Auteur: Oud Aalten

  • Dinxperlosestraatweg 86

    Dinxperlosestraatweg 86

    IJzerlo

    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Adresboek 1934

    IJzerlo 115/1 > 1

    J.D. Grievink

    Adresboek 1967

    IJzerlo 1 > Dinxperlosestraatweg 86

    H.G. Wensink
    Mevr. W.J. Siebelink-Grievink
    J.D. Grievink

    Kenmerken


    Kadastraal nr.S-1115/872
    FunctieBoerderij
    Bouwjaar1928
    Monumentnee
  • Essinkweg 4

    Essinkweg 4

    IJzerlo

    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Adresboek 1934

    IJzerlo 10/2 > 123

    J.G. Kemink

    Adresboek 1967

    IJzerlo 123 > Essinkweg 4

    B. Eenink

    Kenmerken


    Kadastraal nr.S-905/643
    FunctieBoerderij
    Bouwjaar1920
    Monumentnee
  • Papiermolen

    Papiermolen

    Markerinkdijk, Barlo (verdwenen)

    Rond 1500 dreven de gebroeders Pannekoek een papiermolen op de Zilverbeek in Barlo. De molen zou ongeveer 250 meter ten westen van boerderij ’t Markerink hebben gestaan, “waar thans een driehoekig bosperceeltje ligt“, waar het toegangspad naar de boerderij Den Blauwen de Zilverbeek kruist en direct ten oosten waarvan de beek is verbreed.

    Het Zilverbeekje werd geroemd om zijn heldere water en men was in staat om er helderwit papier mee te maken. Toen er door de landeigenaren in de omgeving steeds meer sloten werden gegraven om de afwatering te verbeteren, droogde de Zilverbeek in de zomer echter langzaam uit. Rond 1560 werd de molen verbouwd tot pottenfabriek.

    De voormalige papiermolen / pottenfabriek en/of het daarbij behorende huis werd naar verluid rond 1860 afgebroken. De bewoners verhuisden naar een nieuw huis aan de Aladnaweg.

    In en rond Aalten komt de familienaam Pa(m)piermolen nog steeds voor.


    Archieven

    Liberale Gifte 1748


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig. Onder voorbehoud!

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832A-243J.H. Nijhof e.c., landbouwer700 m² huis & erf
    1846A-243Berend Hendrik Nijhof e.c., landbouwer700 m² huis & erf
    1852A-243Jan Hendrik Deunk e.c., landbouwer700 m² huis & erf
    1876A-243Jan Hendrik Nijhof e.c., landbouwer700 m² huis & erf

    Bewoners

    Eerst bekende bewoners:

    Geert Bullens alias Meijnen alias Papiermoolen (Aalten, 08-07-1677 – Barlo < 1743)
    ⚭ Aalten, 25-03-1708
    Hendersken Hillen (Barlo)

    Volgende bewoners, dochter en schoonzoon:

    Jan (Gerrit Jan) Vervelde alias Pampiermo(o)le (Aalten, 10-06-1714 – Barlo, 16-01-1802)
    ⚭ (1) Aalten, 29-06-1743
    Beerndeke(n) Meijnen alias Papiermoolen (Aalten, 31-07-1718 – Barlo <1764)

    Volgende bewoners, weduwnaar en 2e echtgenote:

    Jan (Gerrit Jan) Vervelde alias Pampiermo(o)le (Aalten, 10-06-1714 – Barlo, 16-01-1802)
    ⚭ (2) Aalten, 28-01-1764
    Griete Ligterin(k/g) (Aalten, 17-03-1729 – Barlo, 08-03-1794)

    Volgende bewoners, zoon en schoondochter:

    Jan (in de) Pa(m)piermole(n) (Barlo, ca. 1746 – Barlo, 19-02-1813)
    ⚭ Aalten, 02-07-1786
    Janna Willemina Graven (Aalten, 14-11-1762 – Barlo, 06-02-1813)

    Volgende bewoners, zoon en schoondochter:

    Jan Willem Pampiermole (Barlo, 21-03-1789 – Barlo, 13-03-1858)
    ⚭ Aalten, 26-06-1814
    Hendrika Vossers (Barlo, 03-10-1784 – Barlo, 03-06-1846)

    Bevolkingsregister 1823-1850

    “Pampiermole”

    Barlo 45a

    Jan Willem Papiermole (Barlo, 21-03-1789 – Barlo, 13-03-1858), landbouwer
    Hendrika Vossers (Barlo, 03-10-1784 – Barlo, 03-06-1846)

    Volgende bewoners, zoon en schoondochter:

    Jan Hendrik Papiermolen (Barlo, 30-06-1815 – Barlo, 01-05-1897), landbouwer
    Berendina Gutters (Aalten, 11-02-1806 – Barlo, 05-12-1871)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Barlo 54

    Jan Hendrik Papiermolen (Barlo, 30-06-1815 – Barlo, 01-05-1897), landbouwer
    Berendina Gutters (Aalten, 11-02-1806 – Barlo, 05-12-1871)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Barlo 54

    Jan Hendrik Papiermolen (Barlo, 30-06-1815 – Barlo, 01-05-1897), landbouwer
    Berendina Gutters (Aalten, 11-02-1806 – Barlo, 05-12-1871)

    Zij zijn vermoedelijk eind deze periode verhuisd naar de ‘Nieuwe’ Papiermolen aan de Aladnaweg. Het verloop van de huisnummering ondersteunt deze theorie.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.onbekend
    FunctiePapiermolen,
    pottenfabriek
    Bouwjaarca. 1450-1500
    Sloopca. 1860

    Verwante boerderijen


  • Moezemölle / Balkermölle

    Moezemölle / Balkermölle

    Varsseveldsestraatweg 97, Lintelo (verdwenen)

    De verdwenen Moezemölle of molen van Balke / Balkermölle in Lintelo moet een achtkante, rietgedekte grondzeiler zijn geweest. Tot die slotsom komt de Aaltense oud-onderwijzer Wim Geesink, die de historie van deze vroegere wiekendrager heeft uitgezocht.

    Lang ging men ervan uit dat de tweede Lintelose molen een houten standerdmolen is geweest. Doordat zijn grootvader Derk Willem als knecht op de molen heeft gewerkt raakte Geesink geboeid door het onderwerp. Hij heeft uitvoerig archiefwerk verricht en zijn bevindingen gepubliceerd in de twee laatste nummers van de oudheidkundige werkgemeenschap ADW.


    Geschiedenis

    Boer Willem Bulsink kreeg op 19 november 1859 toestemming om op de Lintelose Es een molen te bouwen. Die plek was gunstig qua windvang. De overheid had daartegen geen bezwaar, als de molen maar ver genoeg van de rijweg werd gezet, namelijk ‘minstens 45 Ellen’. Waarschijnlijk om het schrikken van de paarden te voorkomen.

    Opmerkelijk is dat in hetzelfde jaar ook de aanvraag werd ingediend voor de bouw van de (nog bestaande) Wenninkmolen in Lintelo. Initiatiefnemer H. Wennink, destijds wonend in Drempt, moest zijn molen ook op ‘behoorlijke’ afstand van de rijweg neerzetten. Wennink kon eerder beginnen met de bouw dan Bulsink en één jaar eerder malen. Er zal een fikse concurrentiestrijd zijn ontstaan, die uiteindelijk in het voordeel van Wennink beslecht is.

    Op een kadastertekening van 1861 staat de molen van Bulsink als een achtkant getekend. Vandaar dat Geesink ervan uitgaat dat het hier om een achtkante grondzeiler ging. De molen van Bulsink kwam in 1861 gereed en rond 1864 werd er een molenaarshuis bij gebouwd.

    Moezemölle

    In de volksmond noemde men deze molen de Moezemölle, waarschijnlijk omdat er erg veel muizen huisden. De molen ging meermalen in andere handen over. De laatste molenaar was Dirk Balke, hij verkocht de molen in 1917 voor sloop. De romp was toen niet best meer en de gaten moesten met stro worden dichtgestopt.

    Het molenaarshuis staat nog aan de Varsseveldsestraatweg 97. Nu woont hier de familie Lange. In de tuin ligt nog een molensteen als herinnering aan de vroegere korenmolen.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Lintelo 109b

    Hendrik Jan Stronks (Dale, 04-04-1822), molenaar
    Aalberdina Radstaak (Zelhem, 11-04-1834)

    Volgende bewoners:

    Manus Wieberdink (Lintelo, 13-04-1837), landbouwer
    Fredrika Johanna Heusinkveld (Lintelo, 05-06-1842)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Lintelo 137

    Manus Wieberdink (Lintelo, 13-04-1837), landbouwer
    Fredrika Johanna Heusinkveld (Lintelo, 05-06-1842)

    Volgende bewoners:

    Fredrik Helmink (IJzerlo, 10-10-1845), molenaar
    Willemina Hendrika van Arragon (Heelweg, 20-05-1852)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Lintelo 137

    Fredrik Helmink (IJzerlo, 10-10-1845), molenaar
    Willemina Hendrika van Arragon (Heelweg, 20-05-1852)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Lintelo 153

    Fredrik Helmink (IJzerlo, 10-10-1845), molenaar
    (1) Willemina Hendrika van Arragon (Heelweg, 20-05-1852)
    (2) Christina Scholten (Sinderen, 23-09-1858)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Lintelo 156 > 163

    Fredrik Helmink (IJzerlo, 10-10-1845), molenaar
    Christina Scholten (Sinderen, 23-09-1858)

    Volgende bewoners:

    Derk Martinus Balke (Aalten, 24-09-1878), molenaar
    Jacoba Lamberdina Helmink (Dinxperlo, 11-10-1888)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Lintelo 163

    Dirk Martinus Balke (Aalten, 24-09-1878), molenaar
    Jacoba Lamberdina Helmink (Dinxperlo, 11-10-1888)

    Volgende bewoners:

    Lintelo 163 > 173

    Gerrit Jan Wentink (Dale, 03-03-1897), landbouwer
    Reindina Willemina Kuiperij (Heelweg, 29-07-1893)

    Adresboek 1934

    Lintelo 173 > 225

    G.J. Wentink

    Adresboek 1967

    Lintelo 225 > Varsseveldsestraatweg 97

    G.J. Wentink

    Kenmerken


    Kadastraal nr.L-212
    FunctieMolen
    Bouwjaar1861
    Sloopca. 1917
  • Gerard Tebroke

    Gerard Tebroke

    Atleet

    Gerhardus Franciscus (Gerard) Tebroke werd op 9 november 1949 te Aalten geboren als tweede kind in een gezin van vier zonen en een dochter. Zijn ouders Hendrik Bernard Tebroke (1912-1987) en Grada Johanna Bijvank (geb. 1916) kwamen beiden uit Eibergen, waar zij in 1944 getrouwd waren. Gerard overleed ongehuwd op 19 maart 1995.

    Gerard Tebroke uit Aalten was als kind zo stijf dat hij op de basisschool niet mee hoefde te doen aan de gymles. Toch werd hij een van de beste Nederlandse atleten ooit op de 5 en de 10 kilometer.

    Tebroke behaalt veel successen, maar omdat hij tijdens trainingen vaak te veel van zijn lichaam vergt, is hij ook vaak geblesseerd en mist hij belangrijke sportevenementen, zoals de Olympische Spelen in 1972 en 1976. Zijn snelheid is voor die tijd echter ongekend. Hij is meer dan 18 jaar Nederlands recordhouder op de 10 kilometer en meer dan 22 jaar op de 5 kilometer.

    In 1982 besluit hij de sport vaarwel te zeggen. Hij trekt zich terug op een boerderijtje in Silvolde met zijn hond en schapen en leidt een teruggetrokken leven. Gerard Tebroke overlijdt in 1995 op 45-jarige leeftijd. Sindsdien wordt als eerbetoon aan hem om de twee jaar de Gerard Tebroke Memorialloop in Aalten gehouden.

    Bronnen


  • De Eendracht

    De Eendracht

    Muziekvereniging

    De Christelijke Muziekvereniging De Eendracht werd opgericht in 1896 en is daarmee de oudste muziekvereniging van Aalten.

    Oprichting

    Om de exacte oorsprong van muziekvereniging De Eendracht te ontdekken moeten we teruggaan naar 14 maart 1896. We lezen daar in de ‘Aaltensche Courant’, (uitgever firma gebr. de Boer, Aalten) een verslag van een uitvoering ter gelegenheid van het éénjarig bestaan van de chr. zangvereniging ‘Door Oefening tot Stichting’. Citerend uit dit verslag lezen we:

    De heer Staal, hoofd van de oude school aan de Bredevoortsestraatweg, hield onder het uitdelen der versnaperingen een toespraak over het schoone in de verschillende vormen, maar vooral in de muziek.”

    Misschien ligt hierin wel de oorsprong van muziekvereniging De Eendracht, want in de krant van 31 oktober 1896 vinden we onder het plaatselijk nieuws het volgende:

    AALTEN – Bij de Chr. Zangvereeniging, onder leiding van den heer A. Rots, bestaat het voornemen een muziekkoor op te richten. Een lijst voor vrijwillige bijdragen circuleerde dezer dagen bij de ingezetenen, teneinde voor de aanschaffing der instrumenten het noodige geld bijeen te krijgen.”

    En op 6 maart 1897 lezen we in de ‘Aaltense Courant’:

    “Vrijdag 26 februari, herdacht de zangver. ‘Door Oefening tot Stichting’ haar tweejarig bestaan door onderlinge feestviering, zoals men zich herinneren zal, werd door enige leden in ’t laatst van het vorig jaar moeite gedaan gelden bijeen te brengen tot aanschaffing van enige instrumenten voor hoornmuziek. De moeite is in zoverre beloond, dat dankzij het eendrachtig samenwerken der leden en de leiding van den directeur en de steun van de Aaltense ingezetenen, dat op dezen avond de zangstukken konden worden afgewisseld door muziek.”

    Zo was De Eendracht een feit geworden en er bleek ook animo voor te zijn, want zestien leden gaven zich op. Zij betaalden elk vijf gulden, totaal dus 80 gulden. Een begin was aanwezig, de rest werd bij de Aaltense ingezetenen opgehaald. Dhr. A. Rots werd in die tijd aangewezen als directeur (dirigent) en hij bestelde van het ingezamelde geld de eerste instrumenten. De eerste instrumenten waren twee cornets, twee bugels, twee alten, één tenor en één tuba. Samen acht instrumenten voor zestien muzikanten, zodat men om de beurt moest oefenen.

    Beginjaren

    De Eendracht was van oorsprong een fanfare, maar in latere jaren is gepoogd om van De Eendracht een harmoniecorps te maken. Oorzaak hiervan was dat het korps altijd maar 10 tot 15 leden had. Men was in de veronderstelling dat als men overschakelde naar een harmonie, de meer ‘gegoede burgers’ van Aalten lid zouden worden. Volgens sommigen klonk een harmonie nu eenmaal beter. Maar het liep op niets uit, want later werd het gewoon weer een fanfare.

    Het programma van de concerten in die tijd waren over het algemeen van veel Franse titels voorzien. Nederlandse componisten voor harmonie en fanfare waren er niet of nauwelijks. In de periode 1914-1918 werd het een tijdje stil rond De Eendracht. De wereld was in oorlog. En ondanks dat Nederland niet direct bij deze oorlog betrokken was, zal dit toch wel invloed hebben gehad. In 1921 vierde de fanfare haar 25-jarig bestaan.

    Langzamerhand kreeg De Eendracht behoefte om aan concoursen deel te nemen. In 1926 namen de leden van De Eendracht het initiatief tot het oprichten van een ‘Gelderse Chr. Bond van Harmonie- en Fanfarecorpsen’. Het eerste festival werd gehouden op 2 oktober 1926. Op tweede paasdag 1929 werd door Ds. Stegeman het vaandel aan De Eendracht aangeboden.

    Crisisjaren

    Van de jaren 1939-1940 is alleen nog een gecombineerd verslag te vinden. Hierin schreef de secretaris dat het moeilijk was in die tijd een muziekvereniging op de been te houden, doch schreef hij: “Meer dan ooit moeten wij nu opzien naar de naam welke in gouden letters op ons vaandel staat, want ‘Eendracht maakt macht’“. Daarna zwijgen de notulen even, alleen de penningmeester ging nog een poosje door, tot 1944. Daarna moesten alle culturele verenigingen op last van de bezetter lid worden van de zogenaamde ‘Kulturkammer’. De meeste verenigingen voelden daar niets voor en stelden zich tijdelijk op non-actief. In 1945 maakte men weer volop muziek en De Eendracht ging ook weer de straat op.

    Tamboerkorps

    In 1949, schafte men een tamboermaitrestok aan van de opbrengst van een bazar. Vanaf toen ging De Eendracht over straat met een tamboerkorps ervoor. In 1969 ging het niet zo goed met het tamboerkorps, de repetities werden slecht bezocht en de voornamelijk oudere leden verlieten dit korps. Na verloop van tijd ging het tamboerkorps min of meer verloren. Men besloot hierna een geheel nieuwe groep op te starten, met voornamelijk jongere leden.

    Uniformen

    In 1962 was het dan zover, De Eendracht werd in haar eerste uniform gestoken. Door veel feestweken en de gulheid van de Aaltense bevolking werd het mogelijk dergelijk materiaal aan te schaffen. Ook werd er in dat jaar een ‘muziekschool’ opgericht. In 1972 bestond ‘De Eendracht’ 75 jaar, en kreeg symbolisch een nieuwe vaandel aangeboden, maar pas in 1973 had ‘De Eendracht’ er beschikking over. Enige jaren later, in 1977, organiseerde De Eendracht een grandioze eendagsactie, die genoeg geld opbracht om nieuwe uniformen aan te schaffen.

    100-jarig jubileum

    Als opmaat naar het honderdjarig bestaan gaf De Eendracht in januari 1996 een nieuwjaarsconcert. Het jaar 1996 stond bol van activiteiten. Maar de grootste wens was een CD uitbrengen, met fanfaremuziek van de fanfare, maar ook het tamboer- en lyrakorps (inmiddels omgedoopt tot Melody-en Percussion Ensemble) werkte mee aan de opnames. Om het hele gebeuren rond het eeuwfeest te promoten werd een dweilorkest geformeerd uit vrijwillige muzikanten. Er bleek duidelijk behoefte aan een dergelijke groep, want ze werden veelvuldig gevraagd om festiviteiten op te luisteren, waaronder de Gerard Tebroke Memorialloop en de Aaltendagen.

    Op vrijdag 29 november vond in De Pol een receptie plaats waar vele sprekers en ander bezoekers waaronder oud-leden De Eendracht geluk wensten met het honderdjarig bestaan. Burgemeester Bouwers van Aalten onderscheidde De Eendracht namens de koningin met de Koninklijke Erepenning. Tijdens de receptie kreeg de honderdjarige een serenade van de plaatselijke zusterverenigingen en de vendeliers van Sint Helena. Ook het dweilorkest van De Eendracht bracht een muzikale groet. Op 30 november 1996 gaf De Eendracht een jubileumconcert in De Pol, waar alle geledingen van De Eendracht aan meewerkten.

    Tien jaar eerder, in 1986, verscheen een boekje ”de geschiedenis van een fanfarekorps“, geschreven door A.J.A. Stronks en uitgegeven door Drukkerij Wikkerink.

    Eigen gebouw

    Rond de eeuwwisseling kwam de wens weer naar boven om over een eigen gebouw te beschikken voor De Eendracht. Er was in het verleden ook al eens geprobeerd iets dergelijks op poten te zetten, maar dat strandde door geldgebrek. Men ging op zoek naar een geschikte locatie. Nadat verschillende locaties de revue waren gepasseerd kwam een perceel aan de Nijverheidsweg in beeld. Dit was de plek waar het gebouw van muziekvereniging De Eendracht zou komen. Op 22 november 2008 was het muziekgebouw klaar en kreeg de naam ‘De Opmaat’.

    Bronnen (o.a.)


  • s.v. Bredevoort

    s.v. Bredevoort

    Voetbalvereniging

    Sportvereniging Bredevoort is een voetbalclub met ongeveer 260 leden en speelt op Sportpark ’t Broock.

    De club werd opgericht op 25 mei 1953 en speelde aanvankelijk op een weide waar doordeweeks koeien liepen. Men moest iedere week eerst de koemest opruimen voor er gevoetbald kon worden. Kleedgelegenheid was er niet.

    Toen men dit veld niet meer kon gebruiken, werd een andere koeweide gevonden. Hier is echter ook niet zo lang gespeeld en de club vond een locatie aan de Pastoorsdijk. Dit was wederom een wei voor koeien maar ditmaal met een prachtverblijf voor hen, waar de spelers ook gebruik van konden maken als kleedgelegenheid, met als voordeel dat zij water konden halen uit de Slingebeek.

    Maar het gebruik van deze weide was ook van tijdelijke duur. De volgende accommodatie vond men op de Bleke. Hier mocht de club een kleedgelegenheid bouwen aan de Slingebeek. Die kleed- en wasgelegenheid is door vrijwilligers gebouwd met stenen van het voormalige station van de Gelderse Tram. De stroom mocht, met toestemming van de PGEM, worden afgetapt bij Johan Ebbers. Maar daarvoor moest eerst nog een kabel door de Slingebeek gegraven worden. Gelukkig was het dat jaar een zeer droge zomer en konden de kabels door de bedding van de beek worden gebracht.

    Nadat de locatie op de Bleke werd aangewezen voor woningbouw moest de club opnieuw verhuizen. Ditmaal zorgde de gemeente echter voor de oplossing en heeft het huidige sportpark aangelegd.

    Tot de jaren 30 van de vorige eeuw liep hier de gracht die het vestingstadje in voorbije eeuwen moest beschermen tegen de vijand. Anno 2022 ligt er een voorstel om het sportpark te verplaatsen richting Slingeplas en dit deel van de gracht weer te herstellen.

  • AD’69

    AD’69

    Voetbalvereniging

    Voetbalvereniging AD’69 is ontstaan uit een fusie tussen vv Aalten en DVO in het jaar 1969. In dit jaar werd ook het huidige Sportpark Zuid in gebruik genomen. Dit sportpark is in de loop der jaren uitgebreid en vernieuwd.

    In 2018 ging het sportpark op de schop en werd het een multifunctioneel sportpark waar diverse verenigingen van gebruikmaken, zoals de schaatsvereniging en de wielervereniging. De vereniging telt ongeveer 500 leden en speelt in de 3e klasse KNVB.

    AD'69-logo

    vv Aalten

    Ruim een eeuw geleden kwamen de meest getalenteerde voetballers van diverse buurtclubjes zoals de Stationsstraat, club Dal, Ormelstraat en anderen, bijeen tijdens een luidruchtige openluchtbijeenkomst. Hierbij werd, middels een soort van fusie, de vv Aalten opgericht. Een precieze datum is niet te achterhalen, maar men houdt wat dat betreft vast aan februari 1920.

    In 1968 zocht vv Aalten naar een vernieuwde verlichting op het trainingsveld, tevens speelveld. vv Aalten beschikte maar over één speelveld, waarop in het seizoen ’68/’69 vijf seniorenelftallen zouden gaan voetballen. Om daar ook nog op te trainen stond de KNVB niet toe, ook omdat de junioren en pupillen op dit veld moesten spelen.

    DVO

    In begin van de jaren 30 van de vorige eeuw besloten een aantal jongeren van rooms-katholieke huize in Aalten om in RK verband te gaan voetballen. Er was anno 1934 al een soort straatclubje bezig, waarbij het merendeel van de spelers ‘Rooms’ was. Dit ploegje droeg de naam DOS, oftewel Door Oefening Sterk. Ook Willem Derksen speelde daarin mee. Hij was één van de initiatiefnemers van Door Vrienden Opgericht. DVO dus! Een naam die trouwens al vrij snel werd vertaald als Dood Voor Ogen! Of er zo fanatiek gespeeld werd?

    Rond 1968 had DVO, net als vv Aalten, eveneens een veldprobleem dat steeds nijpender werd.

    AD'69

    Fusie

    Anno 1967 bleek de bereidheid tot samengaan nog niet aanwezig, al werd er door het gemeentebestuur al wel druk uitgeoefend. Terreinnood bij de vv Aalten en AZSV was mede aanleiding hiertoe. Een plan voor Sportpark Zuid werd gelanceerd. In ’68 verschoof vv Aalten het grootste probleem, de accommodatie, naar gemeentelijke zijde door kampioen te worden. Want volgens de voorschriften van de KNVB moest de accommodatie bij promotie een fikse opknapbeurt krijgen.

    Op 30 december 1968 kwamen beide verenigingen bijeen om over een fusie te stemmen. Uitslag 82 voor en 3 tegen. De fusie was dus in het vooruitzicht. Onder leiding van de toenmalige voorzitters, J. Obelink (vv Aalten) en J. Schuirink (DVO) werd alles op een rijtje gezet. Zo werden er clubkleuren uitgekozen. Voorgesteld werd een wit tenue met groene kousen en embleem of een streep over het shirt.

    Op 27 februari 1969 was het dan zover. De laatste ledenvergaderingen werden gehouden, door vv Aalten bij café Leuven en door DVO bij café De Driesprong. Met 60 voor en 1 tegen bij de vv Aalten en met 52 voor en 4 tegen bij DVO was de fusie een feit.

    Bron


  • AZSV

    AZSV

    Voetbalvereniging

    De Aalten Zaterdag Sportvereniging (AZSV) werd opgericht op 5 juni 1948. De eerste voorzitter was ds. Kroneman en de heren Van Huet en Lievers waren de eerste secretaris respectievelijk penningmeester.

    AZSV telde bij de oprichting 35 leden en startte met voetballen op een terrein aan de Bodendijk. Daarna speelde het een tijdje op de Molenkamp en aan de Bocholtsestraat. In 1958 vestigde AZSV zich op het huidige sportpark Villekamp aan de Haartsestraat. Er werd een heuse kleedaccommodatie gebouwd. Ook kwam er een trainingsveld met een lichtinstallatie.

    Sportief was er in 1965 een eerste hoogtepunt met het behalen van het kampioenschap. Het ledental nam gestaag toe. Om tegemoet te komen aan de eisen van de tijd begon men in 1966 met de bouw van een nieuw clubgebouw. De realisatie werd volledig uitgevoerd door vrijwilligers van de club.

    In 1970 was er een nieuw sportief succes met de promotie naar de derde klasse. Het 25-jarig jubileum werd gevierd in 1973 met onder andere een wedstrijd tegen FC Twente, dat AZSV keeper Eddy Pasveer had gecontracteerd. In 1977 startte AZSV met een zaalvoetbalafdeling. Bovendien organiseerde men voor het eerst een D-pupillentoernooi. AZSV bleef intussen doorgroeien qua ledental. AZSV besloot te starten met een F-pupillenafdeling voor kinderen vanaf 6 jaar.

    Sportieve hoogtepunten

    Begin jaren 80 deed sponsoring haar intrede bij AZSV. Zo verzekerde de club zich jaarlijks van een leuke bron van inkomsten. Augustus 1981 werd een nieuwe mijlpaal in de geschiedenis van AZSV. Het eerste vrouwenteam werd samengesteld en ingeschreven in de competitie. In 1983 zag het straatvoetbaltoernooi het levenslicht. Ieder jaar strijden honderden spelers en speelsters in de maanden mei en juni 14 dagen lang om het Aaltens straatvoetbalkampioenschap. Maar bovenal genieten zij van de gezelligheid die het toernooi met zich meebrengt.

    In 1987 behaalde AZSV met Heren 1 een nieuw sportief hoogtepunt. Zij werden kampioen en promoveerden naar de tweede klasse. Het 40-jarig jubileum in 1988 werd op grootse wijze gevierd met een fantastische feestweek. Om de club moreel en financieel te steunen werd in 1989 de supportersvereniging opgericht. In 1992 schreef de club geschiedenis met de promotie van Heren 1 naar de hoogste klasse van het zaterdagvoetbal, destijds de eerste klasse. Het werd een verblijf van één jaar.

    In het jaar werd ook de stichting Villekamp opgericht. Ook verrees er een overdekte tribune met 350 zitplaatsen waaronder zich nu ook een krachthonk, ontvangst-, kleed-, en fysioruimten bevinden. Het 50-jarig jubileum werd in 1998 uitbundig gevierd met o.a. de uitgave van een jubileumboek. AZSV kon haar duizendste lid verwelkomen in 2001. In het zelfde jaar kon Heren 1 het in de eerste klasse niet bolwerken. Dit leidde tot degradatie om het jaar erop direct weer terug te keren naar de eerste klasse. Dit was de op één na hoogste klasse in het zaterdagvoetbal, omdat er een hoofdklasse was toegevoegd. De AZSV-vrouwen nestelden zich stap voor stap in hogere klassen. Meer en meer meisjes ontdekten het plezier in het voetballen bij AZSV.

    Voetbalschool

    In 2007 werd de AZSV voetbalschool opgericht waardoor kinderen vanaf 4 jaar het voetbal konden spelen in een wereldkampioenschapcompetitie. Met het 60-jarig jubileum verscheen in 2008 het boek ‘A.Z.S.V-1 aller tijden’. In het jubileumjaar degradeerde Heren 1 helaas naar de 2e klasse.

    AZSV en de gemeente Aalten kwamen in 2011 overeen het onderhoud van het sportpark over te dragen aan AZSV. De club kreeg daarbij de beschikking over twee en een half kunstgrasvelden waardoor vooral de trainingsfaciliteiten enorm verbeterden.

    Promotie en groei

    Heren 1 promoveerde in 2011 naar de eerste klasse. Twee seizoenen later promoveerden zij opnieuw, ditmaal naar de Hoofdklasse, waarin het sindsdien speelt. De jeugdteams van AZSV speelden stap voor stap op een hoger niveau. Op dit moment komen enkele jeugdteams uit in de Hoofdklasse en de Landelijke Divisie. Het ledenaantal groeide door tot 1300 in 2015 waaronder 175 vrouwen en meisjes. In 2017 promoveerde Vrouwen 1 naar de Landelijk 1e klasse en werd het meisjesteam Onder 19 jaar kampioen van de Hoofdklasse.

    In de periode 2015-2017 werd een groots project uitgevoerd wat leidde tot de renovatie en uitbreiding van kleedkamers. Last but not least is in de voorbije zomer de kantine flink opgeknapt. AZSV kan hiermee haar leden en gasten ontvangen in een ruimte met een frisse en eigentijdse uitstraling. Het vele dat er gebeurd is, is ook de ambitie die AZSV in de toekomst wil behouden. AZSV wil een club blijven met sportieve ambities, maar bovenal gastvrij zijn, een plek blijven waar iedereen graag naar toe gaat!

  • Molen De Hoop / van Klomps

    Molen De Hoop / van Klomps

    Molenstraat 5, Aalten (verdwenen)

    Meer dan honderd jaar domineerde molen De Hoop het beeld van de Molenstraat in Aalten. In het voorjaar van 1968 was het echter definitief gebeurd.

    De wieken waren al lang verdwenen, de bovenste twee meter van de romp waren geofferd voor het bouwen van een woning en toen er in de loop van de jaren zestig ook geen markt meer was voor de laatst overgebleven functie, het zagen van boerengeriefhout, gingen de molen met bijgebouwen tegen de grond. Vier nieuwbouwwoningen kwamen ervoor in de plaats.

    Oprichting

    Op 2 november 1852 besprak de Aaltense gemeenteraad een bouwaanvraag van de heren Freriks en Buenk voor een “steen-, wind-, koren-, mout- en schorsmolen”. Dit laatste duidt op het malen van eikenschors, bestemd voor de leerlooiers. Er waren geen bezwaren en de vergunning werd verleend. De bouw van de molen vond plaats op een stuk grond, noordwestelijk van Aalten.

    Nog tijdens de bouw dienden genoemde heren een verzoek in om de molen “ook te mogen inrichten tot het schellen van garst en giers en het slaan van olie”. Ook dit werd toegestaan. De molen kreeg de naam ‘De Hoop’. Zes jaar later verkocht Derk Jan Buenk zijn onverdeelde helft van de molen “annex getimmert, erf en verder toe en aanbehooren” voor ƒ 2500 aan zijn compagnon Johannes Theodorus Freriks.

    Molenaar was Gerrit Jan Lammers. Hij kocht enkele jaren later de molen en zijn zoon Johannes Christiaan (Jehan) Lammers volgde hem op als molenaar.

    De molen werd aanvankelijk gebruikt voor het malen van graan en het persen van olie uit rapen. Later kwam de houtzagerij er bij. Berend Willem Klomps nam de molen in 1923 over van Lammers. Hij bleef tot eind jaren vijftig molenaar. In de laatste jaren voor de sloop was het gebouw eigendom van de Coop. Landbouwvereniging.

    In de loop der jaren werden nog diverse andere energiebronnen ingezet om de machines in beweging te krijgen. Een tijdlang heeft het bedrijf gedraaid op een gasmotor, die werkte op stadsgas. Later was er een dieselmotor voor het zware werk. De laatste jaren gebeurde alles elektrisch.

    Sloop

    In de Graafschapbode van mei 1968, aan de vooravond van de sloop, wordt de historie van de molen beeldend beschreven.

    „Eerst ruisten zijn ranke wieken door de lucht, voortgedreven door de wind om met hun kracht de oude houten tandwielen in beweging te brengen, die op hun beurt zorgden voor de voortbeweging van de werkmechanismen. Maar toen de tijd haastig werd en men niet langer afhankelijk kon zijn van de grillen van het weer, besloot de toenmalige molenaar, de heer Lammers, dat de wieken eraf gehaald zouden worden. Van toen af werd het bedrijf beheerst door het dreunen van de locomobiel, een verplaatsbare stoommachine.”

    Vóór 1930 werd de molen al gemechaniseerd. De overgebleven romp werd in 1968 gesloopt.

    In 1969 werd er op het terrein van de voormalige molen een diepe waterput gevonden.

    Hoewel de molen zelf al vele decennia uit het straatbeeld is verdwenen, leefde de naam nog lange tijd voort. De bijnaam van de familie Lammers aan de Varsseveldsestraatweg luidde vele jaren later nog steeds ‘Lammers van de Hoopmölder’.


    Archieven

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten B274 > Aalten B279

    Adresboek 1934

    Aalten B279 > Molenstraat 5

    Molen

    Adresboek 1967

    Molenstraat 5

    Molen

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-55/54
    FunctieMolen
    Bouwjaar1853
    Sloop1968

    Bronnen


  • Watertoren

    Watertoren

    Ringweg 19, Aalten

    De watertoren in Aalten is ontworpen door de Lochemse architect G.J. Postel Hzn in de stijl van de Delftse School en werd gebouwd in 1943.

    De watertoren ligt ten noorden van het dorp, aan de Ringweg, heeft een hoogte van 37,15 meter en heeft twee waterreservoirs van 375 m³ en 195 m³.

    De toren is niet (meer) geopend voor bezichtiging.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.L-1838
    FunctieWatertoren
    Bouwjaar1943
    MonumentGemeentelijk
    monument
  • Gebouw Patrimonium

    Gebouw Patrimonium

    Hofstraat 5, Aalten (verdwenen)

    De Aaltense afdeling van het Nederlandsch Werkliedenverbond Patrimonium werd opgericht in 1893. Patrimonium betekent “vaderlijk erfdeel”. De eerste steen voor gebouw Patrimonium aan de Hofstraat werd gelegd in 1926. De voorzitter van het Werklieden Verbond de heer A.J. Heinen overhandigde destijds burgemeeester A.J.W. Monnik één van de stenen voor het gebouw.

    Op 16 december 1937 vond in het gebouw de oprichtingsvergadering plaats van de ‘Landbouwjongeren vereniging’. In bijna alle omliggende plaatsen rond Aalten had men verenigingen van jonge landbouwers, al dan niet aangesloten bij de B.O.G. In de volksmond stond deze afkorting voor Bond van Oud Gediplomeerden. Deze bijeenkomst is één van de oudst bekende vermeldingen uit de geschiedenis van gebouw Patrimonium.

    Later ontstond hieruit samen met de B.O.H.L. Jong Gelre. In het gebouw werden begrafenisdiensten gehouden. De Christelijke Plattelandsvrouwen hielden er hun maandelijkse bijeenkomsten. Het gebouw was vroeger de eerste repetitieruimte van de Christelijke Muziekvereniging ‘De Eendracht‘ Aalten.

    Achterin het gebouw was een bibliotheek gevestigd. Op de woensdagmiddag organiseerden een aantal dames er knutselmiddagen met o.a. mevrouw te Paske. Ook de ARP (Anti-Revolutionaire Partij) vergaderde er regelmatig. Ook werden hier schoolavonden, waaronder het kerstfeest, gehouden van de Groen van Prinstererschool en de Wilhelminaschool.

    Rond 1970 werd gebouw Patrimonium gesloopt. Vervolgens bouwde men op deze plek een nieuwe bibliotheek. Later nam de GUV (Gelderse Uitvaart Verzorging) het pand in gebruik en tegenwoordig is hier een tandartsenpraktijk gevestigd.


    Adresboek

    Adresboek 1934

    Aalten D600/1 > Hofstraat 5

    “Patrimonium”

    Adresboek 1967

    Hofstraat 5

    Geb. ,,Patrimonium”
    Chr. Openb. Uitleen Bibliotheek

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-10246
    FunctieVerenigingsgebouw,
    bibliotheek
    Bouwjaar1926
    Sloopca. 1970
  • Kraamcentrum

    Kraamcentrum

    Willemstraat 19, Aalten (verdwenen)

    Aan de Willemstraat bevond zich van 1952 tot het begin van de jaren zeventig het Kraamcentrum. Het was gevestigd in de villa van wijlen pijpenfabrikant Willem Gussinklo senior. Hier werden spreekuren gehouden, kraamverzorgsters opgeleid en ook woonden hier van tijd tot tijd leidsters van de kraamverzorging.

    In 1978 werd de inmiddels leegstaande villa verwoest door een grote uitslaande brand, veroorzaakt door kinderen die in het onbewoonde pand met lucifers aan het spelen waren. De villa stond toen al op de nominatie om te worden gesloopt en plaats te maken voor nieuwe woningen.

    In Dagblad Tubantia stond op 23 augustus 1955 een uitgebreide beschrijving van het Kraamcentrum in Aalten:

    Als het kindje wordt verwacht…

    Kraamcentra bieden deskundige hulp Verzorgsters ontvangen een gedegen opleiding

    De tijd is voorbij, dat bij de geboorte van een baby steevast een bejaarde buurvrouw kwam of de hulp van een baker werd ingeroepen. Misschien treft men hier en daar nog wel eens een baker aan, een mens van goeden wille overigens en dikwijls een gezellig mens ook voor de moeder en de verdere huisgenoten, maar dat worden toch van lieverlede uitzonderingen. Er is, zo wordt tegenwoordig door velen beseft, meer nodig dan een goedwillende vrouw, die het kind wast en enkele andere noodzakelijke werkjes doet; de kraamverzorgster is in de meeste gezinnen, waarin een baby is gekomen geen vreemde meer.

    Op initiatief van de kruisverenigingen zijn in geheel Nederland kraamcentra opgericht, waaraan meisjes zijn verbonden, die een gedegen opleiding hebben ontvangen en voor haar taak tenvolle zijn berekend. Eén van de kraamcentra in Oost-Gelderland bevindt zich in Aalten. Het gaat uit van het Groene Kruis en werkt nauw samen met het Oranje-Groene Kruis en bestrijkt de gemeenten Aalten, Dinxperlo, Wisch, Winterswijk en Eibergen.

    A.s. moeders kunnen enkele maanden voor de blijde gebeurtenis wordt verwacht, contact opnemen met het kraamcentrum. In een vertrouwelijk onderhoud met de leidster-docente of met haar assistente kunnen vele zaken, betrekking hebbend op het gezin en op de a.s. geboorte, worden besproken.

    Ook ontvangt men een formulier, waarop diverse vragen staan, die moeten worden ingevuld. Deze vragen betreffen o.a. de datum, waarop de baby wordt verwacht, de verloskundige die men heeft en de kraamverzorgster, die men bij voorkeur zou hebben. Met die voorkeur wordt zoveel mogelijk rekening gehouden, een garantie kan echter niet worden gegeven, omdat het mogelijk is dat het gewenste meisje op de dag, waarop de blijde, gebeurtenis plaats vindt, juist in een ander gezin is.

    Betaling naar inkomen

    Op het formulier, dat bij het eerste bezoek aan het kraamcentrum wordt verstrekt, komt ook een vraag voor naar het inkomen. Het invullen van deze vraag is van groot belang met het oog op de betaling van de verzorging. Deze geschiedt namelijk naar draagkracht. Een belangrijk deel van de kosten van de kraamverzorging en de opleiding van de kraamverzorgsters wordt verkregen uit subsidies van rijk en gemeenten.

    Vóór de dag, waarop de baby wordt verwacht, komt de leidster-docente van, het kraambureau of haar assistente een bezoek brengen aan de a.s. moeder. Dit dient om met haar te overleggen, wat zoal moet worden aangeschaft en na te gaan of hetgeen is aangeschaft, aan redelijke eisen voldoet. Dit bezoek geeft veel moeders een gevoel van rust en zekerheid, omdat het kraamcentrum een gedeelte van de verantwoordelijkheid overneemt. Is het moment, waarop de baby spoedig kan worden tegemoet gezien, daar, dan heeft de vader niets te doen dan naar het kraamcentrum te gaan en te verzoeken een verzorgster te zenden. Dit verzoek kan ook telefonisch worden gedaan.

    De kraamverzorgster komt

    Onmiddellijk daarna komt dan het kraamcentrum in actie. Een kraamverzorgster, die vrij is – zo mogelijk de gevraagde – ontvangt bericht, dat haar komst in het betrokken gezin noodzakelijk is. De kraamverzorgster begeeft zich dan direct naar dit gezin. Voor veel a.s. vaders is de komst van deze kraam verzorgster een grote opluchting. Hij weet zich dan met zijn vrouw in de nabijheid van een deskundige, die weet wat er moet gebeuren en die op tijd de dokter of de vroedvrouw zal waarschuwen…

    Bij de geboorte assisteert de kraamverzorgster uiteraard maar daarna begint haar eigenlijke werk pas. Tien dagen lang blijft zij in het gezin. Zij verzorgt de moeder en de baby op deskundige wijze, zoals haar tijdens de opleiding is geleerd. Zij zorgt dat het gezinsleven zoveel mogelijk zijn gewone loop kan hebben door het eten te bereiden, zij gaat naar de deur voor de bakker en de melkboer en ontvangt de visite en ook de luierwas is bij haar in goede handen.

    Wat betreft het ontvangen van visite waakt de kraamverzorgster er o.a. voor dat, vooral de eerste dagen na de bevalling, de drukte voor de jonge moeder niet te groot wordt. Langdurige bezoeken aan de moeder met opwindende gesprekken zal de kraamverzorgster zeker niet toestaan.

    Dat de verzorging van moeder en kind gedurende de tien dagen, dat de kraamverzorgster van ’s morgens zeven tot des avonds zeven in het gezin de scepter zwaait, haar eerste en belangrijkste taak is, is natuurlijk duidelijk.

    De door de erkende kraamcentrums opgeleide verzorgsters zullen hun best doen om moeder en kindje zo goed mogelijk te verzorgen. Op deze verzorging vindt contrôle plaats door de leidster-docente of de assistente van het bureau. Een goede verzorging is ook uit zakelijk oogpunt voor de erkende kraamcentra van belang, want een kraamcentrum, dat het met de verzorging niet serieus neemt, kan de subsidie verspelen.

    Opleiding

    De regering heeft het nut ingezien van een goede verzorging van moeder en kind en heeft een Commissie inzake Kraamhulp opgericht. Deze commissie heeft richtlijnen vastgesteld voor de opleiding van de kraamverzorgsters. De opleiding geschiedt doorgaans aan de Kraambureaux en duurt vijftien maanden.

    De leidster-docente, die in het bezit is van de diploma’s ziekenverpleging, kraamverpleging en wijkverpleging, geeft een gedeelte van de lessen, samen met een districts-kinderarts en eventueel een vrouwenarts. Het betreft de praktische lessen in de verzorging, gynaecologie en zuigelingenzorg. Aan een huishoudschool volgen de leerlingen een cursus in koken en wassen en op het Consultatiebureau voor zuigelingen doen zij praktische kennis op.

    Na de opleiding

    Heeft een leerling-kraamverzorgster met vrucht de cursus gevolgd, dan wordt zij toegelaten tot een examen, waarbij een gedelegeerde van de overheid aanwezig is. De geslaagden ontvangen daarna een broche, waarop een ooievaar staat afgebeeld met in de rand het woord: kraamverzorging. De leerling-kraamverzorgster draagt een ovaal insigne, waarop een spartelende baby voor komt.

    Deze insignes mogen alleen worden gedragen door meisjes, die verbonden zijn aan erkende kraamcentra. Het beroep van kraamverzorgster is (nog) niet beschermd en daarom zijn deze speldjes voor de moeders, die een kraamverzorgster nodig hebben, de enige garantie, dat men ook een kraamverzorgster heeft, die voor haar taak is berekend en onder deskundige controle staat.

    Niet beschermd

    Uit de kring van de medici komen de laatste tijd vele stemmen, die pleiten voor bescherming van het beroep van kraamverzorgster waarvan de opleiding dan uiteraard ook uitsluitend dient te geschieden door de erkende kraambureaux.

    Men vraagt zich in medische kringen ook af of het niet gewenst zou zijn de vijf en vijftig gulden “kraamgeld” uit te keren aan de erkende kraamcentra in plaats van aan de gezinnen. Het zou, zo meent men, de zorg voor moeder en kind ten goede komen.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1890I-3977Willem te Gussinklo, minderjarige, koopman940 m² huis en tuin
    1929I-6257Maria Jacoba Gangel e.c.1.200 m² huis, tuin
    1959I-8198Willem te Gussinklo jr., fabrikant1.370 m² huis, tuin
    1978K-359Stichting “Centrum voor Kraamzorg
    van het Groene Kruis”, Aalten
    1.370 m² huis, tuin, garage

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 130

    Willem te Gussinklo (Aalten, 13-11-1852), kunstdraaier
    Maria Jacoba Gangel (Beekbergen, 21-01-1855)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 149 > 182

    Willem te Gussinklo (Aalten, 13-11-1852), fabrikant
    Maria Jacoba Gangel (Beekbergen, 21-01-1855)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten A182 > A182

    Willem te Gussinklo (Aalten, 13-11-1852), fabrikant
    Maria Jacoba Gangel (Beekbergen, 21-01-1855)

    Adresboek 1934

    Aalten A182 > Willemstraat 19

    Wed. W. te Gussinklo

    Adresboek 1967

    Willemstraat 19

    Kraamcentrum
    Mej. M. Wilbrink
    Mej. B.G. Lammers
    Mej. R.B. Wiggelo
    Mej. E.C. Hennink

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-1455
    FunctieKraamcentrum
    Bouwjaarca. 1890
    Afgebrand1978

    Bronnen


  • Julianaschool

    Julianaschool

    Wilhelminastraat 22, Aalten (verdwenen)

    De Julianaschool in Aalten was de streekschool voor Christelijk Buitengewoon Lager Onderwijs (BLO). Het was een voorziening voor moeilijk lerende kinderen, een initiatief dat brede steun ondervond uit Aalten en omliggende gemeenten.

    Het initiatief tot de oprichting van de Julianaschool kwam van ds. Gerritsma, ds. Plug, dr. Jenny en de heren Swijtink en Westerveld. De schoolvereniging werd opgericht op 14 april 1937. Na 2½ jaar van voorbereiding werd de Julianaschool op 3 november 1939 geopend.

    De school was gehuisvest in een markant, groen, houten gebouw, ontworpen door de Aaltense architect Willem Hebly.

    Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog werd het gebouw tijdelijk omgedoopt tot ‘Prins Bernard Kazerne’ en de uitvalbasis van het Dutch National Battalion.


    Archieven

    Adresboek 1967

    Wilhelminastraat 22

    B.L.O.-School (Julianaschool)

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-10979/10978
    FunctieSchool
    Bouwjaar1939
    Slooponbekend

    Bronnen


  • Wilhelminaschool

    Wilhelminaschool

    Stationsstraat 8, Aalten (herbestemd)

    De Wilhelminaschool was een protestants-christelijke lagere school in Aalten, opgericht in 1884. De school begon aan de Hogestraat en verhuisde rond 1925 naar een nieuw gebouw aan de Stationsstraat. Begin deze eeuw ging de school op in basisschool De Triangel. Het voormalige schoolgebouw heeft tegenwoordig een nieuwe bestemming als bed & breakfast.

    De Wilhelminaschool begon in 1884 aan de Hogestraat in Aalten, in wat later bekend werd als gebouw ‘Irene’. Rond 1925 verhuisde de school naar de Stationsstraat, waar vele generaties Aaltenaren onderwijs hebben genoten.

    De school werd in 1925 feestelijk in gebruik genomen. Door snelle groei van het leerlingenaantal vond al in 1930 een uitbreiding plaats: er werd een verdieping met twee extra lokalen bijgebouwd. Bekende leerkrachten van vroeger waren onder anderen juffrouw Lammers, meester Hengeveld, juffrouw Van Diemen de Jel, meester Van Boven en juffrouw Drupsteen.

    Op de voorgevel van het gebouw staat prominent de naam van de school, met daaronder de tekst: ‘School met den Bijbel’. In 2009 ontstond ophef toen deze tekst door de gemeente Aalten werd verwijderd. Na protest uit de gemeenschap is de verwijdering snel teruggedraaid.

    Begin deze eeuw ging de Wilhelminaschool, samen met de Ds. Stegemanschool en De Morgenster, op in basisschool De Triangel.

    Na de sluiting verloor het gebouw zijn onderwijsfunctie. De gemeente Aalten nam het pand vervolgens tijdelijk in gebruik als kantoorruimte. Rond 2018 werd het pand verkocht en kreeg het haar huidige bestemming als B&B De Wilhelminaschool.


    Adresgeschiedenis

    Adresboek 1934

    Aalten A129 > Stationsstraat 8

    Wilhelminaschool

    Adresboek 1967

    Stationsstraat 8

    Wilhelminaschool

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-13189
    FunctieBasisschool,
    Kantoor, B&B
    Bouwjaar1935
    Monumentnee
  • Beatrix Kleuterschool

    Beatrix Kleuterschool

    Oosterkerkstraat 22, Aalten (verdwenen)

    Deze school werd gebouwd in 1956 en afgebroken in 1988. De school werd destijds gebouwd volgens de laatste richtlijnen die voortkwamen uit de nieuwe ‘Wet op het Kleuteronderwijs’ uit 1956. In de beginjaren van deze kleuterschool kwamen er delegaties uit het hele land kijken naar deze moderne school.

    In 1990 werden op de leeggekomen plek huizen gebouwd.


    Adresboek 1967

    Oosterkerkstraat 22

    Beatrix Kleuterschool

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11514/11515/
    11516/11517
    FunctieKleuterschool
    Bouwjaar1956
    Sloop1988
  • Jongerencentrum ’t Ankertje

    Jongerencentrum ’t Ankertje

    De Hoven 2, Aalten

    Gereformeerd Jeugdcentrum, 't Ankertje, De Hoven, Aalten

    Jongerencentrum ’t Ankertje werd geopend in september 1967, als resultaat van een initiatief binnen de Gereformeerde Kerk van Aalten. Begin jaren zestig groeide het jeugdwerk sterk en ontstond de behoefte aan een eigen ruimte.

    In 1960 stelde een speciaal comité zich ten doel een gereformeerd jeugdcentrum op te richten. Na instemming van de kerkenraad werd besloten het gebouw te realiseren achter de Westerkerk.

    De naam ’t Ankertje werd later aan het centrum gegeven, dat jarenlang een belangrijke plek was voor jongerenactiviteiten in Aalten.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-471
    FunctieJongerencentrum
    Bouwjaar1967
    Monumentnee
  • Marechausseekazerne

    Marechausseekazerne

    Ringweg 39, Aalten

    De marechausseekazerne Aalten werd gebouwd rond 1937. Voorheen was de marechaussee gevestigd bij de grensovergang Heurne-Hemden. Het pand bevatte drie woningen, bestemd voor de marechausseegezinnen en een dienstgedeelte, dat groter was dan de andere gedeeltes. Ook waren er extra kamers voor ongehuwde ambtenaren. Deze moesten een bepaald aantal jaren bij de marechaussee zijn, voordat ze mochten trouwen en woonden daarom intern.

    Het dienstgedeelte bevatte twee arrestantencellen en de drie woningen waren allen voorzien van een ‘gaskelder’, om te schuilen als er een oorlog met gasaanvallen kwam. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is naast de kazerne een V-1 bom gevallen, doch gezien de degelijke bouw van militaire objecten heeft de kazerne nagenoeg geen schade opgelopen.

    Tweede Wereldoorlog

    Toen op 10 mei 1940 de oorlog uitbrak, waarschuwde wachtmeester Sijbring – die nachtdienst had – de marechaussees voor de Duitsers. Een aantal vluchtte per fiets door de Wolboom richting Bronkhorst, waar ze de IJssel overstaken. Daar konden ze worden ingezet bij de verdediging van Nederland.

    Als er in de oorlog mensen werden opgepakt bracht men ze óf naar het gemeentehuis, waar de NSB zat, óf naar de marechausseekazerne. Daar zaten nog een aantal marechaussees. Zo werd ook op een keer ome Jan Wikkerink opgepakt en naar de kazerne overgebracht. De verzetsstrijders maakten snel een plan om hem te bevrijden. Met marechaussee Bruggeman jr. – zijn bewaker – sprak men af dat men hem een blauw oog zou slaan en bedwelmen met chloroform. Zo bevrijdde men ome Jan. Toen even later de SD kwam en de bewaker aantrof met een blauw oog en nog nauwelijks bijgekomen, geloofde men zijn verhaal en kwam hij niet in moeilijkheden.

    Woningen

    De marechausseekazerne werd gesloten op 1 maart 1968. Daarna is het gebouw overgegaan naar de Rijksgebouwendienst. In 1989 zijn de woningen verkocht aan de huurders en in particulier bezit gekomen.


    Archieven

    Adresboek 1967

    Ringweg 39

    Marechausseekarzerne

    Kenmerken


    Kadastraal nr.L-1508/1507/
    2643/1332
    FunctieMarechaussee-
    kazerne,
    Woningen
    Opening1937
    Sluiting1968
    Monumentnee
  • Oude Gevangenis

    Oude Gevangenis

    Prinsenstraat 40, Aalten

    De voormalige gevangenis aan de Prinsenstraat in Aalten werd in 1861 in neoclassicistische stijl gebouwd als kantonnaal huis van bewaring met zes cellen en een cipierswoning. In 1886 verviel de kantonnale status, maar het gebouw bleef tot de Tweede Wereldoorlog in gebruik als gemeentelijke gevangenis. Tegenwoordig heeft het pand een woonbestemming.

    Een inventarislijst uit 1933 noemt nog ‘meubilair en overige goederen behorend tot de gevangenis in de Achterstraat’ (de oude naam van de Prinsenstraat). Vóór 1861 bevond het plaatselijke cachot zich aan de Landstraat.

    In 1937 beschreef G.H. Rots in een serie artikelen hoe het er in vroeger tijden in Aalten aan toeging. Het volgende schreef hij over de oude gevangenis:

    “Voor kantongerechtzaken behoefde men niet ver te loopen. In ons goede dorp zetelde immers de kantonrechter en werd het kantongerecht in het gemeentehuis gehouden. De gevangenis te Aalten was ook ingericht voor bewaring van gevangenen, langer dan een etmaal. Een cipier was daarvoor aangesteld en lange jaren heeft Wessel te Brake dit baantje vervuld. Hij heeft voor de richtige nakoming van voeding en verzorging der gevangenen een contract moeten teekenen en daarvoor ook nog eenige borgen moeten stellen. Als bijzonderheid publiceeren wij hier het afschrift van dit contract:

    Tusschen het College van Toezicht over het huis van bewaring te Aalten ter eener, en Wessel te Brake, cipier der gevangenen wonende te Aalten, ter andere zijde is op heden aangegaan het navolgende contract wegens het onderhoud der gevangenen gedurende het jaar 1862 en zulks voor den prijs van vijftig cents per gevangene daags.

    Artikel Een.

    De Aannemer verbindt zich tot voeding en verpleging der gevangenen in bovengenoemd huis aan ieder derzelven dagelijks te zullen verschaffen:

    • A. Vier oncen roggebrood van zuiver gebakken meel.
    • B. Drie maatjes warm drinken bestaande uit een deel zoete melk en vier deelen gekookt water.
    • C. Des middags een voedzame middagspijs ten minste overeenkomstig den voedingsstand vastgesteld voor de gevangenen in het algemeen.
    • D. Des avonds twee en een half once goed gebakken roggebrood als boven en twee en een half maatje warme drank, bestaande uit vier deelen gekookt water en een deel zoete melk met vijf wigtjes koffij en de noodige cichorij.
    • E. Het verder noodige drinkwater.

    Artikel Twee.

    De onderscheiden voedingsartikelen moeten van goede qualiteit zijn en naar den eisch gereed gemaakt worden en zullen steeds aan de goedkeuring van het College van Toezicht onderworpen zijn naar welker uitspraak de Aannemer zich zal hebben te gedragen.

    Artikel Drie.

    De Aannemer zal ook gehouden zijn in voorkomende gevallen aan de zieke gevangenen zoodanige spijs en drank te verschaffen als de geneeskundige zal voorschrijven met uitzondering van de geneesmiddelen.

    Artikel Vier.

    De Aannemer zal worden betaald binnen twee maanden na inlevering zijner driemaandelijksche of jaarlijksche declaratie.

    Artikel Vijf.

    In de voorschreven declaratie en Staten zal hij wel den dag van de aankomst der gevangenen doch niet dien van het vertrek kunnen in rekening brengen. Indien echter de gevangenen bij hunne aankomst reeds het middagmaal mogten hebben genoten en zij slechts tot den volgenden dag overblijven, zoodat hun alleen het avondmaal en morgeneten wordt verschaft, of wanneer zij op den dag hunner aankomst weder mogten vertrekken, zoodat hun slechts het middagmaal wordt verstrekt, zal in zoodanige gevallen slechts een halve verpleegdag kunnen worden gedeclareerd. Voor het onderhoud van kinderen tijdelijk bij hunne ouders opgesloten zal de helft van den aannemingsprijs voor iederen geheelen verpleegdag mogen worden berekent. Van een en ander zal in de kolom van Aanmerkingen en den nominatieven staat de noodige melding moeten worden gemaakt.

    Artikel Zes.

    Van de onderhoudskosten der policiegevangenen welke ten laste komen der gemeenten waartoe zij behooren zal de Aannemer steeds afzonderlijke declaraties en nominatieve staten behooren in te dienen. Indien in bijzondere gevallen het noodig mogt zijn de gevangenis te verlichten of te verwarmen zal de Aannemer daarin moeten voorzien op zoodanige wijze als het College van Toezicht zal voorschrijven.

    Artikel Zeven.

    De kosten van zegel en registratie des contracts mitsgaders de zegelgelden der mandaten wanneer die meer dan tien gulden beloopen, komen ten laste van den Aannemer.

    Artikel Acht.

    Indien er eenig verschil mogt ontstaan over het recht verstand en de uitoefening der vorenstaande bepaling zal hetzelve beoordeeld en beslist worden door den Heer Commissaris des Konings in de provincie, zonder beroep op eenige andere autoriteit.

    Na voorlezing van bovengenoemde voorwaarden verklaart de Aannemer, Wessel te Brake, dit alles goed te hebben begrepen, dezelve te zullen opvolgen en tot richtige nakoming zijner verbindtenis te stellen als borgen Jan Wegchelaar, bode en Jan te Hoonte, veldwachter, beide wonende te Aalten welke overigen alhier tegenwoordig verklaren de door den Aannemer na te komen verplichting wel te kennen, zich solidair met hem voor de uitvoering er van aansprakelijk te stellen en aan alle exeptien te recuntieren, welke door hen als borgen zouden kunnen worden opgeworpen. En hebben de Aannemer en zijne borgen deze mede onderteekend.

    Gedaan te Aalten den 10den Dec. 1861. Het College van Toezicht over het huis van bewaring te Aalten,
    w.g. F.W.J. IMMINK (president)
    w.g. L. ROELVINK, secretaris.

    De Aannemer en de borgen:
    w.g. W. TE BRAKE
    w.g. J. WEGCHELAAR
    w.g. J. TE HOONTE.

    Het stuk werd te Groenlo geregistreerd. De kosten hiervan waren 20 cent plus 38 opcenten is 28 cent samen.”


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1862I-2633
    I-2634
    Het Collegie van toezigt over de
    kantonale gevangenis van Aalten
    280 m² gevangenis, erf
    205 m² huis, erf
    1891I-4414
    I-4415
    de Gemeente Aalten269 m² huis van bewaring & erf
    185 m² huis & erf
    1893I-4556
    I-4557
    de Gemeente Aalten265 m² huis van bewaring & erf
    179 m² huis & erf
    1941I-5611
    I-4557
    de Gemeente Aalten
    Antonius Johannes Veldhuis, koopman
    115 m² huis van bewaring
    179 m² huis & erf
    1967I-5611
    I-4557
    Bernardus Antonius Veldhuis,
    manufacturier
    115 m² ged. huis
    179 m² huis & erf

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1860-1870

    “Het Gevangenhuis”

    Aalten 183b

    Derk Jan te Brake (Aalten, 15-12-1833), cipier
    Hendrika Vervelde (Aalten, 20-02-1836)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 234

    Derk Jan te Brake (Aalten, 15-12-1833), cipier
    Hendrika Vervelde (Aalten, 20-02-1836)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 257

    Derk Jan te Brake (Aalten, 15-12-1833), cipier
    Hendrika Vervelde (Aalten, 20-02-1836)

    Volgende bewoners:

    Pieter de Vries (Winschoten, 18-05-1855)
    Elisabeth Wilhelmina Maters (Amsterdam, 04-01-1864)

    Volgende bewoners:

    Johannes Bijen (Weerselo, 19-03-1854), rijksveldwachter
    Johanna Gerharda Stockenbroek (Oldenzaal, 14-11-1861)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 248

    Johannes Bijen (Weerselo, 19-03-1854), rijksveldwachter
    Johanna Gerharda Stockenbroek (Oldenzaal, 14-11-1861)

    Volgende bewoners:

    Hendrik Jan Ansink (Aalten, 11-12-1863), schoenmaker
    Geesje van Aggelen (Zwolle, 19-07-1869)

    Volgende bewoners:

    Jacob Jitzes Sipsma (Bozum, 26-02-1862), veldwachter
    Margaretha Kuiper (Harlingen, 28-08-1860)

    Volgende bewoners:

    Koert Jan Balsters (Groningen, 03-04-1865), gem. veldwachter
    Grietje Morren (Scherpenzeel,14-03-1861)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 275 > 327

    Koert Jan Balsters (Groningen, 03-04-1865), gem. veldwachter
    Grietje Morren (Scherpenzeel,14-03-1861)

    Volgende bewoners:

    Jan Timmer (Haren/G, 17-12-1873), gemeenteveldwachter
    Alijda de Goede (Amersfoort, 30-03-1873)

    Volgende bewoners:

    Jacob Blom (Haamstede, 21-11-1865), gem. veldwachter
    Johanna Louisa ter Borg (Winterswijk, 09-02-1873)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten B327 > C334

    Jacob Blom (Haamstede, 21-11-1865), veldwachter
    Johanna Louisa ter Borg (Winterswijk, 09-02-1873)

    Bevolkingsregister 1920-1930

    Aalten C334

    Jacob Blom (Haamstede, 21-11-1865)
    Johanna Louisa ter Borg (Winterswijk, 09-02-1873)

    Volgende bewoners:

    Adresboek 1934

    Aalten C334 > Prinsenstraat 40

    H.J. Aalbers

    Volgende bewoners (na 1934):

    Bevolkingsregister 1930-1940

    Aalten C334

    Sieds Douma (Dronrijp, 09-07-1898), grondwerker
    IJbeltje de Jong (Oosterbierum, 12-07-1900)

    Adresboek 1967

    Prinsenstraat 40

    S. Douma
    J. Jansen

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11456
    FunctieHuis van Bewaring,
    Woonhuis
    Bouwjaar1861
    MonumentGemeentelijk
    monument
  • Sociëteit De Harmonie

    Sociëteit De Harmonie

    Hofstraat 13, Aalten (verdwenen)

    Op 18 februari 1873 werd de ‘Vereeniging tot bevordering van gezellig verkeer’ te Aalten opgericht. Het doel van de vereniging was om “binnen het dorp Aalten een gebouw met noodig terrein in te rigten ten dienste van societeiten, lees- en landbouwvergaderingen, rederijkers-, zang- en muziekgezelschappen of van andere bijeenkomsten, strekkende om maatschappelijke beschaving door gezellig verkeer te bevorderen“. Op het Blik, op de hoek van de Hofstraat met de Herenstraat, werd datzelfde jaar een sociëteitsgebouw gerealiseerd.

    In de Sociëteit werden naast bruiloften en feesten allerlei activiteiten georganiseerd, zoals door Floralia, die tentoonstellingen hield. Er werden dan stekjes uitgedeeld. Deze kon men laten opgroeien tot een plant. Op de tentoonstelling bekeek een vakkundige jury wie de mooiste plant had gekweekt.

    Niet alleen Floralia was te gast in de Soos, ook Symphonia, een zangvereniging. Verder werden de kerstfeestvieringen van de Broekhofschool Aalten-Zuid druk bezocht. Ook waren er diverse schietverenigingen actief in de Soos. Een vaste stamgast was Nico Berkelaar, leraar Frans aan de Chr. HBS en later werkzaam als leraar aan de HAVO en VWO.

    Beheerders van de Soos waren onder andere de heer en mevrouw Kunnen van 1906 tot 1916. Deze werden opgevolgd door G. Kempink. In later tijd werd de heer Walvoort beheerder van het gebouw. De laatste eigenaar was Theo Vultink.

    Het gebouw werd rond 2002 gesloopt om plaats te maken voor een kantoorgebouw met daarboven appartementen.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1874I-3201
    I-3202
    de Vereeniging tot
    bevordering van gezellig verkeer
    90 m² huis
    140 m² sociëteitsgebouw
    1899I-4856de Vereeniging tot
    bevordering van gezellig verkeer
    2.950 m² sociëteitsgebouw, huis & erf
    1934I-6521de Vereeniging tot
    bevordering van gezellig verkeer
    2.900 m² vereenigingsgebouw, huis & erf
    1961I-8523de Vereeniging tot
    bevordering van gezellig verkeer
    2.760 m² sociëteit, huis, tuin
    1971I-9957de Vereeniging tot
    bevordering van gezellig verkeer
    2.700 m² sociëteit, huis, tuin
    1987I-9957Th. Vultink, caféhouder2.700 m² sociëteit, huis, tuin

    Adresgeschiedenis

    Adresboek 1934

    Hofstraat 13

    Sociëteit

    Adresboek 1967

    Hofstraat 13

    Sociëteit

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-12177
    FunctieFeestzaal,
    Restaurant
    Bouwjaar1873
    Sloopca. 2002

    Krantenberichten