Na ongeveer acht jaar deed hij de zaak van de hand en stapte hij over op tuinbouw, een bedrijf dat hij vijf jaar lang uitoefende. In het najaar van 1887 nam hij het bedrijf van Henry Merion in Oostburg over, waar hij zijn ondernemerschap voortzette.

Evert trouwde op 11 december 1878 in Holland, Sheboygan, met Janna (“Jane”) Heinen, dochter van Gradus Heinen en Willemina Wisselink. Janna werd geboren op 19 april 1858 in Holland Township. Het echtpaar kreeg vijf kinderen.

Gemeenschap en overlijden

Evert Ruesink gold als een self-made man: hij begon als dagloner en werkte zich met vlijt, doorzettingsvermogen en zuinigheid op tot een gerespecteerde ondernemer in Sheboygan County. Evert en Jane waren lid van de Dutch Reformed Church, en politiek was Evert, net als zijn vader, aanhanger van de Republikeinse Partij.

Evert Ruesink overleed in 1898, slechts 45 jaar oud. Jane volgde hem bijna anderhalf jaar later naar het hiernamaals. Beiden werden begraven op Union Cemetery in Oostburg, Sheboygan County.

Fouten voorbehouden. Heb je aanvullingen of correcties? Reageer dan hieronder, bij voorkeur met bronvermelding.