De Christelijk Nationale School Barlo werd geopend op 31 oktober 1906. De school was tot stand gekomen vanwege onvrede met het godsdienstonderwijs op de openbare lagere school. In 1967 verhuisde men naar de nieuwe school, die we tegenwoordig nog steeds vinden aan de Markerinkdijk 18, als CBS Barlo.
Op bovenstaande foto kijk je tegen het handwerklokaal aan en de toiletten. Helemaal links is nog net een stukje zichtbaar van de woning van schoolmeester Weenink die lang schoolhoofd was. Aan de voorzijde van de school waren drie lokalen met zes klassen.
Oprichting
Op 2 februari 1906 hielden de vrienden van het christelijk onderwijs in Barlo de eerste vergadering. Men stelde voor om te komen tot “het stichten eener vereeniging tot stichting en instandhouding van een school met den Bijbel te Barlo”. Op 16 februari 1906 vond een ledenvergadering plaats. Na een flinke discussie gingen de 62 leden akkoord met de plaats waar de school moest komen. Om het project financieel rond te krijgen besloot men om met een lijst rond te gaan. De beste gevers stonden bovenaan.
Op 2 maart verschenen de voorzitter, secretaris en penningmeester in Lichtenvoorde bij de notaris, samen met Sweenen, die bereid was een stuk grond ter grootte van “vier schepelgezaai” te verkopen voor de nieuw te bouwen school. Op maandag 11 juni 1906 vond, na een drukke periode van voorbereiding, de eerstesteenlegging plaats: “Maandag 11 juni was het voor de vrienden van het christelijk onderwijs in Barlo een aangename dag. Dien dag werd de eerste steen gelegd van de nieuwe christelijke school (…) Hoogst voldaan keerden allen huiswaarts“.
Opening
Op woensdag 31 oktober was dan eindelijk de grote dag aangebroken. Men hing voor het eerst de vlag uit, maar helaas hing men hem verkeerd om, als ‘blauw, wit, rood’. De vlag werd snel omgedraaid en de feestelijkheden konden doorgang vinden.
Voor (veel) meer geschiedenis en verhalen over deze school verwijzen we je door naar het boek ‘Buurtschap Barlo Buitengewoon‘.
Adresgeschiedenis
Adresboek 1934
Barlo 69 > 84
“School”
Adresboek 1967
Barlo 84 > Markerinkdijk 13
“School”
Fouten voorbehouden. Heeft u correcties en/of aanvullende informatie? Reageer dan onderaan deze pagina.
De Domme Aanleg is een horecagelegenheid in Barlo en een populaire pleisterplaats voor fietsers en wandelaars. De uitspanning ligt gunstig op een kruispunt van wegen uit zes richtingen: Aalten, Barlo, Lichtenvoorde, Vragender, de Schaarsheide en Bredevoort.
De geschiedenis van De Domme Aanleg gaat terug tot 1868, toen op deze plek een boerderijtje werd gebouwd op een perceel dat tot die tijd uit heide bestond. Hier vestigde zich de familie Te Sligte: vader Hendrik Willem was landbouwer en kleermaker, terwijl zijn zoon Hendrik Jan eind 19e eeuw werd vermeld als landbouwer en herbergier. De eerste vermelding van de naam ‘Dommen Aanleg’ vonden we in een krantenbericht uit 1879 in de Zutphense Courant.
Volgens overlevering was Hendrik Jan, naast landbouwer, aanvankelijk melkboer. Hij stond bekend als verstrooid; het verhaal gaat dat hij zich regelmatig vergiste in het wisselen van haver en gortepap. Toen hij vanwege scheurbuik zijn werk als melkboer moest opgeven, besloot hij borreltjes te gaan verkopen aan voorbijgangers.
Mede dankzij de strategische ligging werd het café van Te Sligte al snel een welkome rustplaats voor reizigers die, te voet of per paard en wagen, over de hobbelige zandwegen trokken. Zij legden hier graag even aan ‘bi-j den dommen’ om te ontspannen en van een borreltje te genieten.
In 1913 werd de zaak officieel ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, en onder leiding van Te Sligte en zijn opvolgers groeide de bescheiden uitspanning uit tot een gerespecteerde herberg, waar men niet alleen kon overnachten en een eenvoudige maaltijd kon nuttigen, maar ook kon genieten van een drankje onder de kastanjebomen. De eerste danslessen van dansstudio Vieberink werden hier zelfs gegeven.
In de eerste helft van de 20e eeuw liep de tramlijn Lichtenvoorde-Bocholt langs De Domme Aanleg, waar zich ook een halte bevond.
Vandaag de dag wordt De Domme Aanleg gerund door Gerbert en Heidi Smit, die de traditie van gastvrijheid en gezelligheid met enthousiasme voortzetten.
Eigenaren
Overzicht is niet volledig.
Jaar
Perceel
Eigenaar
Omschrijving
1869
A-1812
de Mark van Aalten
190 m² huis en erf
1891
A-1812
Hendrik Jan te Sligte, landbouwer en herbergier
190 m² huis en erf
1900
A-2803
Hendrik Jan te Sligte, landbouwer en herbergier
3520 m² huis, schuur en erf
1911
A-3012
Derk Jan te Sligte, landbouwer en caféhouder
4520 m² huis, schuren, bouw- en grasland
1956
A-3305
Derk Jan te Sligte, landbouwer en caféhouder
5400 m² huis, café, wagenloods, schuur, bouw- en grasland
1985
A-3378
¾ Elisabeth Wisselink, wed. Derk Jan te Sligte ¼ Aleida Harmina te Sligte, g.m. Bernard Elburg
De (Grote) Luthe is een boerderij in de Aaltense buurtschap Barlo. Op een gevelsteen boven de enddeure prijkt de naam “de Lüthe”. In ‘Boerderij- en Veldnamen in Aalten’ wordt de naam gespeld als “de Lute”. Het adresboek van 1967 schrijft “Luiten” en in het kadaster wordt deze boerderij onder andere “de Groote Luutte” en “Groot Luiten” genoemd.
Eind 2017 kwam de (Grote) Luthe te koop. De Landerije Makelaars omschreef het als een “royale en goed onderhouden woonboerderij met veel authentieke elementen en ruime kamers met de mogelijkheid om diverse zithoeken te creëren. De hoge kamers geven een heerlijk ruim gevoel.”
Archieven
Hofboek Bredevoort 1506-1596
1576 – Richter Friederich Rasehorn Cornoten Johan Rotgers Johan van Loen, den XXVI. Aprilis Aº LXXVI.
Wendele echte dochter Gertz ten Gantenfordt und Deven siner huisfrouwen, heft sich mit consent und verwilligungh Herman Luten oirs echten mans und hir to insonderheit verkaren und togelaten mombar, heft frijwillich ongedwongen und ongedrongen dem huise Brefordt na den erff und gude Luten huis sich hofhorich gegeven des hofrechten gelick andere des huises Brefordt hofhorige personen to geneten und to misgelden, und heft min Edel heer dair voir Deven echte dochter seligen Johans Luten und Annen siner huisfrowen van der hofhoricheit vrijgelaten.
Die Edele und walgeboren heer Jacob van Bronckhorst und Batenborch Soen tot Anholt etc. in statt siner Edelh. her vaders etc. heft Deven echte dochter Johans Luten und Annen siner huisfrowen frij, qwiet, lois und ledich gelaten und geschulden van solcher hofhoricheit dair mede sie dem huise Brefort sonst lange verplicht und bewant gewest is, und heft dair voir und in oir stede to ener rechter wederwesselunge ontfangen tot behoif des huises Brefordt in gelicker hofhoricheit Wendelen echte dochter seligen Gertz ten Gantenfordt und Deven siner huisfrowen, die sich na den hofgude Luten huis dem huise Brefort hofhorich gegeven heft und hebben sin Edelh. demna gelaeft gedachten Deven deser vurs. vriheit und qwietscheldungh warschap to sin und ’t doen als na deses ort landes behoirlich und gebruicklich is sonder argelist.
Onderstaand fragment vermeldt als bewoners: “Scholte Teunis Lutten getr. met Janna te Welpshoff“. Ook staat er: “Mette ter Neet huisvr. van Garrit Jan Luiten, zegt dat haar man krank is“. Garrit Jan was een zoon van Teunis en Janna) en “Aeltjen Papiermeule”. Laatstgenoemde was bij het innen van de termijn vertrokken (teruggekeerd?) naar Pampiermole.
Daaronder staat nog: “Wander Klein Lutten, des selfs huisvr. Griete te Kolste“. Waarschijnlijk bestond boerderij de Kleine Luthe dus toen ook al.
Overdrachtsbelasting Heerlijkheid Bredevoort 1786
Den 26 april van Garrit Jan Roerdink en Willemina Hijink, 130 guldens, wegens het voor eerst bij de eerste hier na te noemene verkopersche als nog ten hofboeke aangeteekende hofscholtinne bezeten en op den tweeden verkoper naar hofrechten reeds vervallen hofgoed Luiten met al deszelfs getimmer, onderhoorige caterstede, bouwlanderijen, gaardens, weidegronden, inslag, zigt- of plaggen vreede, holt en holtgewasch, voorts alle verdere ap- en dependentien in deeze heerlijkheid Bredevoort kerspel Aalten, in de boerschap Barlo, in zijne respective bepalingen kennelijk gelegen; speciaal daar onder begreepen een hooijweijde van ongeveer agt dag grasmaajens, geleegen aan het Barlosche Goor, als ook een veenplas op het Barlosche Veen gesitueerd, vier zitplaatsen schuijns tegen over de predikstoel in de kerk van Aalten; voor een tweede al ’t gezaaij en gewasch met de mest en het mestrecht op en in dit hofgoed, en voor een derde de twee paarden, twaalf beesten of hoornvhee, wagens enz. Aangekogt van Methe te Neeth, weduwe van wijlen Garrit Jan Luiten, en haar oudste zoon Berend Luiten, met consent als naar hofregten, voor 6500 guldens, den 14 april 1786.
Eigenaren
Overzicht is niet volledig.
Jaar
Perceel
Eigenaar
Omschrijving
1832
A-959
Jan Willem Arentzen en cons., gem. ontvanger
1170 m² huis, schuur en erf
1851
A-959
Jan Brethouwer, minderjarige
1170 m² huis en schuur
1871
A-1866
Jan Brethouwer, landbouwer op “Groot Luiten”
1280 m² huis, schuur en erf (Barlo 13)
1881
A-2277
Jan Brethouwer, landbouwer op “Groot Luiten”
1235 m² huis, schuur en erf
1892
A-2767
Gerrit Jan Brethouwer, landbouwer op “de Lute”
1750 m² huis, schuur, erf en tuin “de Groote Luutte”
1906
A-2950
Gerrit Jan Brethouwer, landbouwer op “de Lute”
1887 m² huis, schuren, weiland en erf “Groot Luiten”
1909
A-3007
Gerrit Jan Brethouwer, landbouwer op “de Lute”
15.180 m² 2 huizen, schuren en weiland
1915
A-3007
Abraham Brethouwer, landbouwer op “de Groote Luutte”
15.180 m² huis, schuren en weiland
Bewoners
Luiten was een hofgoed van Bredevoort waardoor de bewoners relatief ver terug kunnen worden gevolgd met behulp van het hofboek.
Eerst bekende bewoners:
Herman Luten (Barlo – Barlo, 1583/1585) Deve
Herman en Deve worden als echtpaar vanaf 1534 in het hofboek genoemd.
Volgende bewoners weduwnaar en 2e echtgenote:
Herman Luten (Barlo – Barlo, 1583/1585) Wendele Gertsdr. Gantenfordt (Barlo)
Herman en Wendele worden als echtpaar vanaf 1576 in het hofboek genoemd.
Volgende bewoners zoon van Herman en Deve en echtgenoot:
Johan Luten alias Gantenvort (Barlo – Barlo < 1576) Annen Oberdinck (Barlo < 1585)
Johan en Annen worden als echtpaar vanaf 1549 in het hofboek genoemd.
Volontaire Protocollen: Geesken Luijten, weduwe van Bernt Wolter(d)inck, droeg op 15-11-1622 ’dat erf und guet Wolterdinck‘ op en gaf het over aan zoon en schoondochter Johan Wolterdinck en Lotte Swijtinck en droeg ’dat Erff und guet Luijten guet genant‘ op en gaf het over aan schoonzoon en dochter Thonijs Rensinck en Enneken Wolterdinck.
In 1623 zijn Thonijs en Enneken vrijwillig hofhorig geworden.
Wander overleed op Luiten in het huis van Jan Brethouwer. Waarschijnlijk woonde hij na het overlijden van zijn ouders en voordat Jan Brethouwer op Luiten kwam te wonen er samen met zijn ongetrouwde broer en zuster Berent Luiten (Aalten, 05-09-1745 – Barlo, 13-11-1803) en Gerritje (Garritijen) Luiten (Aalten, 05-08-1753 – Barlo, 23-02-1794).
Melkexamen, ca. 1930Kadaster 1832Fragment kadastrale kaart, 1871 (perceel A-1866), links bovenin zijn de contouren van de Kleine Luthe zichtbaar.Fragment kadastrale kaart, 1916 (perceel A-3007)Arnhemsche Courant, 23 augustus 1870Weekblad voor Aalten, Breedevoort, enz, 7 november 1896Zutphensche Courant, 9 februari 1905Dagblad Tubantia, 24 december 1966De Telegraaf, 6 mei 1992
De Olde Luthe is een boerderij in de Aaltense buurtschap Barlo. In ‘Boerderij- en Veldnamen in Aalten’ wordt de naam gespeld als “de Olde Lute”. In het adresboek van 1967 werd deze boerderij vermeld als “Oud Luiten” en veranderde het adres van Barlo 31 naar Barloseweg 32. Later, na de aanleg van de Aladnaweg, kreeg het adres opnieuw een wijziging: Aladnaweg 16.
De naam Olde Luthe suggereert dat dit de ‘oer-Luthe’ zou zijn maar dit klopt niet, want tot circa 1870 was het perceel waarop tegenwoordig Aladnaweg 16 staat volgens het kadaster nog weiland.
De Olde Luthe, ca. 1950Fragment kadastrale kaart, 1872 (percelen A-1876/1877)Situatie kadaster 1823 op recente luchtfotoAaltensche Courant, 17 december 1904
De Kleine Luthe is een boerderij in de Aaltense buurtschap Barlo. In ‘Boerderij- en Veldnamen in Aalten’ wordt de naam van deze boerderij gespeld als “de Kleine Lute”. Het adresboek van 1967 schrijft “Klein Luiten”.
In 1823 werd de Kleine Luthe dubbel bewoond, met de huisnummers Barlo 8 en 9. Rond 1870 werd in het kadaster genoteerd dat het perceel één huis telde met de huisnummers Barlo 11 en 12. In 1901 werd de oude boerderij afgebroken, en het terrein werd volgens het kadaster enkele jaren als weiland gebruikt.
Nieuwbouw
Rond 1914 werd er op dit perceel een nieuw huis gebouwd, volgens overlevering door Abraham Brethouwer, speciaal voor zijn jongere broer Willem Gerhard Brethouwer. Eind 19e eeuw, begin 20e eeuw, had Willem Gerhard hier een meubelmakers- en wagenmakersbedrijf. Hij overleed ongehuwd in 1926. Daarna kwam de boerderij in handen van Abraham en diens zoon Gerrit Jan, die het uiteindelijk verkocht.
Na broer Brethouwer woonde de familie Hoens lange tijd in de boerderij, gevolgd door de familie Hoefman. Hendrik Hoefman was de knecht van Gerhard Brethouwer. Later kwam Hennie Hengeveld, afkomstig van boerderij Hutteman. Hennie trouwde met Tilda Jansen uit Aalten en woonde er niet heel lang.
Daarna werd het huis gebruikt als vakantieverblijf door Karel Brethouwer uit Bredevoort, plaatselijk bekend van Cafetaria Aalten met de slogan “Wat Karel maakt, dat smaakt”. Vervolgens werd het nog een tijdje bewoond door de familie Ter Horst van boerderij de Koekoek. Daarna werd het verkocht aan een stel uit Lichtenvoorde.
In 1967 werd deze boerderij vermeld onder de naam Klein Luiten en veranderde het adres van Barlo 29 naar Barloseweg 30. Later, na de aanleg van de Aladnaweg, kreeg het adres opnieuw een wijziging: Aladnaweg 14.
Archieven
Liberale Gifte 1748
Onderstaand fragment vermeldt: “Wander Klein Lutten, des selfs huisvr. Griete te Kolste“.
Eigenaren
Overzicht is niet volledig.
Jaar
Perceel
Eigenaar
Omschrijving
1832
A-953
Jan Willem Arentzen en cons., gem. ontvanger
800 m² huis, schuur en erf
1871
A-1882
Jan Brethouwer, landbouwer op “Groot Luiten”
380 m² huis en erf (Barlo 11 en 12)
1879
A-2174 A-2175
Jan Brethouwer, landbouwer op “Groot Luiten”
170 m² huis en erf (1902: sloop) 870 m² huis, schuur en erf
1915
A-2915
Willem Gerhard Brethouwer, timmerman en meubelmaker op de “Groote Luute”
5415 m² huis, schuur en weiland
1985
N-209
Gerrit Jan Brethouwer, landbouwer op “de Lute”
5440 m² huis, schuur en erf
Bewoners
Eerst bekende bewoners (Liberale Gifte 1748):
Warner / Wander Verveldeop ’t Kleijn Luiten (Aalten, 12-08-1677) ⚭ (2) Aalten, 28-01-1714 Griete / Grietjen te Kolstede / te Kolstee (Aalten, 13-03-1687)
Volgende bewoners, zonen en schoondochters (dubbele bewoning):
Hendrik Vervelde aan Klein Luiten (Aalten, 21-07-1726 – Barlo, 31-07-1799) ⚭ Aalten, 18-03-1771 Geertje(n) Hillen (Aalten, 25-12-1749 – Barlo, 09-04-1810), d.v. Jan Hendrik en Griete Hillen
Herman Vervelde op ’t Kleijn Luiten (Aalten, 29-03-1717) ⚭ Aalten, 24-06-1752 Dev(a/e) te Sligt(e) (Aalten, 18-08-1731 – Barlo, 02-01-1805)
Aalten A218 Gerrit Zweenen landbouwer te Aalten 1060 m² huis, schuur en erf
Bewoners
Eerst bekende bewoner:
Jorden Sweenen (Barlo)
Jorden woonde in 1650 in Barlo en bezat een huis waarvan de grond tot de kerk behoorde (Verpondingscohier, origineel register).
Volgende bewoners:
Tobe Swenen (Barlo – Barlo < 1680) Gerritjen
Tobe betaalde de kerkckenpacht in 1676, in 1680 betaalde zijn weduwe.
Volgende bewoners, dochter en schoonzoon:
T(o/un)nis ter Maat alias Swenen alias Bruijnink (Dale – Dale < 1728), trouwt op 11-07-1680 in Aalten met Berentjen Swenen (Barlo)
T(o/un)nis betaalde de kerkckenpacht voor Zweenen in Barlo in 1685.T(o/un)nis en Berentjen woonden eerst op Zweenen in Barlo en vertrokken rond 1687 naar Kappers (Brunink) in Dale.
Hiaat in bewoningsgeschiedenis.
Volgende bewoners:
Hendrik (Henricus) Bennin(c)k alias Sweenen (Bocholt, 12-02-1673 – Bredevoort < 1728), trouwt (1) op 29-08-1706 in Aalten met Hermina te Slaa (Heurne – Barlo < 1716)
Volgende bewoners, weduwnaar en 2e echtgenote:
Hendrik (Henricus) Bennin(c)k alias Sweenen (Bocholt, 12-02-1673 – Bredevoort < 1728), trouwt (2) op 24-05-1716 in Aalten met Jenneken Ennekes alias Penninks alias Drommelaars (Lievelde)
D(e/i)rk Bullens alias (S/Z)we(e)nen (Aalten, 27-02-1709 – Barlo, 20-07-1775), trouwt op 09-05-1742 in Aalten met Janna (Janna Geertruit) B(ui/oe)tenb(u/o)s (Winterswijk, 10-04-1716)
Volgende bewoners, dochter en schoonzoon:
Gerrit Jan Sonderlo alias te Sligte alias (S/Z)we(e)nen (Aalten, 15-02-1733 – Barlo, 05-04-1807), trouwt op 23-03-1765 in Aalten met Hendersken (S/Z)we(e)nen (Aalten, 03-03-1743 – Barlo < 1790)
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Garrit te Sligte alias (S/Z)we(e)nen (Aalten, 05-04-1767 – Barlo, 25-07-1829), trouwt op 25-03-1792 in Aalten met Janna Willemina te Veenhuis alias Langenweijde (Winterswijk, 07-07-1771 – Barlo, 02-02-1829)
Bevolkingsregister 1823-1850
“Zweenen”
Barlo 50
Garrit te Sligte alias Zweenen (Aalten, 05-04-1767 – Barlo, 25-07-1829), landbouwer Janna Willemina te Veenhuis (Winterswijk, 07-07-1771 – Barlo, 02-02-1829)
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Berend Hendrik Sweenen (Aalten, 16-09-1798), landbouwer Hendrika Kunners (Winterswijk, 20-04-1806)
Begin jaren twintig van de vorige eeuw bouwde Eduard Albertus Bosman en zijn vrouw Janna Berendina Wiggers een huis op de hoek van de Lichtenvoordsestraatweg en de Nijhofsweg en noemden het De Zessprong. Eduard Albertus was filiaalhouder in Barlo van Landbouwloods van de Coöperatieve Landbouwvereniging in Aalten. Een deel van het huis deed dienst als winkel in kruidenierswaren. Janna Berendina voerde hier de scepter.
1564 – Ick Jacob van der Capellen Droste to Brefort in namen und van wegen des edelen und walgeboren herrn Diderichs van Brunckhorst und Batenborch hern to Anholt Bannerhern to baer und Latum Panthern to Brefort etc. do kondt und bekenne voir mij und min nakomende amptluden wie dat ick uth lofwerdigen bericht vernomen und verstaen dat tusschen die edele und walgeboren Ermgart Gravin van Lijmborch und to Bronckhorst weduwe frowe to Styromb, Wijsch und Borkelo etc. und wilnne den erentvesten und fromen Johan van Isendoern der tidt Drosten to Brefort bij sinen leven ene wesselonge oder qwit scheldonge navolgende maneren gemaekt, opgericht und beider siedts allenthalven ingewilligt worden ist, also dat oir G. churmodische persone genant Gese echte dochter Gerts ten Gantenfort und Truden siner husfrouwen up des huses Brefort hofgudt Wolterinck gelegen in den kerspel van Alten in der burschap Barle gekommen und gehilickt derselfster orer churmodicheijt vrijgelaten und van oir G. qwit geschulden is, und dair na sich na den vurgemelten hofgude Wolterinck hofhorich gegeven dair tegen oir G. ene des huses Brefort gewesen hofhorige personen genant Maria seligen Henricken Wolterinx und Hermanne siner husfrowen echte dochter tot churmodigen rechten weder entfangen und avergegaen und deselfster orer hofhoricheit van gedachten Drosten Isendorn qwitgescholden und vrijgelaten worden ist. Diewile aver hir van noch ter tidt gein siegell und brieff gemackt und damit dan beider siets parthien verwart sin mochten, hebbe ick Jacob van der Capellen Droste vurgemelt der vurbenanter Mariam verlaten und dair tegens in hofhoricheit die vurs. Gese widerumb angenomen, des in oirkonde der warheit hebbe ick min siegel an diesen brieff gehangen den XXIIII dach Augusti Anno (XVC.) LXIIII.
Rechterlijk Archief Bredevoort 1624
Sabbati 5 Junij 1624 – Stadtholder Johan ten Berge, Cornoten Peter Cloeck, Wilhelm Wisselinck.
Erschenen Die Ernveste und welvornheme Ludolph ter Vijle Rentmeister, als Volmechtiger Lubberts Terinden und Henricks ter Still, respective Bestevader und Mombaren van zaliger Evert van Wesels nagelatene kinder, Daervan genoegsame speciall Volmacht voer Borgermeister Schepen und Raedt der Stadt Deventer, onder gemelter Stadt Secreet Segell, und des Secretarij Henricij ab Haexbergen hant in dato den 5 Octobris 1623 voerbracht, die bekande in nhamen sijner Principalen Constituenten voer denselven haren Pleegkinderen und deren erven, voer eene walbetaelte Somma geldes, rechtes steden, ewigen und onwedderroeplicken erffkoops avergelaten und verkofft te hebben, Johan Drijhuijss Deeffken eheluijden und haren erven twie onderscheedlicke stucken landes, beijde opten Wolterinck Esch, Inden Kerspell Aelten, buerschap Barle, Het eene ongefehr van een moldersaet, mit eener sijdt an Greven goet, genant Santhoevell, mitter ander sijdt an Wolterinck landt gelegen, mit eenen ende an Wolterinck Hoffstucke, mitten anderen ende oick ant Santhoevell schietende, het ander oick ongefehr van een moldersaet, mit eener sijdt langs Rickerinck landt, mitter ander sijdt langs Wolterinck fuhrwech gelegen, mit eenen ende an Wolterinck landt, mitten anderen ende oick an Wolterinck hoff schietende, beijde mit derselven toebehoer und gerechticheit, voer doerslechtich thendt-, thinss-, und kummerfrij, Deses in qualiteit vorschreven erfflick gecediert und uthgegaen, Daerop mit hant, halm und monde vertegen, waerschap, beter verschrijvong und vestniss gelaefft nae Landtrechte, Bij veronderpandongh sijner Principalen goederen, Sonder exceptie und argelist.
Bernt was in 1604 tegeder. Johan en Geesken werden als echtpaar vanaf 1585 in het hofboek genoemd.
Volontaire Protocollen:
Weduwe Geesken droeg op 15-11-1622 ’dat erf und guet Wolterdinck‘ op en gaf het over aan zoon en schoondochter Johan Wolterdinck en Lotte Swijtinck en droeg ’dat Erff und guet Luijten guet genant‘ op en gaf het over aan schoonzoon en dochter Thonijs Rensinck en Enneken Wolterdinck.
Hendrik Willem Lubbers (Barlo, 02-01-1836), landbouwer (1) Johanna Hendrika Jansen (Barlo, 26-05-1837) (2) Hanna Willemina te Selle (Woold, 25-12-1832)
Vor Reynken Rasehorn, Richter zu Brederfoirt von wegen des Grafen Everwyn van Benthem, Herrn zu Stenffoirde, sowie den Gerichtsleuten Hinrick van Banten sen. und Johann Storms verkaufen Wilhelm van Lynteloe und Hilke van den Boetzeler an Everd van Lyntelloe, des gen. Wilhelms Bruder, das Gut Wynckelhorstynck im Kirchspiel Aelten und in der Bauerschaft Berlloe für eine Summe Geldes, über deren Zahlung eine von Richter und Schöffen zu Altkalkar (Aeldenkalkar) ausgestellter Gerichtsschein vorgelegt worden ist. Siegler: der Richter und Wilhem van Lynteloe.
Frans Droeste ther Becke und seine Frau Johan (!) van Keppell vertauschen an die Witwe Sophia van Lintell die Leibeigens Henrick (!), die Tochter von Derick und Nalken Cluppels, gegen die Leibeigene Nale Winckelhorstinck, die Tochter von Johann (+) W. und Maricken. Or.Perg, mit Siegel des Ausstellers.
Durch Sweer Raesehorn, Richter zu Bredeiort naemens der Gertrud geb. von Mylendunck und Drachenfels, Frau zu Anholt usw., vor die Lehnsmannen Johan Dyenberch und Johan Tebens sowie vor die Gerichtsleuten Gerhard Menekinck und Johan van Loen lassen Henrich van Lintello und seine Frau Clara van Virmundt sowie Dederich van Lintelo, Gebrüder ter Walfardt, einen Erbteilungsvertrag von 1586 Juli 18 protokollieren. Nach dem Vertrag erhält Henrich den Hofsitz Walfardt, auf dem beider Eltern gelebt haben, … die Koppel, weiter die Erbgüter im Ambt Brefort Ubbynck, Hermelinck, Gerth Warnerß und Bynninck gen., die Kate Hermanns ten Horne, die Swartekotte, … weiter die Güter in der Bauerschaft Barlo (Passer, Welinck und Averfelt) … Dagegen übernimmt er 300 Taler an Schulden usw. Diederich erhält … die “rowhoever” in Dalen, Winckelhorstinck, Henrich Pennongs, Sallick, Swytinck, Lanckhoff mit dem Poll, die Katen Buenynck und Kolstede in der Bauerschaft Haerth, Koep Heynen-Gut und den Hernick in der Bauerschaft Lyntello. Beide Brüder verpflichten sich, an ihren ältesten Bruder Everhardt von Lyntello das Jahrgehalt zu zahlen. Siegler: der Richter, die Gebrüder von Lintello und die Lehnsmannen.
Martin Goris, Kanzler und Behnsstatthalter des Fürstentums Geldern under der Grafschaft Zütphen, belehnt den Maximilian von Pasqualini als Mann und “voegt” von Anna Margarita van Lintelo mit dem Gut Winckelhorst im Amte Brevoort und Kirchspiel Aelten, angrenzend an den Langenhoff usw., ferner mit dem Gut zu Eschede im Kirchspiel Gorssel, dessen Einzelteile näher aufgeführt sind. Mit dem Lehen war vordem der Bruder von Anna Margarita, von + Arndt von Lintelo versehen.
Dietrich Arnold von Pasqualini und seine Frau Anna geb. von Ingenhoven verkaufen an Johann Trapmann, Bürger und Kaufmann zu Wesel, und dessen Frau Catharina Hartmann die Güter Winckelhorstinck, Wiggers und Ruhoff im Kirchspiel alten und Amt Bredefort für die Summe von 4200 Reichstalern. – Beiliegend Quittung der Eheleute Jacop von Ingenhoven und Maria Helena de Gulsen von 1672 März 16 über den Empfang von 1000 Reichstaler von ihrem Vetter Dietrich Arnold von Pasqualini. Or. Pap. mit Unterschriften und Aufdrucksiegels des Notars Gerh. van Burgell (!)
Verpondingskohier 1647
Winckelhorstinck, Jor. Pasqualini tot Eeschede. Huis, hof 1/2 sch. bou;ant 9 mdr., 3de gerve 75 – 0 -. Hoeijmaete van 5 daghen maeiens, slecht. 1 Kempken van 2 sch. soo geweidet wordt. Geeft 4 pont vlass, 1 vercken of 3 dlr. 5 – 14 -. 2 Rijxdlr. 5 – 0 -. en pontschatt. Eijcken boomen, heggeholt.
Liberale Gifte 1748
Eigenaren
Overzicht is niet volledig.
Jaar
Perceel
Eigenaar
Omschrijving
1832
A-524
Roelof Arentzen en cons., assessor
1710 m² huis, schuur en erf
Bewoners
Eerst bekende bewoners:
Hendrik Winkelhorst (Aalten, ca. 1600)
Kinderen:
Coene Winkelhorst (Barlo, ca. 1638 – Aalten, < 08-1726), trouwt in 1677 met Luijtjen Doenck
Hendrick Winkelhorst (Barlo, ca. 1642), trouwt in 1666 met Wendele Nieuwenhof
Herman Winkelhorst (Barlo, ca. 1650 – Aalten, < 08-1690), trouwt in 1672 met Elsken Penninks
Geert Winkelhorst (Barlo, ca. 1660), trouwt in 1683 met Enneken in ’t Clooster
Gerhardt Winkelhorst (Barlo, ca. 1665), trouwt in 1690 met Aeltjen Ruwhof
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Hendrick Winkelhorst (Barlo, ca. 1642), trouwt (1) op 11-03-1666 in Aalten met Wendele Nieuwenhof (Aalten, ca. 1646 – vóór 1680), afkomstig van Nijhof
Geesken Winkelhorst (Aalten, ged. 24-12-1669), trouwt in 1700 met Jan Doenck
Jan Winkelhorst (Aalten, ged. 29-03-1674)
Catrijna Winkelhorst (Aalten, ged. 02-04-1676 – > 1725), trouwt in 1705 met Hendrik Nonhof (alias Magis)
Eerst bekende bewoners, weduwnaar en 2e echtgenoot:
Hendrick Winkelhorst (Barlo, ca. 1642), trouwt (2) op 11-06-1680 in Aalten met Geertjen Swijtinck (Aalten, circa 1652), afkomstig van Swijtink
Kinderen:
Berend Winkelhorst (Aalten, ged. 23-10-1681), trouwt in 1709 met Hendersken Wensink
Wendele Winkelhorst (Aalten, ged. 19-10-1684)
Hendrick Winkelhorst (Aalten, ged. 19-02-1688)
Stijntjen Winkelhorst (Aalten, ged. 03-01-1697)
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Berend Winkelhorst (Aalten, ged. 23-10-1681), trouwt op 28-04-1709 in Aalten met Henderske Wensink (Aalten, ca. 1689)
Kinderen:
Geertjen Winkelhorst (Aalten, ged. 26-01-1710)
Kune (Lubbert) Winkelhorst (Aalten, ged. 26-07-1711 – Aalten, 29-02-1796), trouwt in 1735 met Lummeken Kleuvers
Hendrik Winkelhorst (Aalten, ged. 01-12-1715 – Aalten, 08-01-1802), trouwt in 1739 met Lotte Houwers (Seegvree)
Jan Winkelhorst (Aalten, ged. 17-01-1717)
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Kune (Lubbert) Winkelhorst (Aalten, ged. 26-07-1711 – Aalten, 29-02-1796), trouwt op 29-04-1735 in Aalten met Lummeken Kleuvers (Aalten, ged. 10-07-1718)
Kinderen:
Jenneken Winkelhorst (Aalten, ged. 19-05-1737 – Aalten, 19-10-1819), trouwt in 1762 met Engelbertus Hakstege (alias Gantvoort)
Geert Winkelhorst (Aalten, ged. 30-03-1739)
Geertje Winkelhorst (Aalten, ged. 04-02-1742)
Hendrik Winkelhorst (Aalten, ged. 09-02-1744 – Aalten, ca. 1794), trouwt in 1770 met Willemina Gantvoort
Gerrit Jan Winkelhorst (Aalten, ged. 28-08-1746)
Barent Winkelhorst (Aalten, ged. 14-12-1748 – IJzerlo, 16-03-1832), trouwt in 1776 met Janna Geertruid Essink
Derk Winkelhorst (Aalten, ged. 24-01-1751 – IJzevoorde, 30-04-1820), trouwt in 1780 met Willemina Loor
Berentje Winkelhorst (Aalten, ged. 16-01-1757), trouwt in 1782 met Henderik Nonhof
Hermanus Winkelhorst (Aalten, ged. 22-02-1761)
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Hendrik Winkelhorst (Aalten, ged. 09-02-1744 – Aalten, ca. 1794), trouwt (1) op 10-11-1770 in Aalten met Willemina Gantvoort (Aalten, ged. 09-06-1748 – Aalten, < 1772)
Waarschijnlijk geen kinderen uit dit huwelijk.
Volgende bewoners, weduwnaar en 2e echtgenote:
Hendrik Winkelhorst (Aalten, ged. 09-02-1744 – Aalten, ca. 1794), trouwt (2) op 28-05-1772 in Aalten met Gesina te Neeth (Aalten, ged. 11-08-1751 – Aalten, 01-09-1806)
Kinderen:
Willemina Winkelhorst (Aalten, 07-05-1774 – Aalten, 24-05-1811), trouwt in 1797 met Lambertus Lohuis
Berendina Winkelhorst (Barlo, 12-02-1776 – IJzerlo, 10-02-1850), trouwt in 1808 met Hermanus Winkelhorst
Marie Elisabeth Winkelhorst (Aalten, 04-07-1779 – Barlo, 08-01-1837)
Hermanus Winkelhorst (Barlo, 12-08-1782 – Haart, 18-04-1860), trouwt in 1808 met Hendrika Winkelhorst
Gerrit Jan Winkelhorst (Barlo, 06-08-1786 – Barlo, 16-10-1828), trouwt in 1819 met Hendrika Wevers
Hendrika Winkelhorst (Barlo, 05-12-1791), trouwt in 1811 met Garrit Jan te Stroete en emigreert op 17-08-1859 naar de VS
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Harmanus Winkelhorst (Barlo, 12-08-1782 – Haart, 18-04-1860), trouwt op 26-06-1808 in Aalten met Hendrika Winkelhorst (IJzerlo, 10-03-1785 – Haart, 14-08-1861)
Christiaan ten Haken (Miste, 26-02-1821 – Aalten, 25-01-1893), trouwt op 08-05-1850 in Winterswijk met Frederika te Bokkel (Barlo, 12-05-1822 – Barlo, 30-01-1878)
Eerste vermelding van de naam Wijnveen in de dtbl-boeken van Aalten was in 1732 bij de doop van het eerste kind van Gerrit Lubberts alias Ooink alias Wijnveen en Hermi(j)na Ebbers alias Magis.
Gerrit Lubberts alias Ooink alias Wijnveen (Aalten, 26-03-1701) ⚭ Aalten, 05-08-1731 Hermi(j)na Ebbers alias Magis (Aalten, 27-12-1705)
De doop van Trientien werd vermeld in de versie van het doopboek van Eibergen dat door de schoolmeester werd bijgehouden. In de versie die door de predikant werd bijgehouden stond niet ‘dogter Trientien’ maar ‘soon Jan Henderick’.
Volgende bewoners, zoon en schoondochter:
Garrit Jan Fokkink alias Wi(e/j)nveen(e) (Barlo, 27-09-1772 – Barlo, 03-02-1848) ⚭ (1) Aalten, 27-07-1801 Hendrika te Sligte alias (Z/S)weenen (Barlo, 17-02-1778 – Barlo, 19-02-1807) ⚭ (2) Aalten, 06-09-1807 Willemina Hei(j)nen (Lintelo, 07-10-1779 – Barlo, 20-08-1865)
Anna Geertruida Luimes (26-12-1939), ⚭ Gerard Huinink
Na het overlijden van Arend Jan is zijn broer Gerhardus Luimes (Aalten, 23-05-1912 ‒ 09-08-1998), ⚭ 1946 Geertruida Janna Krieger (Aalten 08-01-1914 ‒ 24-12-1991) op 11-04-1946 op de Wesselinkhutte komen wonen. Hij was toen al knecht bij zijn broer.
Grada is met haar dochter Annie ingetrokken bij timmerman Krieger aan de Kriegerdijk, maar overleed al in 1946 op 41-jarige leeftijd in Arnhem.
In 1966 is de familie Gerhardus Luimes verhuisd naar Broekman, Derde Broekdijk 12 in Lintelo.
Adresboek 1967
No. 47 komt niet voor.
Fouten voorbehouden. Heeft u correcties en/of aanvullende informatie? Reageer dan onderaan deze pagina.