De Romienendiek maakte eeuwenlang deel uit van een Hessenweg, een belangrijke handelsroute die de Achterhoek verbond met Duitsland, de Hanzesteden aan de IJssel en de handelscentra in Holland. Over deze weg trokken karren vol graan, zout en andere goederen.
De Romienendiek kreeg zijn officiële naam pas in 1967, toen de wegen in de buurtschappen van Aalten van straatnamen werden voorzien. In de volksmond was de naam echter al veel langer ingeburgerd; zo verscheen hij al in een artikel in de Graafschapbode uit 1924.1
Soms wordt gedacht dat de naam verwijst naar Romeinse legers die hier zouden hebben gemarcheerd, maar daarvoor is geen historisch bewijs. Over de herkomst van de naam doen wel twee kleurrijke volksverhalen de ronde. Opmerkelijk genoeg draaien beide verhalen om een vrouw met dezelfde bijnaam: ‘Rooie Miene’.
Rooie Miene, het onweerswief
In 17e-eeuwse oorkonden wordt een zware storm beschreven die van Halle over de Heelweg naar de Vennebulten trok, met hevige regenval en heftig onweer. Plotseling zakte er een windhoos naar beneden die hooimijten de lucht in slingerde. In de chaos zagen de bewoners een vreemde vrouw die door de storm over de zandweg werd voortgedreven. Even later was ze spoorloos verdwenen.
Enkele weken later troffen plaggenstekers in de Vennebulten een hut van takken en stro aan. Binnen zat het onweerswief. De lui noemden haar Vennemiene, Bultenmiene of Bosmiene, maar – vanwege haar vuurrode haar – meestal Rooie Miene. Naar verluidt zou de weg langs haar hut sindsdien de naam Romienendiek hebben gekregen.2
Rooie Miene van de Slikkertap
Een andere, meer pikante uitleg verwijst naar de herbergen langs de Hessenwegen. Handelslieden die onderweg overnachtten, konden daar niet alleen rekenen op een maaltijd en een pot bier, maar soms ook op gezelschap van dames van plezier. Volgens de overlevering zou bij herberg de Slikkertap, een vrouw met de bijnaam Rooie Miene hebben gewerkt. Mogelijk dankt de weg op die manier zijn naam? 3
Bekerbrusse werd vermoedelijk vernoemd naar Willem Brussen die vanaf ca. 1745-1748 bewoner was. Op 24-09-1799 kocht Berend Pakkebier het plaatsje ‘de Beeker-Brusse’, bestaande uit huis, hof, bouwland, plaggenvree en houtgewassen in Dale, van Lucas Houwers woonachtig in Rotterdam voor 1.455 gulden (Overdrachtsbelasting 40e penning).
Archieven
Aan de Grevinkweg in Dale lagen in 1832 twee boerderijen vlak naast elkaar die niet meer bestaan (huisnummers Dale nr. 3 en nr. 4) die de kadasterperceelnummers C209 en C219 hadden en in het bevolkingsregister in 1823-1850 allebei ’Beekerhuis’ werden genoemd. Het huis met adres Dale nr. 4 werd ook ‘Bekerbrusse’ genoemd.
Uit de dtb-boeken, het kadaster van 1832, het bevolkingsregister van 1823-1850 en het Registre Civique van circa 1811 blijkt voor de periode tot circa 1850 het volgende:
Bekerhuis
Bekerbrusse
Eigenaars Dale perceel C219 *
Eigenaars Dale perceel C209 *
Willem Eppink en Maria Elisabeth Nijhof
Elisabeth ter Beek / Villekes, wed. ter Horst
Bewoners Dale nr. 3:
Bewoners Dale nr. 4:
Derk Willem Stronks en Christina Scholten
Willem Brussen en Aeltjen Hartemink Begraafboek vermeldt ‘Willem Beker Brusse’
Elisabeth ter Beek / Villekes, wed. ter Horst
Arent te Loo en Jenneken Brussen Arend bewoonde ‘Beeker of Brussen Plaatsje’
Derk Hendrik ter Horst en Hendrika Heinen
Berend ter Horst en Elizabeth ter Beek / Villekes Berend bewoonde ’de Bekenbrusse’
Gerrit Jan Liesen en Geertruijd ter Horst
* Welk perceel bij welk adres hoorde is niet zeker.
Op basis van het bovenstaande kunnen we stellen dat het ’oude’ Bekerhuis perceel C219 was (Dale 3). Bekerbrusse was perceel C209 (Dale 4).
Liberale Gifte 1748
Eigenaren
Overzicht is niet volledig.
Jaar
Perceel
Eigenaar
Omschrijving
1832
C-209
wed. Berend ter Horst, landbouwer
840 m² huis & erf
Bewoners
Eerst bekende bewoners:
Hendrick ter Beek alias Bekerhuis (Dale), trouwt op 02-01-1737 in Aalten met Lijsbeth Janssen alias Damhof (Aalten, 27-07-1710)
Hendrick was een zoon van Jan en Geertje ter Beek van Bekerhuis in Dale.Hendrick en Lijsbeth woonden in 1748 op Neerhofs Spikker in Dale en vertrokken kort daarna naar De Heuvel in Lintelo. In het doopboek worden Hendrick en Lijsbeth ‘aan ’t Bekerhuis’ genoemd. Niet zeker is of zij toen op Bekerhuis of op Bekerbrusse woonden.
Volgende bewoners:
Willem Brussen alias Beker Brusse (Aalten, 13-04-1688 – Dale, 15-03-1764), trouwt (2) < 1732 in Varsseveld met A(a/e)ltjen Ha(e)(r)temink (Varsseveld – Dale, 05-10-1770)
Willem en Aeltjen kwamen tussen 1745 en 1748 van Varsseveld naar Bekerbrusse in Dale. In Varsseveld woonden ze op Bloemendaals Hutink waar Willem’s eerste echtgenote Grietje Huetink vandaan kwam. Willem werd in het begraafboek ‘Willem Beker Brusse‘ genoemd.
Volgende bewoners dochter en schoonzoon:
Arent te Loo alias Brussen (Aalten, 29-05-1730 – Lichtenvoorde, 22-01-1801), trouwt op 12-07-1755 in Aalten met Jenneken Brusse(n) (Varsseveld, 26-10-1732 – Zutphen, 09-01-1811)
Arent werd genoemd als bewoner van ’Beeker of Brussen Plaatsje’. Arent en Jenneken vertrokken naar Lichtenvoorde.
Volgende bewoners:
Baren(t/d) Karsjes alias ter Horst / Apenhorst (Aalten, 08-03-1750 – Dale, 20-02-1816), trouwt op 14-05-1790 in Aalten met Elizabet ter Beek alias (V/F)illeke(r)s (Aalten, 19-02-1769 – Dale, 28-01-1830)
Baren(t/d) werd geboren op Karsjes in Lintelo en Elizabet op Bekerhuis in Dale. Zij keerde na het overlijden van haar echtgenoot terug naar Bekerhuis.
Volgende bewoners dochter en schoonzoon:
Gerrit Jan Liesen (Dale, 30-06-1795 – Dale, 09-02-1823), trouwt op 22-06-1821 in Aalten met Geertruijd ter Horst / Apenhorst (Dale, 31-03-1798 – Dale, 27-11-1814)
Bevolkingsregister 1823-1850
“Beekerhuis”
Dale 4
Gerrit Jan Liesen (Dale, 30-06-1795 – Dale, 09-02-1823) Geertruijd ter Horst / Apenhorst (Dale, 31-03-1798 – Dale, 27-11-1814)
Bevolkingsregister 1850-1860
Dale 4
Gerrit Jan Liesen (Aalten, 30-06-1795) Geertruid Apenhorst (Aalten, 31-03-1798)
Volgende bewoners:
Derk Jan Elburg (Lintelo, 01-09-1811) Berendjen Klein Wolterink (Lintelo, 08-07-1813)
Bevolkingsregister 1860-1870
Dale 4
Derk Jan Elburg (Lintelo, 01-09-1811) Berendjen Klein Wolterink (Lintelo, 08-07-1813)
Bevolkingsregister 1870-1880
Dale 12
Derk Jan Elburg (Lintelo, 01-09-1811) Berendjen Klein Wolterink (Lintelo, 08-07-1813)
De blekerij van Anton Driessen, één van de gebroeders Driessen, was een textielblekerij aan de Slingebeek in Dale. De blekerij werd opgericht rond 1847 en bleef tot kort na de Tweede Wereldoorlog in gebruik.
Nadat Anton Driessen zich in 1826 in Aalten had gevestigd om daar een Nederlandse tak van het familiebedrijf op te zetten, pachtte hij aanvankelijk een deel van de blekerij van zijn neef Heinrich Driessen bij boerderij de Grote Maat. In 1841 had hij plannen voor een eigen blekerij. Hij had zijn oog laten vallen op een stuk markegrond “ter grootte van vier bunders, gelegen in het zoo genaamde Slat bij Aalten”, dichter in de richting van het dorp.
In die jaren was men in de gemeente Aalten bezig met de verdeling van de gemeenschappelijke markegronden. De betreffende grond hoorde bij de marke van Aalten. De ‘commissie tot de verdeeling der Markegronden’ wees zijn verzoek aanvankelijk af. Anton zette echter door en slaagde er uiteindelijk toch in het perceel in handen te krijgen.
Op 6 februari 1847 berichtten Gedeputeerde Staten aan Anton Driessen, “fabrikant, katoen-, linnen- en garenbleeker”, dat de minister van Binnenlandse Zaken hem vergunning verleende om de inventaris van zijn bestaande blekerij over te brengen naar het nieuw verworven terrein aan de Slingebeek in Dale. Hij mocht daar de benodigde gebouwen oprichten. Voor deze vergunning betaalde hij ƒ 2,49.
Buiten gebruik na de oorlog
Na de Tweede Wereldoorlog stelde de N.V. Textielmaatschappij v/h Gebr. Driessen de blekerij buiten werking, waarschijnlijk omdat uitbesteden goedkoper was geworden. Daarna kreeg het gebouw een nieuwe functie als onderkomen voor de Aaltense padvinders.
Vandaag de dag staat er op de plek van de voormalige blekerij een schuurtje dat deels gebouwd is met restanten van het oorspronkelijke gebouw.
Situatie in 1844, met Slingebeek en omleidingVerzoek van A. Driessen, 1845Fragment kadastrale kaart, 1848 (perceel C-1491)Kaart uit omstreeks 1890 (bron: Topotijdreis)Fragment kadastrale kaart, 1929Schoorsteen valt om, 1937Schoorsteen opgeblazenDe Graafschapper, 11 februari 1946
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zat de jonge Peter van Essen uit Apeldoorn twee jaar ondergedoken op de nabijgelegen boerderij de Koekoek. In 2015 publiceerde hij zijn belevenissen uit die periode in boekvorm, met als titel ‘Above the Pigsty‘ (Boven de Varkensstal). Het boek – een aanrader overigens – bevat ook nevenstaand kaartje van de buurt, de Elshoek in Dale, met locaties en namen van de boerderijen en hun bewoners ingetekend (klik om te vergroten).
In Dale zijn een aantal boerderijen met de naam ‘Nooitgedacht’. Rechtsonder vinden we Nooitgedacht (Arentsen), aan de Grevinkweg.
Bovenstaande foto is gemaakt in juli 2023. De naam is van de gevel verdwenen en de woning lijkt klaar om te worden opgeknapt of gesloopt. Op een foto uit sept. 2021 op Google Streetview is de naam nog te zien.
Deze website gebruikt cookies voor een optimale ervaring en analyse van bezoekgegevens. Ga je hiermee akkoord? Zonder toestemming werken sommige onderdelen van de site mogelijk minder goed.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.