Auteur: Oud Aalten

  • Sint Bernardus

    Sint Bernardus

    ’t Zand 23, v/h ’t Zand 15, Bredevoort

    Huize Sint Bernardus is een karakteristiek pand aan ’t Zand, het centrale plein van Bredevoort. Het gebouw kent een rijke geschiedenis, waarin het dienstdeed als woonhuis, sanatorium en rusthuis.

    Het pand werd oorspronkelijk gebouwd in opdracht van Jan Satink, luitenant-kolonel in het Staatse leger, Regiment Nationalen. Het verrees op de plek waar ooit de voorburcht van het kasteel Bredevoort heeft gestaan. In 1800 kwam het huis door vererving in bezit van de familie Roelvink. Arnoldus Florentinus Roelvink, telg uit deze familie, was vanaf 1813 burgemeester van Bredevoort.

    In 1897 werd het pand gekocht door pastoor Bernardus Mulders. De pastoor was een bemiddeld man en verwierf het voormalige rentmeestershuis uit eigen middelen. Zijn doel was, zo schreef hij: “zijn arme kinderen” katholiek onderwijs aanbieden. Omdat katholieke scholen in die tijd geld kostten, bedacht hij een slimme oplossing: hij haalde nonnen naar Bredevoort die in het rentmeestershuis een klooster en een sanatorium vestigden. Zusters waren goedkoop, want zij ontvingen geen loon; zij hadden immers hun leven aan God gewijd.

    Onder beheer van de Zusters Franciscanessen van Thuine werd het ‘R.K. Sanatorium St. Bernardus Gesticht’ opgericht. Het klooster-sanatorium noemde hij naar zijn eigen patroonsheilige, Sint Bernardus van Clairvaux. Met de winst van het sanatorium begon de pastoor een lagere school: de Sint Joannesschool.

    Het sanatorium was bedoeld voor welgestelde patiënten want de verpleegkosten waren hoog: variërend van f 1,50 tot f 2,20 per dag. Voor medische kosten en apotheek werd 10 gulden per maand in rekening gebracht. Patiënten uit de zogenoemde tweede klasse betaalden f 7,50.

    Vanaf 1907 kwamen mensen uit het hele land naar Bredevoort om in het sanatorium te herstellen. Zij verbleven er vaak maandenlang. Overdag lagen zij in bed in een lighal, ook in de winter; helemaal ingepakt. In de tuin van Sint Bernardus, nu het Vestingpark, stonden minstens tien van deze lighallen met hun open zijde naar de zon gericht. Twee daarvan zijn bewaard gebleven en hebben de status van rijksmonument.

    Het sanatorium bleef in gebruik tot 1933. Daarna werd het pand herbestemd tot bejaardentehuis. In 1938 werden de zusters van Thuine opgevolgd door de zusters van St. Jozef uit Amersfoort. De laatste zusters vertrokken in 1985 uit Bredevoort.

    In 1988 volgde een grootschalige renovatie en uitbreiding van het gebouw door Stichting Verzorgingstehuis St. Bernardus. Het bejaardentehuis verhuisde uiteindelijk in 2008 naar het nieuwgebouwde Ambthuis.

    Sinds 2020 heeft het pand een nieuwe bestemming: het is in gebruik als boutique hotel & brasserie de Heerlyckheid.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832B-209
    B-208
    Arnoldus Florentinus Roelvink,
    burgemeester van Aalten en
    Bredevoort te Bredevoort
    550 m² huis & erf
    220 m² huis & erf
    1877B-397
    B-380
    Bernard Andries Roelvink,
    griffier bij het kantongerigt
    235 m² huis & erf
    552 m² huis & erf
    1887B-588
    B-589
    Leonard Roelvink, burgemeester240 m² huis & erf
    280 m² koetshuis, keuken, stalling & erf
    1898B-588
    B-589
    Hermann Schepers, schoenmaker240 m² huis & erf
    280 m² koetshuis, keuken, stalling & erf
    1901B-734R.C. kerk van Bredevoort21.023 m² huis, schuren, erf & tuin
    1909B-792R.C. kerk van Bredevoort13.373 m² huis, ziekenhuis,
    schuur & tuin
    1952B-979R.C. kerk van Bredevoort13.538 m² huis, stal,
    ziekenhuis & tuin
    1988B-1265St. Verzorgingshuis Sint Bernardus2.760 m² “BWT”

    Kenmerken


    Kadastraal nr.B-1963
    FunctieWoonhuis,
    Sanatorium,
    Rusthuis,
    Horeca
    Bouwjaar1764
    MonumentGemeentelijk
    monument

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1823-1850

    Bredevoort 45

    Arnoldus Florentinus Roelvink (Borculo, 23-12-1789), burgemeester
    Elzabé Maria Theodora ten Cate (Neede, 21 juli 1798)

    Bredevoort 46

    Theodora Sophia Roelvink (Bredevoort, 09-11-1760)

    Bevolkingsregister 1838-1850

    Bredevoort 77

    Arnoldus Florentinus Roelvink (Borculo, 23-12-1789), burgemeester
    Elzabé Maria Theodora ten Cate (Neede, 21 juli 1798)

    Bredevoort 78

    Theodora Sophia Roelvink (Bredevoort, 09-11-1760)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Bredevoort 77

    Arnoldus Florentinus Roelvink (Borculo, 23-12-1789), burgemeester
    Elzabe Maria Theodora ten Cate (Neede, 21 juli 1798)

    Bredevoort 78

    Theodora Sophia Roelvink (Bredevoort, 09-11-1760)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Bredevoort 77

    Elzabe Maria Theodora ten Cate (Neede, 21 juli 1798)

    Bredevoort 78

    ?

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Bredevoort 84

    Elzabe Maria Theodora ten Cate (Neede, 21 juli 1798)

    Bredevoort 85

    Leonard Roelvink (Bredevoort, 30-04-1833), burgemeester
    Christina Paschen (Winterswijk, 27-03-1848)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Bredevoort 101

    Elzabe Maria Theodora ten Cate (Neede, 21 juli 1798)

    Bredevoort 102

    Leonard Roelvink (Bredevoort, 30-04-1833), burgemeester
    Christina Paschen (Winterswijk, 27-03-1848)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Bredevoort 85a

    Heinrich Nuijken (Gahlen/D, 11-09-1833)
    Anna Velthacke (Vreden/D, 16-05-1834)

    Bredevoort 85

    Christina Paschen (Winterswijk, 27-03-1848)

    Volgende bewoners:

    Hermann Schepers (Weseke/D, 17-08-1828), schoenmaker
    Elisabeth Dieckmann (Alpen/D, 24-12-1840)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Bredevoort 83a

    Heinrich Nuijken (Gahlen/D, 11-09-1833)
    Anna Velthacke (Vreden/D, 16-05-1834)

    Volgende bewoners:

    Catharina Niemeijer (Salzbergen/D, 28-11-1856)

    Nu volgt een lange lijst van ziekenzusters en onderwijzeressen.

    Vervolg bewonerslijst:

    Bredevoort 83a > 084

    Nog meer (o.a.) pleegzusters, onderwijzeressen, liefdezusters, maar ook verpleegden.

    Bredevoort 83 > 85

    Hermann Schepers (Weseke/D, 17-08-1828), schoenmaker
    Elisabeth Dieckmann (Alpen/D, 24-12-1840)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Bredevoort 84 > 60

    ?

    Bredevoort 85 > 61

    Hermann Schepers (Weseke/D, 17-08-1828), schoenmaker
    Elisabeth Dieckmann (Alpen/D, 24-12-1840)

    Adresboek 1934

    Bredevoort 60 > ’t Zand 15

    St. Bernardus gesticht

    Adresboek 1967

    ’t Zand 23

    St. Bernardus Gesticht

  • Feestgebouw

    Feestgebouw

    Polstraat 7, Aalten (verdwenen)

    Het Feestgebouw in Aalten stond op de plek waar tegenwoordig de parkeerplaats is van De Hofnar, voorheen activiteitencentrum De Pol.

    In 1906 vonden de arbeidersbeweging, onder anderen vertegenwoordigd door de heren Joh. Obrink en G.J. Winkelhorst, en de schuttersvereniging ‘Eendracht Maakt Macht’ elkaar in een groots en gedurfd plan tot oprichting van de ‘N.V. Feestgebouw’.

    Prominente plaats in de gemeenschap

    Financiële middelen vond men door het uitgeven van aandelen. Er werden 750 aandelen van elk 10 gulden uitgegeven. Op deze manier kwam er 7500 gulden binnen. Voor die tijd een flink bedrag. De ‘rijkeren’ onder de Aaltense bevolking kochten een vel met liefst tien aandelen, een zogenaamd ’talon’ (coupon of dividendblad van aandelen). Deze kon men later verzilveren. Er zijn aandeelhouders geweest die dit niet hebben gedaan. Het bedrag werd als het ware geschonken om de bouw van het feestgebouw mogelijk te maken.

    Nog in datzelfde jaar kwam het plan van de grond en medeoprichter Theodoor Driessen werd de eerste president. Het indrukwekkende grote gebouw, zeker in verhouding tot een kleine plaats als Aalten toen was, paste geheel in die tijd. Het ontwerp kwam van architect J.J. Post uit Winterswijk. September 1907 nam men het gebouw in gebruik. Het zou het bijna zeventig jaar lang een prominente plaats innemen in de Aaltense gemeenschap.

    Onderdak voor Franse vluchtelingen

    Tegen het einde van de Eerste Wereldoorlog kwam er vanuit Noord-Frankrijk een vluchtelingengolf op gang van voornamelijk Franse, maar ook Belgische burgers. Op 26 oktober 1918 ontving de burgemeester van Aalten bericht dat in zijn gemeente, evenals in andere plaatsen in Gelderland, een groot aantal vluchtelingen moest worden ondergebracht.

    Besloten werd dat de mannen in gebouw ‘Elim’ en de vrouwen en kinderen in het Feestgebouw zouden worden ondergebracht. Voorts werden de nodige maatregelen getroffen, om de vluchtelingen van eten en drinken te voorzien. Het Feestgebouw werd voor de gelegenheid omgedoopt in ‘Salle Maréchal Foch‘, naar Frankrijk’s befaamde opperbevelhebber.

    Films en muziek

    Vroeger werd er kermis gehouden achter het Feestgebouw. In de jaren dertig van de vorige eeuw werden er al films vertoond in het Feestgebouw. Dit was toen niet zonder gevaar. Het filmmateriaal bestond uit nitrocellulose, een zeer brandbaar materiaal. Bij de vertoning van films waren daarom altijd een aantal brandweerlieden aanwezig in het Feestgebouw.

    Het Feestbouw was ooit ook de poptempel van Aalten. Vanaf de jaren zestig werden er in het Feestgebouw vele legendarische concerten georganiseerd door onder andere Fly In, Nirwana en Attica. Bands als Earth Wind and Fire, Herman Brood en His Wild Romance, Kayak en de popgroep Normaal hebben er opgetreden.

    Het Feestgebouw werd in 1977 gesloopt, om plaats te maken voor activiteitencentrum De Pol, inmiddels omgedoopt in De Hofnar.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-7862
    FunctieFeestgebouw
    Bouwjaar1907
    Sloop1977

    Foto’s


    Krantenberichten

    Feestgebouw Aalten - Aaltensche Courant, 31-01-1903
    Aaltensche Courant, 31 januari 1903
    Feestgebouw Aalten - Aaltensche Courant, 09-12-1905
    Aaltensche Courant, 9 december 1905
    Feestgebouw Aalten - Nieuwe Winterswijksche Courant, 24-03-1906
    Nieuwe Winterswijksche Courant, 24 maart 1906
    Feestgebouw Aalten - Aaltensche Courant, 13-07-1907
    Aaltensche Courant, 13 juli 1907
  • Westerkerk

    Westerkerk

    Hogestraat 52, Aalten

    De Westerkerk in Aalten werd in 1891 gebouwd, enkele jaren na de Doleantie van 1886. Het gebouw diende als gereformeerde kerk en stond bekend als Kerk B, terwijl de Oosterkerk de naam Kerk A kreeg. De kerk is ontworpen door architect H. van der Brand, die er een zogeheten schuurkerk van maakte: een eenvoudig, functioneel kerkgebouw.

    In 1928 werd aan de straatzijde een portaal toegevoegd, omdat de ruimte in de kerk onvoldoende was. De kerk is gebouwd in neoclassicistische stijl, met in de voorgevel diverse rondboogvensters. Op het dak staat een kleine torenspits.

    Oorlogsjaren

    Op 30 januari 1944 hielden Duitse SS’ers een razzia in twee Aaltense kerken, waaronder de Westerkerk. De bezetters wisten dat kerkdiensten druk bezocht werden, ook door jonge mannen en onderduikers die zich onttrokken aan de arbeidsinzet of niet terugkeerden van verlof. Meer dan veertig mannen werden hierbij opgepakt.

    Latere geschiedenis

    In 1999 werd de Westerkerk verkocht aan de Euregio Christengemeente Euregio Christengemeente Aalten-Bocholt, die het gebouw sindsdien in gebruik heeft. De Westerkerk is aangewezen als gemeentelijk monument.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-2605
    FunctieKerk
    Bouwjaar1891
    MonumentGemeentelijk
    monument
  • Villa Zonneheuvel

    Villa Zonneheuvel

    Bredevoortsestraatweg 56, Aalten (verdwenen)

    De statige villa ‘Zonneheuvel’ in Aalten was decennialang het karakteristieke woonhuis van burgemeester Monnik (1879-1951), die van 1910 tot 1945 burgemeester van de gemeente Aalten was. De villa werd circa 1911 gebouwd en in 1968 afgebroken.

    In 1910 werd Monnik benoemd tot burgemeester, een functie die hij 35 jaar vervulde. Het gezin Monnik woonde in villa Zonneheuvel aan de Bredevoortsestraatweg. Voor de woning liep de tramlijn van de G.W.S.M. (Lichtenvoorde–Bredevoort–Aalten–Bocholt).

    De villa stond op een ruim terrein. Bij zijn afscheid als burgemeester bepaalde Monnik dat deze gronden ter beschikking moesten worden gesteld aan de Aaltense bevolking. Zo werd er kort na de oorlog een gezondheidscentrum gebouwd met badhuis.

    In 1957 kwam de woning in eigendom van de stichting ‘Protestants-Christelijk Verpleeghuis Aalten’, met de bepaling dat de weduwe Monnik er tot het eind van haar leven mocht blijven wonen. Na haar overlijden in 1963 ging men aan de slag met plannen om er een verpleeghuis te vestigen. De provincie gaf hiervoor echter geen toestemming omdat er al verpleeghuizen waren in Varsseveld en Winterswijk.

    In 1969 besloot men een overdekt zwembad op het terrein te realiseren. In 1972 opende het zwembad onder de naam ‘Zonneheuvel’.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1912I-5493Adriaan Johannes Willem Monnik,
    burgemeester
    5.600 m² huis, schuur & tuin
    1934I-6478Adriaan Johannes Willem Monnik,
    burgemeester
    6.150 m² huis, schuur & tuin
    1957I-8087Stichting “Protestants-Christelijk
    Verpleeghuis Aalten”
    3.413 m² huis, tuin
    1972I-8087de Gemeente Aalten3.413 m² bouwterrein, zwembad, erf

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten 403/1 > C437

    Adriaan Johannes Willem Monnik (Vorden, 19-11-1879), burgemeester
    Louise Wilhelmina de Waal Malefijt (17-08-1881)

    Adresboek 1934

    Aalten C437 > Bredevoortschestraat 56

    A.J.W. Monnik

    Adresboek 1967

    Bredevoortsestraatweg 56

    H.W. Dondergoor

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11910
    FunctieWoonhuis
    Bouwjaarca. 1911
    Sloop1968

    Bronnen


  • Vinkenburg

    Vinkenburg

    Misterstraat 44, Bredevoort

    Het huis werd gebouwd in de zogenaamde um 1800-bouwstijl in opdracht van August Sevink. Hij was een zoon van Herman Albert Sevink uit Warnsveld, en Catherina Poulina van Eijck, dochter van textielfabrikant Van Eijck. Daarmee is het huis een zichtbaar onderdeel van de sociaal economische textielgeschiedenis van Bredevoort.

    Het huis heeft aan de voorzijde opvallende ramen die met een katrolsysteem te openen zijn. Zo kon men niet zoals bij “gewone huizen” uit het raam hangen, dat vond men ordinair. Ook nog aanwezig is het originele belsysteem waarmee dienstbodes opgeroepen konden worden. Boven de ingang van het huis is in glas in lood het wapen van Rotterdam aangebracht, dit verwijst naar de Rotterdamse wortels van Henriette van der Meulen, waarmee August Sevink in 1915 trouwde.

    Piet en Fenny de Heus werden in 2004 eigenaar van het pand, en hebben het bijna volledig in eigen beheer het pand in oude stijl teruggebracht, inclusief het behang, en wonnen daarmee in 2008 de monumentenprijs van de gemeente Aalten.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Bredevoort 190/3 > 181

    Augustinus Josephus Marie Sevink (Bredevoort, 03-01-1887), fabrikant
    Hendrina Marie van der Meulen (Rotterdam, 01-07-1892)

    Zij vertrekken in mei 1922 naar Bocholt.

    Volgende bewoners:

    Bredevoort 181

    Gerhard Willem Schreurs (Kotten, 02-11-1883), boomkweeker
    Bertha Geertruida Stegeman (Winterswijk, 23-02-1887)

    Adresboek 1934

    Bredevoort 181 > Winterswijkschestraat 44

    G.W. Schreurs

    Adresboek 1967

    Misterstraat 44

    G.W. Schreurs
    B.J.H. te Veele

    Kenmerken


    Kadastraal nr.O-643
    FunctieWoonhuis
    Bouwjaar1915
    MonumentGemeentelijk
    monument
  • Beekhuize

    Beekhuize

    Dijkstraat 14, Aalten

    Villa Beekhuize herinnert aan de bloeiperiode van de textielnijverheid in het dorp Aalten.

    Textielfabrikant Anton Driessen woonde sinds zijn komst in Aalten aanvankelijk bij Meijerink in de Kerkstraat. Later kocht hij een pand aan de Landstraat. In 1833 wilde Anton Driessen een nieuw woonhuis bouwen. Hij had daartoe aan het einde van de Landstraat – de tegenwoordige Dijkstraat – van de erven Degenaar een huis gekocht. Hij wilde dat huis afbreken en op die plaats een nieuw modern huis bouwen met pakhuis, schuur en stalling. Daarvoor had hij echter meer ruimte nodig dan de bestaande huisplaats bood. Anton Driessen diende vervolgens een plan in bij het gemeentebestuur.

    Voor dit plan moest zowel de beek als de straat worden verlegd. Bovendien moest er een nieuwe brug komen. Omdat de palen van de oude brug bijna waren vergaan, was de bouw van de nieuwe brug niet alleen hoogst noodzakelijk maar de verplaatsing volgens Driessen ook minder kostbaar. Naast de verlegging van de beek en de bouw van een nieuwe brug had Driessen voor zijn plannen ook grond nodig. Hij ruilde daartoe een stuk grond met de gemeente. De onderhandelingen over bovengenoemde zaken duurden enige jaren. In maart 1835 ging de bouw van start.

    Behalve Anton Driessen bouwde ook zijn neef Heinrich een huis aan de toenmalige Landstraat. Heinrich Driessen plaatste meer richting centrum een royaal woonhuis, waarvoor zijn oudste zoon Theodoor op 29 juni 1837 de eerste steen legde. Sindsdien werd er in de volksmond gesproken over ‘d’n veursten’ en ‘d’n achtersten Dreessen’.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1231
    I-1233
    Jan Berend Lohuis199 m² huis & erf
    2.250 m² tuin

    Bewoners

    1813

    Aalten 37

    Johannes Degenaar (Aalten, 25-10-1779), wever zoon
    Evert Degenaar (Aalten, 10-05-1744), wever vader

    1 man
    1 vrouw
    1 vader
    3 jongens

    Bevolkingsregister 1823-1837

    Aalten 37

    Hendrika Luijten (Aalten, 16-09-1784), wed. Johannes Degenaar

    Volgende bewoners:

    Aalten 37

    Johannes Bernardus Antonius Driessen (Bocholt, 05-12-1797 – Aalten, 07-03-1879)
    Isabella Lodewika Antoinetta Dees (Bocholt, 04-11-1800 – Aalten, 15-12-1879)

    Bevolkingsregister 1838-1851

    Aalten 35

    Johannes Bernardus Antonius Driessen (Bocholt, 05-12-1797 – Aalten, 07-03-1879)
    Isabella Lodewika Antoinetta Dees (Bocholt, 04-11-1800 – Aalten, 15-12-1879)

    Bevolkingsregister 1850-1861

    “Landstraat”

    Aalten 35

    Johan Bernard Anton Driessen (Bocholt, 05-12-1797 – Aalten, 07-03-1879)
    Isabella Lodewika Antonetta Dees (Bocholt, 04-11-1800 – Aalten, 15-12-1879)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Aalten 35

    Joh. Bernard Anton Driessen (Bocholt, 05-12-1797 – Aalten, 07-03-1879)
    Isabella Lodewika Antonetta Dees (Zutphen, 04-11-1800 – Aalten, 15-12-1879)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 54

    Johan Bernard Anton Driessen (Bocholt, 05-12-1797 – Aalten, 07-03-1879)
    Isabella Lodewika Antonetta Dees (Zutphen, 04-11-1800 – Aalten, 15-12-1879)

    Volgende (hoofd)bewoner:

    Helena Dorothea Elisabeth Driessen (Aalten, 09-06-1840 – Aalten, 21-04-1918)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 57

    Helena Dorothea Elisabeth Driessen (Aalten, 09-06-1840 – Aalten, 21-04-1918)

    Volgende bewoners:

    Johannes Henricus Lambertus van den Hurck (Den Bosch, 14-11-1840), kantoorbediende
    Wilhelmina Philomena Maria Kroes (Den Bosch, 30-07-1844)

    Volgende (hoofd)bewoner:

    Helena Dorothea Elisabeth Driessen (Aalten, 09-06-1840 – Aalten, 21-04-1918), wed. Johannes Antonius van Basten Batenburg

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 57

    Helena Dorothea Elisabeth Driessen (Aalten, 09-06-1840 – Aalten, 21-04-1918)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten A79 > A23

    Helena Dorothea Elisabeth Driessen (Aalten, 09-06-1840 – Aalten, 21-04-1918)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten A23

    Helena Dorothea Elisabeth Driessen (Aalten, 09-06-1840 – Aalten, 21-04-1918)

    Volgende bewoonster:

    Aalten A23 > A9

    Maria Petronella Johanna Koster (Epe, 21-11-1881)

    Adresboek 1934

    Aalten A8/1 > Dijkstraat 14

    H.J.A.M. Driessen

    Adresboek 1967

    Dijkstraat 14

    H.J.A.M. Driessen

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11032
    FunctieWoonhuis
    Bouwjaar1835
    MonumentRijksmonument

    Bronnen


  • Ds. Stegemanschool

    Ds. Stegemanschool

    Varsseveldsestraatweg 7, Aalten (verdwenen)

    De Ds. Stegemanschool werd in 1922 opgericht en heette aanvankelijk Nederlands Hervormde school. In 1955 werd de school vernoemd naar Ds. J.D. Stegeman. De school werd gesloopt in december 2005. Tegenwoordig staat hier woonzorgcentrum Stegemanhof.


    Archieven

    Adresboek 1934

    Aalten B267 > Varsseveldschestraat 7

    Ned. Herv. School

    Adresboek 1967

    Varsseveldsestraatweg 7

    Ds. Stegemanschool

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-12892/12893
    FunctieBasisschool
    Bouwjaar1922
    Sloop2005
  • Christiaan Casper Stumph

    Christiaan Casper Stumph

    Burgemeester (1811-1818)

    Christiaan Caspar Stumph werd te Aalten gedoopt op 14 februari 1745, als zoon van Abraham Stumph en Elisabeth Ovink. Op 12 november 1780 trouwde hij met Jeanne Lesturgeon. Zij kregen ten minste één kind, Abraham Antoni. Deze zoon verdronk op 34-jarige leeftijd in de Slingebeek. In de volksmond zei men dat zijn dood met liefdesverdriet te maken had.

    In 1795 werd Stumph beschuldigd van de aanval op Ten Holte en gevangengezet. Een maand later werd hij vrijgelaten omdat zijn schuld niet bewezen was.

    Stumph was goed bevriend met de Freule van Dorth die in 1799 te Winterswijk werd geëxecuteerd. Zeven uur voor haar dood schreef ze hem een brief: “Mijn Waarde Vriend Ik bedank uw zeer voor alle Vriendelijkheid aan mijn bewezen in dit leven. Ik schrijf [deeze] om 4 uuren, dus 7 uuren voordat mij het [leven], door een kogel zal benomen worden. De reijs van Groenlo etc. is oorzaak van mijn Dood. Ik vind in dezelve een verzoend God, troost mijn Ongelukkige Broeder die mij tot in de Dood benauwd. Weest zo goed en zegt een Eeuwig Vaarwel aan alle mijn bekenden. J.M.C.J. van Dorth.

    De eerste burgemeester van Aalten

    Na de inlijving van ons land bij Frankrijk op 10 juli 1810 werd naar Frans model de gehele bestuursmacht gewijzigd en gecentraliseerd. Er kwam een departementale organisatie met aan het hoofd van de departementen een prefect, aan het hoofd van de arrondissementen een sous-prefect en aan het hoofd van de gemeenten een maire (burgemeester).

    Op 12 maart 1811 werd Christiaan Caspar Stumph aangesteld tot maire van het Canton Aalten. Men beschouwt hem daarom als eerste burgemeester van de gemeente Aalten. Hij behield deze functie tot 1 januari 1818 toen een nieuwe bestuursregeling tot stand kwam.

    Stumph woonde op het Smees. Hij was rentenier en organist te Aalten, een integer man met vele verheven doelstellingen. Op 14 mei 1819 trouwde hij te Aalten op een leeftijd van 74 jaar met de 30-jarige Caatjen Weversborg. Voor zover bekend bleef hun huwelijk kinderloos.

    Christiaan Casper Stumph was een man die graag pogingen deed een eind te maken aan bestaande misstanden. Eén van zijn grootste ergernissen was het begraven in de kerk of op het kerkhof binnen het dorp. Inderdaad leidde dit vaak tot onvoorstelbare toestanden. Meerdere malen ontstonden in de kerk verzakkingen in de vloer en bleven de eigenaren van deze graven, wat het herstel betreft, in gebreke. Wekenlang was er dan in de banken bij het betreffende gat niet te verkeren. Er kwam dan ook een regeling tot stand waarbij men bepaalde dat de kerkmeesters, in geval van nalatigheid, de nodige herstelwerkzaamheden mochten aanbesteden waarbij de betreffende plaats aan de kerk verviel.

    Grafheuvel op het Smees

    Ook op de begraafplaats rond de kerk was de toestand vaak slecht. Doordat lange tijd niet op “genoegsame” diepte begraven was kwamen regelmatig beenderen aan de oppervlakte. Een beenderoplezer verzamelde, voor twee schepel rogge per jaar, deze beenderen van tijd tot tijd en wierp ze in de “Beenhalle”, een huisje op het kerkhof aan de Markt-kant. Werd de voorraad te groot dan ruimde men deze op en maakte de muren schoon en herstelde deze waar nodig.

    Met het verbeteren van de maatschappelijke toestand en de hogere eisen op het gebied van de hygiëne kwamen op dit terrein ook langzaam maar zeker veranderingen, o.a. de verplichting de graven voldoende diep te maken. Een wet om het begraven binnen stad en dorp te verbieden kon, in navolging van het buitenland, in ons land nog geen genade vinden. Tot de grote stap, te breken met alle tradities en de doden, vér buiten het dorp “zo maar ergens in de grond” achter te laten, kon men hier niet komen.

    Stumph was voorstander van het begraven buiten het dorp, hij besloot in één der Smeesweiden een “Buitenbegraafplaats” te laten vervaardigen. In 1818 werd de stichtingsakte en wilsbeschikking opgesteld. Christiaan Casper Stumph overleed op 6 januari 1820. Volgens zijn laatste wens werd hij begraven op het oude Smees. Deze plek is tegenwoordig nog steeds herkenbaar als grafheuvel, gelegen aan het Nannielaantje.

    Burgemeester Stumph werd opgevolgd door mr. Arnoldus Florentinus Roelvink.

    Leestip


    ‘Van Maire Stumph tot Burgemeester Stapelkamp’, door Leo van der Linde

  • Hotel De Roskam

    Hotel De Roskam

    Landstraat 13-15, Aalten

    Het pand aan de Landstraat 13-15 in Aalten kent een rijk horecaverleden: al in 1823 werd het vermeld als logement De Roskam. In datzelfde jaar stond Evert van Eerden er geregistreerd als kastelein. Na het overlijden van zijn ouders in 1837 en 1839 nam zoon Abraham van Eerden het stokje over.

    Volgens een lijst van 1850-’60 overnachtten in De Roskam veel zakenmensen. Vaste passanten waren bijvoorbeeld de Zwolse azijnfabrikant Schaapman uit Zwolle en meelfabrikant Van der Lande uit Deventer. Ook Duitse zakenlieden kenden het adres.

    In 1870 nam Pieter Oosthout uit Rotterdam het logement over. Deze bleef echter niet lang, want in 1876 wordt De Roskam overgenomen door Karel Gustaaf Avenarius. In een advertentie beveelt hij het logement “minzaam aan in de aandacht van het reizend publiek”.

    Voorderman

    Eind april 1890 vertrok Avenarius en vestigde zich hier Martinus Voorderman uit Brummen.

    Hotel De Roskam, vanaf dan ook wel kortweg ‘Voorderman’ genoemd, was een plek waar niet alleen overnacht en vergaderd werd. Er werd ook goed geborreld. Vooral met de Meimarkt, de Kermis en de Sint-Nicolaasmarkt op 6 december was het er erg vol. De veemarkt in Aalten werd destijds gehouden tot één uur in de middag, waarna de boeren naar Voorderman gingen. ’s Middags gingen de jongelui naar de warenmarkt. Op alle hoeken in de cafés klonk muziek. De jongens trokken in groepen langs de kramen, evenals de meisjes en men probeerde tot elkaar te komen voor afspraakjes.

    Wie voor de Meimarkt of Kermis al een afspraakje had weten te maken om er samen naar toe te gaan, had “d’n schadden al dreuge”. Op de markt deden ook de kwakzalvers en kiezentrekkers goede zaken. De meisjes die geen aanzoek hadden gekregen trokken alleen huiswaarts. Een verstokte vrijgezel en een late feestganger wipten dan nog even bij Voorderman binnen.

    In september 1891 werd in Aalten een Landbouwtentoonstelling gehouden. In Hotel De Roskam konden de aanwezigen deelnemen aan een open tafel à ƒ 2,25 per couvert, inclusief een halve fles wijn. De Roskam was naast hotel ook een stalhouderij. In 1919 verscheen een advertentie waarin de mogelijkheid tot het stallen van paarden werd aangeboden.

    Einde van Hotel De Roskam

    Martinus Voorderman overleed in 1912. In april 1919 verkocht zijn weduwe de volledige hotel-inventaris, inboedel en stalhouderij. De veranda werd in mei van datzelfde jaar gesloopt en het pand werd verbouwd tot twee winkelhuizen: Landstraat 13 en 15.

    Op nummer 13 vestigde zich vervolgens G.J.J. Degenaar met een drogisterij. In 1930 opende hij er tevens een lunchroom (modern woord!), ingericht als “Oud-Hollandsche taveerne”. Op de verdieping erboven werd het museum van de Oudheidkamer ondergebracht en de drogisterij kreeg zijn ingang aan de Hogestraatzijde. In 1934 werd de drogisterij overgenomen door C. van Nood. Begin jaren 70 werd het drogisterij Kwakkel en tegenwoordig is het een restaurant/pizzeria.

    Op nummer 15 vestigde zich B.A. Veldhuis, manufacturier. In 1933 vinden we er het delicatessenhuis van G.A. Wieland en in 1967 de delicatessenzaak van B. Buesink. Tegenwoordig is het deel van modezaak Klein Entink (Landstraat 17).

    Muurschilderingen

    In 1988 ontdekten Marianne Kiwitz en Martin Finkenflügel muurschilderingen op de eerste verdieping van het pand Landstraat 13 (destijds drogisterij Kwakkel). Bij het verwijderen van behang kwamen in meerdere kamers wandversieringen tevoorschijn, waaronder in de woonkamer aan de Landstraat twee prachtige en goed bewaarde natuurtaferelen. Deskundigen van het Museum Frerikshuus concludeerden dat de decoraties dateerden uit de tijd dat het pand een hotelfunctie had.

    De twee schilderingen in de woonkamer waren gesigneerd met “W.J. Rave”, en op één van de decoraties stond de toevoeging “Bred”. Dit wijst vermoedelijk op de schilder W.J. Rave uit Bredevoort, die Hotel De Roskam destijds van wandversieringen voorzag.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1395Evert van Eerden370 m² huis & erf
    1846I-1395Abraham van Eerden, logementhouder370 m² huis & erf
    1873I-1395Pieter Oosthout, logementhouder370 m² huis & erf
    1877I-1395Karel Gustaaf Avenarius, logementhouder370 m² huis & erf
    1884I-3882Karel Gustaaf Avenarius, logementhouder370 m² huis & erf
    1891I-3882Martinus Voorderman, logementhouder370 m² huis & erf
    1921I-5806
    I-5807
    Gerrit Jan Johannes Degenaar, schilder
    Gerhard Flint, manufacturier
    211 m² huis & erf
    159 m² huis & erf
    1934I-6629
    I-6628
    Gerrit Jan Johannes Degenaar, schilder
    Gerhard Flint, manufacturier
    220 m² huis & erf
    155 m² huis & erf
    1957I-8121
    I-8122
    Cornelis van Nood, drogist
    Bernard Buesink, kruidenier
    196 m² huis & erf
    141 m² huis & erf
    1982I-8121
    I-8122
    Jan Kwakkel, drogist
    vof “Firma Klein Entink”
    196 m² huis & erf
    141 m² huis & erf

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1823-1838

    Aalten 126

    Evert van Eerden (Aalten, 11-05-1766), kastelein
    Barta Willemina Arentzen (Aalten, 26-05-1773)

    Bevolkingsregister 1838-1850

    Aalten 128

    Evert van Eerden (Aalten, 11-05-1766), kastelein
    Barta Willemina Arentzen (Aalten, 26-05-1773)

    Volgende bewoners, zoon en schoondochter:

    Abraham van Eerden (Aalten, 17-12-1812), kastelein
    Johanna Willemina Lindenhovius (Aalten, 13-12-1819)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Aalten 128

    Abraham van Eerden (Aalten, 17-12-1812), logementhouder
    Johanna Willemina Lindenhovius (Aalten, 13-12-1819)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Aalten 128

    Abraham van Eerden (Aalten, 17-12-1812), logementhouder
    Johanna Willemina Lindenhovius (Aalten, 13-12-1819)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 152

    Abraham van Eerden (Aalten, 17-12-1812), logementhouder
    Johanna Willemina Lindenhovius (Aalten, 13-12-1819)

    Volgende bewoners:

    Pieter Oosthout (Bergen op Zoom, 02-08-1817), logementhouder
    Maria Cornelia Louisa Brederode (’s Heerenberg, 23-07-1832)

    Volgende bewoners:

    Aalten 152

    Karel Gustaaf Avenarius (Gendringen, 28-07-1838), logementhouder
    Anna Christina Ensink (Vorden, 17-05-1853)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 173

    Karel Gustaaf Avenarius (Gendringen, 28-07-1838), logementhouder
    Anna Christina Ensink (Vorden, 17-05-1853)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 169

    Karel Gustaaf Avenarius (Gendringen, 28-07-1838), logementhouder
    Anna Christina Ensink (Vorden, 17-05-1853)

    Volgende bewoners:

    Martinus Voorderman (Brummen, 27-03-1861), logementhouder
    Maria Johanna Zwiers (Zutphen, 10-01-1863)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten A194 > A240

    Martinus Voorderman (Brummen, 27-03-1861), hotelhouder
    Maria Johanna Zwiers (Zutphen, 10-01-1863)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten A240

    Martinus Voorderman (Brummen, 27-03-1861), hotelhouder
    Maria Johanna Zwiers (Zutphen, 10-01-1863)

    Volgende bewoners:

    Aalten A240 > B241

    Gerrit Jan Johannes Degenaar (Aalten, 04-01-1887), drogist
    (1) Hendrika Wiggers (Winterswijk, 14-01-1886)
    (2) Geziena Hendrika Hakstege (Radewijk, 17-03-1881)

    Aalten A240/1 > B242

    Bernardus Antonius Veldhuis (Tubbergen, 06-06-1896), manufacturier

    Bevolkingsregister 1920-1930

    Aalten B241

    Gerrit Jan Johannes Degenaar (Aalten, 04-01-1887)
    Geziena Hendrika Hakstege (Radewijk, 17-03-1881)

    Aalten B242

    Bernardus Antonius Veldhuis (Tubbergen, 06-06-1896)

    Volgende bewoners:

    Gerhardus Antonius Wieland (Doetinchem, 27-12-1881)
    Wilhelmine Jacoba Anna Harmsen (Leuvenheim, 25-07-1879)

    Adresboek 1934

    Aalten B241 > Landstraat 13

    G.J.J. Degenaar

    Aalten B242 > Landstraat 15

    G.A. Wieland

    Adresboek 1967

    Landstraat 13

    C. van Nood

    Landstraat 15

    B. Buesink (Delicatessenhuis)

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-8121/11339
    FunctieHotel,
    Museum
    Winkels,
    Restaurant
    Bouwjaaronbekend
    Monumentnee
  • Pijpenfabriek Becking & Vaags

    Pijpenfabriek Becking & Vaags

    Hoekstraat 8, Aalten

    De voormalige pijpenfabriek Becking & Vaags in de Hoekstraat was van 1885 tot 1925 actief in de voor Nederland unieke hoornindustrie in Aalten. Het bedrijf produceerde pijpenstelen en later ook messenheften.

    De fabriek vindt haar oorsprong bij twee vakmannen: Wessel Becking en Willem te Gussinklo leerden het pijpendraaien bij Gerrit Peters. Beiden vertrokken op ‘Wanderschaft’ naar Duitsland zich in hun vak te verdiepen.

    Na hun terugkeer in 1880 begonnen zij een eigen zaak, eerst in een huis op de Kattenberg en vanaf 1883 in het gebouw naast de meubelzaak van de heer Vreede. Dat pand met het karakteristieke klokgeveltje is rond 1959 gesloopt.

    Op onderstaande kadastrale kaart is te zien dat de twee percelen aan de Landstraat en de Hoekstraat in elkaars verlengde liggen.

    Becking en Te Gussinklo werkten korte tijd samen, maar gingen in 1884 ieder hun eigen weg.

    In 1885 startte Becking met Bernardus Gerhardus Vaags, neef en naamgenoot van Bernard Vaags, de firma Becking & Vaags. De fabriek maakte pijpenstelen en later ook messenheften. Toen de verkoop van Duitse pijpen terugliep, ging de fabriek korte bruyèrepijpen produceren.

    In 1907 kreeg de fabriek haar huidige aanzicht: naar ontwerp van gemeentearchitect Jan Brill. werd het gebouw uitgebreid met een machinekamer, bergplaats, werkplaats, kleedkamer en privaat.

    Na de Eerste Wereldoorlog liep de handel met Duitsland terug. In 1921 werd de fabriek enige tijd stilgelegd; later werd de productie hervat, zij het slechts nog drie dagen per week. In september 1925 was de firma Becking & Vaags nog te vinden als exposant op de Leipziger Messe. Niet lang daarna werd het bedrijf geliquideerd.

    In de jaren vijftig deed het pand enige tijd dienst als kleuterschool, totdat de nieuwe Beatrixschool aan de Oosterkerkstraat gereedkwam.

    Het gebouw aan de Hoekstraat staat er nog steeds en is aangewezen als gemeentelijk monument. De schoorsteen is wel verdwenen.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1891I-3707½ Bernardus Gerhardus Vaags, pijpenfabriekant
    ½ Wessel Johannes Becking, fabriekant
    230 m² pijpenfabriek, erf
    1909I-5311½ Bernardus Gerhardus Vaags, pijpenfabriekant
    ½ Wessel Johannes Becking, fabriekant
    346 m² fabriek & erf
    1934I-6619Hendrik Jan Vreede e.c., meubelmaker405 m² huis, fabriek & erf
    1946I-7458
    I-7459
    Hendrik Jan Vreede, meubelmaker
    Hendrik Willem Vaags, bakker
    355 m² huis, fabriek, erf
    105 m² schuur, erf
    1984
    1967
    I-11203
    I-7459
    Hendrik Jan Meerdink, horlogemaker
    Janna Hermina te Paske e.c., wed. H.W. Vaags
    195 m² schuur, tuin
    105 m² schuur, erf

    Adres

    Adresboek 1934

    Aalten B265 > Hoekstraat 8

    Fabriek

    Telefoonboek 1950

    Prinsenstraat 46, Aalten (Zweerink) - Telefoonboek 1950

    Adresboek 1967

    Hoekstraat 8

    Magazijnruimte

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-7459/11203
    FunctiePijpenfabriek
    Bouwjaar1890/1907
    MonumentGemeentelijk
    monument
  • Borstelfabriek Lurvink

    Borstelfabriek Lurvink

    ’t Dal 6, Aalten (herbestemd)

    Voormalige borstelfabriek, rond 1950 opgericht aan de zuidzijde van de Hogestraat, op het terrein van het boerderijtje Hogestraat 69 II. Dit boerderijtje en het omliggende terrein waren in bezit van borstelfabriek Luva (Luvink –Aalten).

    In de bedrijfsruimte achter de boerderij werden tot 1970 borstels gemaakt. Het bedrijf verhuisde naar het industrieterrein en de fabriek aan ’t Dal heeft jarenlang leeggestaan. Inmiddels is voormalige fabriek verbouwd tot woning, waarbij de oorspronkelijke hoofdvorm en karakteristieke industriële uitstraling grotendeels behouden bleef. Mede door de forse bouwmassa neemt het een prominente plaats in binnen het beeld aan dit gedeelte van ’t Dal.

    ’t Dal 6 is het huidige adres. Vóór 1955 hoorde de fabriek bij het toenmalige adres Willemstraat 1 (tegenwoordig Hogestraat 69-II).


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1959I-8266vof M.J.J. Lurvink1.239 m² huis, fabriek, erf
    1987K-1636Martinus Wilhelmus Johannes Lurvink,
    borstelfabrikant
    1.190 m² fabriek, erf

    De geschiedenis van borstelfabriek Lurvink

    Borstelfabriek Lurvink is een familiebedrijf in Aalten met een geschiedenis die minstens twee eeuwen teruggaat. Uit archiefonderzoek blijkt dat er al vanaf het begin van de 19e eeuw allerhande soorten borstels werden gemaakt.

    Jan Lurvink (1747–1823), een kleermaker uit Aalten, had samen met zijn vrouw Willemina Wenderink (1763–1832) tien kinderen. Uit diverse aktes van de burgerlijke stand en notarissen blijkt dat vijf van hun zoons het beroep van borstelmaker kozen. De eerste officiële vermelding is te vinden in de huwelijksakte van Arnoldus Lurvink (1789–1876), die in 1813 trouwde met Johanna Geertruid Feldkamp. Hij werd op de akte aangeduid als borstelmaker. In 1820 trouwde zijn jongere broer Frederikus Reinirus Lurvink (1793–1842) met Maria Wilhelmina Joanna Balster. Ook hij werd in de huwelijksakte vermeld als borstelmaker.

    Familiebedrijf aan huis

    Toen Jan Lurvink in 1823 overleed, woonden nog drie zoons thuis: Gerhardus (1796), Bernardus (1799) en Henricus Bernardus (1805). Zij oefenden allen het beroep van borstelmaker uit. Vermoedelijk waren zij hiermee al vóór het overlijden van hun vader begonnen. In mei 1823 verkochten Jan en Willemina hun huis aan hun zoon Gerhardus. In de notariële koopakte werd Gerhardus aangeduid als borstelmaker. Ook op zijn huwelijksakte uit 1828 met Joanna Oostendorp werd dit beroep vermeld.

    Registratie en generatiewissel

    In 1823 begon Aalten met de aanleg van een bevolkingsregister. Willemina woonde toen met haar drie zonen op het adres ‘Aalten 136’, tegenwoordig Hoekstraat 4. Alle drie stonden geregistreerd als borstelmaker.

    Gerhardus Lurvink (1796) was de eerste die stopte met het ambacht. In 1836 droeg hij zijn bedrijf over aan zijn broer Bernardus (1799), die in datzelfde jaar trouwde met Hendrika Scheerder (1801). Zij kregen geen kinderen. Op de huwelijksakte van 10 februari 1836 traden de broers Henricus Bernardus, Arnoldus en Gerhardus op als getuigen, allen aangeduid als borstelmakers.

    In 1843 kreeg Henricus Bernardus Lurvink een zoon, die hij Bernardus noemde. Op diens geboorteakte werd zijn vader als borstelmaker vermeld. Zoon Bernardus, geboren in 1843, kwam rond 1862 als leerling-borstelmaker in dienst bij zijn oom Bernardus (1799), zoals blijkt uit het bevolkingsregister.

    Een nieuwe locatie voor de fabriek

    In 1861 kocht Bernardus Lurvink (1799) via een veiling een pand aan de splitsing Willemstraat/Hogestraat voor 960 gulden. Hier vestigde hij zijn borstelfabriek. In zijn testament benoemde hij zijn neef Bernardus (1843) als erfgenaam en vermeldde hij dat deze als borstelmaker bij hem werkzaam was.

    In 1876 droeg Bernardus (1799) het bedrijf over aan zijn neef Bernardus (1843). Deze was in 1872 getrouwd met Johanna Wilhelmina Berendsen. In 1880 werd hun zoon Martinus Johannes Joseph Lurvink geboren. Ook op diens geboorteakte werd de vader aangeduid als borstelmaker.

    Op 18 november 1897 werd het bedrijf ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.

    20e eeuw

    In het bevolkingsregister van 1900-1910 werd Bernardus (1843) vermeld als “borstelmaker baas”, en twee van zijn zoons, Martinus Johannes Joseph (1880) en Wilhelmus Gerhardus Johannes (1886), als borstelmakers in dienst bij hun vader.

    Op een wisselbrief uit 1905 en een betaalbewijs uit 1911 stond de naam ‘B. Lurvink en Zonen’. In een briefkaart uit 1913 werd die naam nog steeds gebruikt.Wanneer Martinus Johannes Joseph Lurvink (1880) de leiding van zijn vader overnam is niet exact bekend, maar uit een orderbevestiging uit 1926 blijkt dat de fabriek toen werd aangeduid als ‘M.J.J. Lurvink – Machinale Borstelmakerij’.

    Martinus richtte later de ‘Vennootschap onder firma M.J.J. Lurvink’ op. Op 2 januari 1961 trad zijn kleinzoon, Martinus Johannes Joseph Lurvink (1945), in dienst. Hij was de zoon van Gerhardus Johannes Bernardus Lurvink (1913).

    Verhuizing en voortzetting

    In 1972 verhuisde de Fa. M.J.J. Lurvink naar de Tweede Broekdijk, op bedrijventerrein ’t Broek in Aalten.

    In 1975 werd de Besloten Vennootschap “Borstelfabriek M.J.J. Lurvink B.V.” opgericht. Bij de oprichting werden onder anderen Gerhardus Johannes Bernardus Lurvink (1913) en zijn zoon Martinus Johannes Joseph Lurvink (1945) als comparanten vermeld.

    Op 3 juli 1987 werd Martinus Lurvink (1945) benoemd tot directeur. Zijn zoon, Martinus Johannes Gerhardus Lurvink (1984), trad in 2010 toe als eigenaar van de fabriek. Daarmee is hij de jongste generatie uit de Lurvink-stamboom die het familiebedrijf voortzet.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-3637
    FunctieBorstelfabriek,
    Woning
    Bouwjaar1949
    Monumentnee
  • Landstraat 19-21

    Landstraat 19-21

    Aalten

    In dit dubbele woon/winkelpand waren ooit boekhandel ‘De Graafschap’ (links, nr. 19) en sigarenmagazijn Dick Fries (rechts, nr. 21) gevestigd. Tegenwoordig zit Pearle opticiens op nummer 21 en staat nummer 19 leeg.

    Sigarenmagazijn Dick Fries

    De sigarenwinkel van Dick Fries (1924-2002) en zijn vrouw Leis (1931-2004) aan de Landstraat was een begrip in Aalten. De winkel lag centraal en het echtpaar was nauw betrokken bij het wel en wee van het dorp. Velen kwamen er om rookwaren te kopen, maar ook voor een praatje. Jarenlang organiseerden Dirk en Leis Fries rookwedstrijden, waarbij het er om ging wie de langste askegel rookte. Prins Bernhard ontving jaarlijks op zijn verjaardag een doos goede sigaren. Daarom kreeg de winkel het predikaat ‘hofleverancier van Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Bernhard’.

    Zoals in vele middenstandsgezinnen bepaalde de winkel het ritme van de dag en de week. De zaak was zes dagen in de week en op koopavonden geopend. Ook buiten de officiële openingstijden kon een klant bij Fries terecht. ’s Avonds werd de administratie gedaan.

    Gedurende het 65-jarig bestaan van de sigarenwinkel was er in de inrichting en het assortiment vrijwel niets veranderd. Dit kwam omdat Dick Fries blind was. Omdat alles op dezelfde plek bleef, kon hij de weg goed vinden. Zijn visuele handicap belette hem niet om in de jaren zestig nog een kruidenierswinkel en een restaurant aan de Duitse grens te openen. Deze zaken, waarin familieleden werkten, werden na een aantal jaren weer afgestoten. Tot kort voor zijn overlijden stond Dick Fries in zijn sigarenwinkel. De zaak bleef nog bestaan tot 2004.

    Na de sluiting werd het originele interieur verplaatst naar het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1397Herman Schotman350 m² huis & erf

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1823-1838

    Aalten 128

    Herman Schotman (Dalfsen, 23-07-1781), openbaar onderwijzer, kerkmeester & koster
    Hendrika Gesina Hesselink (Aalten, 18-09-1786)

    Bevolkingsregister 1838-1850

    Aalten 130

    Herman Schotman (Dalfsen, 23-07-1781), onderwijzer der jeugd en koster
    Hendrika Gesina Hesselink (Aalten, 18-09-1786)

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Aalten 130

    Herman Schotman (Dalfsen, 23-07-1781), onderwijzer der jeugd

    Volgende bewoners, zoon en schoondochter:

    Gerrit Schotman (Aalten, 05-11-1812), distributeur der brievenpost
    Berendina Johanna te Gussinklo (Haart, 16-05-1811)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Aalten 130

    Gerrit Schotman (Aalten, 05-11-1812), secretaris en brievengaarder der gemeente
    Berendina Johanna te Gussinklo (Haart, 16-05-1811)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 154

    Berendina Johanna te Gussinklo (Haart, 16-05-1811)

    Volgende bewoners:

    Gerrit Jan van Soest (Tiel, 05-11-1802), gep. rijksontv.
    Agatha Margaretha Woudenberg (Boxtel, 05-11-1809)

    Volgende bewoners:

    Jan Adolph Schotman (Aalten, 08-08-1853), winkelier
    Klazina Bernarda Lindenhovius (Aalten, 23-11-1854)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 175

    Jan Adolph Schotman (Aalten, 08-08-1853), winkelier
    Klazina Bernarda Lindenhovius (Aalten, 23-11-1854)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 171

    Jan Adolph Schotman (Aalten, 08-08-1853), winkelier
    Klazina Bernarda Lindenhovius (Aalten, 23-11-1854)

    Volgende bewoners:

    Bonifacius Hendikus Stoelinga (Zwolle, 23-02-1867), schoenmaker
    Maria Elisabeth van Kampen (Zutphen, 09-04-1870)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 196 > 242

    Bonifacius Hendikus Stoelinga (Zwolle, 23-02-1867), schoenmaker
    Maria Elisabeth van Kampen (Zutphen, 09-04-1870)

    Volgende bewoners:

    Johannes Gerhardus Blomesath (Aalten, 17-10-1851), schoenmaker
    Johanna Maria Geertruida Kamps (Winterswijk, 12-02-1860)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten A242 > B244

    Johannes Gerhardus Blomesath (Aalten, 17-10-1851), schoenmaker
    Johanna Maria Geertruida Kamps (Winterswijk, 12-02-1860)

    Bevolkingsregister 1920-1930

    Aalten B244

    Johannes Gerhardus Blomesath (Aalten, 17-10-1851)

    Volgende bewoners:

    Adresboek 1934

    Aalten B244 > Landstraat 19

    W. Prinzen

    Volgende bewoners (na 1934):

    Aalten B244/1 > Landstraat 21

    J. Ebbers

    Bevolkingsregister 1930-1940

    Aalten B244

    Antonius Lammers (Aalten, 22-05-1911), boekhandelaar
    Geesje de Weerd (Steenwijksmoer, 12-02-1912)

    Aalten B244/1

    Jan Ebbers (Haart, 01-06-1873)
    Johanna Berendina te Hennepe (22-11-1877)

    Adresboek 1967

    Landstraat 19

    Boekhandel “De Graafschap”
    Mej. A. Delleman
    W.J. Delleman

    Landstraat 21

    D. Fries

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-8124/8125
    FunctieWoonhuis,
    Winkel
    Bouwjaar1958/1968
    Monumentnee
  • De Wijde Blik

    De Wijde Blik

    Buninkdijk 7, Haart

    Buninkdijk 7, Haart
    Foto: G. Schreurs, 2023

    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Adresboek 1967

    Haart 23/2 > Buninkdijk 7

    H.W. te Bokkel

    Kenmerken


    Kadastraal nr.P-1208
    FunctieBoerderij
    Bouwjaar1961
    Monumentnee
  • Eskesweg 2

    Eskesweg 2

    Haart

    Deze boerderij is op de allerlaatste dag voor de bevrijding in brand gestoken en daarna weer opgebouwd.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Haart 11/1 > 13

    Van De Hare komen:

    Hendrik Willem Luimes (Haart, 30-01-1874)
    Anna Geertruid Seesink (Lintelo, 19-12-1872)

    Adresboek 1934

    Haart 13 > 4

    H.W. Luimes

    Adresboek 1967

    Haart 4 > Spoordijk 3

    G.J. Luimes

    Kenmerken


    Kadastraal nr.P-202
    FunctieBoerderij
    Bouwjaar1935/1940
    Monumentnee
  • Ark van Noach / Olde Kaste

    Ark van Noach / Olde Kaste

    Hogestraat 6(a), Aalten

    De ‘Ark van Noach’ was een eeuwenoud pand aan de Hogestraat in Aalten. Waar deze naam precies vandaan kwam, is niet bekend. Mogelijk verwees deze naar de vorm van het gebouw en zagen sommigen er iets van een schip in? Een andere verklaring is dat er ooit een kinderrijk gezin woonde. Bij families met veel kinderen werd vroeger wel gezegd: “dat is er eentje uit de Arke Noachs”.

    Minder bijbelvaste Aaltenaren spraken ook wel van ‘De Olde Kaste’.

    In 1936 werd het pand onbewoonbaar verklaard. Een jaar later namen de padvinders het pand in gebruik als clubhuis voor de net opgerichte ‘Welpenclub’. Het pand is vermoedelijk rond 1950 afgebroken.

    Op deze plek kwam daarna de schoenenzaak van Rozema. Tegenwoordig is hier bakker Heyerman gevestigd.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1391Antonij Vreede157 m² huis & erf

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1823-1837

    Aalten 122

    Antonij Arnoldus Vreede (Aalten, 28-04-1796), leerloyer
    1) Aafke Radsma (Hempens, 30-12-1801), d.v. Tjeerd Radsma
    2) Isabella ten Dam (Aalten, 20-02-1802)

    Bevolkingsregister 1838-1851

    Aalten 125

    Antonij Arnoldus Vreede (Aalten, 28-04-1796), leerlooyer
    Isabella ten Dam (Aalten, 20-02-1802)

    Bevolkingsregister 1850-1861

    “Hoogestraat”

    Aalten, 125

    Isabella ten Dam (Aalten, 20-02-1802)

    Volgende bewoners:

    Henry Wood (Wilmslow/UK, 24-06-1830), fabriekbediende
    Helena Gaskill (Lancaster/UK, 06-08-1828)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Aalten, 125

    Henry Wood (Wilmslow/UK, 24-06-1830), fabriekbediende
    Helena Gaskill (Lancaster/UK, 06-08-1828)

    Volgende bewoners:

    Antonij Arnoldus Vreede (Aalten, 05-02-1836 – Vught, 15-04-1895), wijnhandelaar, enz. enz. enz.

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Aalten 149

    Antonij Arnoldus Vreede (Aalten, 05-02-1836), horlogemaker

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Aalten 170

    Antonij Arnoldus Vreede (Aalten, 05-02-1836)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Aalten 166

    Antonij Arnoldus Vreede (Aalten, 05-02-1836)

    Volgende bewoners:

    Willem Hallerdijk (Wisch, 14-12-1826), arbeider, landbouwer
    Berendina Wevers (Barlo, 23-08-1837)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Aalten 191 > A237

    Willem Hallerdijk (Wisch, 14-12-1826), landbouwer
    Berendina Wevers (Barlo, 23-08-1837)

    Volgende bewoners:

    Harmen Jan Oberink (Aalten, 11-10-1853), landbouwer
    Aleida Gesina Wevers (Aalten, 24-11-1855)

    Aalten 191a > A237a

    Willem Rhebergen (Rekken, 22-10-1861), schoenmaker
    Mina Berendina te Brake (Aalten, 21-10-1859)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Aalten A237 > B238

    Harmen Jan Oberink (Aalten, 11-10-1853), landbouwer
    Aleida Gesina Wevers (Aalten, 24-11-1855)

    Aalten A237a > B238a

    Willem Rhebergen (Rekken, 22-10-1861), schoenmaker
    (1) Mina Berendina te Brake (Aalten, 21-10-1859)
    (2) Helena Philippina Woerts (Heerde, 23-08-1869)

    Adresboek 1934

    Aalten B238 > Hogestraat 6

    H.J. Oberink

    Aalten B238a > Hogestraat 6a

    W. Rhebergen

    Adresboek 1967

    Hogestraat 6

    Mevr. A.G. Rozema-Leygraf
    T. Rozema

    Hogestraat 61

    A. Prinzen

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11337/11692
    FunctieWoonhuis
    Bouwjaaronbekend
    Sloopca. 1960
  • Synagoge

    Synagoge

    Stationsstraat 7, Aalten

    In het centrum van Aalten bevindt zich een kleine, goed gerestaureerde en mooi ingerichte synagoge, die bijna een eeuw het centrum van Joods leven vormde in deze Achterhoekse gemeente. Het gebouw is thans eigendom van een stichting, Vrienden van de Aaltense Synagoge.

    Halverwege de 19e eeuw was de Joodse gemeente in Aalten zozeer in getal gegroeid, dat een woonhuis te klein werd voor de wekelijkse sabbatsvieringen. Men wilde een eigen sjoel, niet alleen voor de godsdienstoefeningen, maar ook voor het onderricht aan de jongeren. Daarom bouwde men in 1857 een synagoge. Het was een eenvoudig rechthoekig gebouw zonder architectonische bijzonderheden, doch functioneel voor de nog steeds niet rijke, maar wel orthodoxe Joodse gemeente in Aalten. Over een architect is niets bekend.

    De synagoge werd het centrum van een levendig gemeenschapsleven, dat voortduurde tot de ramp, die alle Joodse gemeenschappen trof in de jaren van de Duitse bezetting. De leden van de gemeente die niet op tijd konden onderduiken werden weggevoerd en vermoord.

    Tweede Wereldoorlog

    Tijdens de bezetting zijn er twee pogingen gedaan om de synagoge in brand te steken. De synagoge werd grotendeels leeggeroofd en uitgebroken om het gebouw geschikt te maken voor de opslag van munitie. Het interieur van het gebouw was vernield, maar de Tora-rollen en de rituele objecten zijn op tijd verborgen en zodoende behouden. Na de oorlog werden de wetsrollen weer in het gebouw teruggebracht. De synagoge werd hersteld, betaald van de opbrengst van het huis van de chazzan (sinds 1948 kon de gemeente het salaris voor een voorganger niet meer opbrengen).

    Een groot deel van de gemeenteleden die de oorlog hadden overleefd verhuisde echter naar elders, waardoor de Joodse gemeente niet meer de kans had om op te bloeien. Het vereiste aantal mannen (minjan) voor het houden van diensten haalde men steeds vaker niet meer. De synagoge raakte in onbruik en dreigde te vervallen.

    Restauratie

    In 1984 werd het gebouw verkocht aan de Stichting Vrienden van de Aaltense Synagoge. Deze stichting nam de verantwoordelijkheid op zich voor een grondige restauratie. Op 29 december 1986 werd de synagoge met een plechtige chanoekaviering opnieuw ingewijd.

    Aan zowel de binnen- als aan de buitenzijde zijn elementen die het bezichtigen waard zijn. Aan de binnenzijde zijn dit onder andere de heilige arke, vier thorarollen, de stenen tafelen, de neer-tamiet, de menora, de chanoekia, de bima, de vrouwengallerij en het mikwe. Aan de buitenzijde zijn dit de tekst boven de deur, de mezoeza en de plaquette aan de rechterzijde op de buitenmuur.

    De Aaltense synagoge is in de zomermaanden regelmatig te bezichtigen.

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11944
    FunctieSynagoge
    Bouwjaar1857
    MonumentGemeentelijk
    monument
  • Singelweg 7

    Singelweg 7

    Aalten

    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Adresboek 1934

    Heurne 25/1 > 105

    J.A. Albers

    Adresboek 1967

    Heurne 105 > Singelweg 1

    Mevr. J.C.B. Albers-de Beukelaar

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-2499
    FunctieWoonhuis
    Bouwjaar1931
    Monumentnee
  • Bocholtsestraatweg 66-68

    Bocholtsestraatweg 66-68

    v/h Heurne 31-30, Aalten

    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Heurne 65/2

    Hendrikus Gerhardus Aalbers (Aalten, 20-10-1859), kunstdraaier
    Johanna Hendrika Piek (Bredevoort, 20-07-1859)

    Heurne 92 > 83

    Hendrikus Gerhardus Aalbers (Aalten, 20-10-1859), kunstdraaier
    Johanna Hendrika Piek (Bredevoort, 20-07-1859)

    Volgende bewoners:

    Aloisius Eugenius de Kerf (Clinge, 17-04-1870), fabr.arb. / stoomweverij fa. Braunsweich, Bocholt
    Frederika Harmina Jansen (Deventer, 11-02-1870)

    Heurne 65/1

    Albert van ’t Veen (Doornspijk, 02-02-1866), arbeider
    Willemina Christina Giezen (Doetinchem, 20-09-1868)

    Volgende bewoners:

    Jan Zonnenberg (Hattem, 19-10-1867), daglooner
    Grada Geertruid Vreman (IJzerlo, 06-02-1868)

    Heurne 91 > 82

    Jan Zonnenberg (Hattem, 19-10-1867), daglooner / landbouwer bij derden
    Grada Geertruid Vreman (IJzerlo, 06-02-1868)

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Heurne 83 > 95

    Jan Bokhove (Winterswijk, 12-09-1890), wever
    Maria van den Berg (Ommen, 01-10-1888)

    Heurne 82 > 94

    Derk Willem Freriks (Lintelo, 11-10-1875), pakhuisknecht
    Grada Hendrika Vreeman (Lintelo, 09-09-1880)

    Adresboek 1934

    Heurne 95 > 31

    Onbewoond

    Heurne 94 > 30

    D.W. Freriks

    Adresboek 1967

    Heurne 31 > Bocholtsestraatweg 66

    H.H. Wisselink

    Heurne 30 > Bocholtsestraatweg 68

    D.W. Wiggers

    Kenmerken


    Kadastraal nr.K-2148/1589
    FunctieWoonhuis
    Bouwjaar1940
    Monumentnee
  • Oude Helenakerk

    Oude Helenakerk

    Landstraat 22, Aalten

    Midden in Aalten staat al eeuwenlang de Oude Helenakerk. Het is het oudste en meest markante gebouw van Aalten. De laatgotische pseudobasiliek met romaanse toren is een monument van onschatbare historische en emotionele waarde. Talloze Aaltenaren zijn er gedoopt, getrouwd, hebben er troost gevonden en zijn vanuit deze kerk naar hun laatste rustplaats gebracht.

    Geschiedenis

    Rond het jaar 800, toen de Saksen door Karel de Grote werden onderworpen, gelastte hij dat iedere gemeenschap een zogenaamde hoofdhof ter beschikking stelde voor de bouw van een kerk. In de nederzetting Aladna, de oude naam van Aalten, was dat waarschijnlijk een stuk grond van de latere Havezate de Ahof.

    Het eerste kerkje op deze plek was vermoedelijk gebouwd in Karolingische stijl, een voorloper van de romaanse architectuur. De kerk werd gewijd aan de heilige Helena, de moeder van de Romeinse keizer Constantijn de Grote, die zich bekeerde tot het christendom.

    In de 12e eeuw werd aan dit eerste kerkje een laatromaanse toren toegevoegd. De romaanse bouwstijl kenmerkt zich door zware, massieve muren met kleine rondboogvensters. In tegenstelling tot de latere gotiek kent de romaanse bouwkunst weinig versieringen. De toren is geheel opgetrokken uit tufsteen, een zacht vulkanisch gesteente dat men destijds in deze contreien veel gebruikte voor de bouw van kerken en burchten. De torenspits heeft de vorm van een zogenoemde ingesnoerde naaldspits.

    Tussen 1470 en 1483 werd het driebeukige schip van de kerk gebouwd, eveneens uit tufsteen. Dit deel van de kerk werd uitgevoerd in de laatgotische stijl, kenmerkend voor de 15e eeuw, met grote vensters voorzien van spitsbogen die als het ware naar de hemel wijzen. Het hogere koor aan de oostzijde van de kerk dateert uit de periode tussen 1440 en 1450. Eind 15e en begin 16e eeuw werden op de gewelven en muren muurschilderingen aangebracht.

    Reformatie

    Tot het einde van de 16e eeuw viel de parochie Aalten onder het bisdom Münster. Met de verovering van Bredevoort, het bestuurscentrum van de gelijknamige heerlijkheid waartoe Aalten behoorde, door Prins Maurits op 8 oktober 1597, bereikte de Reformatie ook deze streek.

    In die tijd bediende pastoor Theunissen, geboortig uit Bocholt, de Aaltense kerk. Hij verzette zich fel tegen de hervorming. Volgens overlevering moest hij echter in 1601 vluchten naar het klooster Burlo, volgens anderen naar Rhede. Hij stierf later in Warendorf, waar de weliswaar niet grote maar waardevolle monstrans, welke hij uit Aalten had meegenomen, nog tot in het midden van de 19e eeuw aanwezig zou zijn geweest.

    Vermoedelijk zijn kort na 1597 ook de stenen kruiswegstaties verwijderd die de lijdensweg van Christus uitbeeldden. De staties, vermoedelijk rond 1530 gemaakt door de Westfaalse beeldhouwer Heinrich Brabender, verdwenen maar werden in de 19e eeuw teruggevonden. Tegenwoordig zijn ze te bewonderen in het Museum Catharijne Convent in Utrecht.

    De toenmalige kapelaan van Aalten, Anthonius van Keppel, afkomstig uit Doetinchem, werd in 1602 genoemd als eerste predikant van de pas naar het protestantisme overgegane kerkgemeenschap van Aalten. Hoe kwam dit tot stand? Om de reformatie uit te breiden tot het platteland had men de medewerking van de roomse geestelijken aldaar nodig. In 1598 werden velen van hen opgeroepen om op de classicale vergadering te Zutphen te verschijnen. Ook de geestelijken uit Aalten waren aanwezig. Op deze vergadering werd van de aanwezige pastoors en vicarissen verlangd, dat zij de katholieke godsdienst zouden verlaten en dat zij zouden belijden, dat de gereformeerde religie de ware was.

    In de classicale vergadering van 1603 te Zutphen verklaarden de deelnemers uit Aalten, Winterswijk en Zeddam zich bereid te conformeren met de hun gestelde conditiën. In 1633 was het aantal lidmaten al voldoende om over te kunnen gaan tot de instelling van een kerkenraad.

    Gedeeld gebruik

    Na de verovering van de Achterhoek in 1672 door troepen van de bisschop van Münster werden de kerken van Aalten, Winterswijk en Dinxperlo door de bisschoppelijke commissaris aan de Minoritenpaters gegeven. De gereformeerde gemeente te Aalten sloot een overeenkomst met de bezetters. Deze afspraak hield in dat de katholieken en de gereformeerden de kerk te Aalten afwisselend konden gebruiken. Maar korte tijd later werd het gebruik van het kerkgebouw aan de gereformeerden verboden. Deze toestand duurde evenwel niet lang. Pinksteren 1674 verlieten de Münsterse troepen Aalten en de kerk kwam weer ter beschikking aan de gereformeerden.

    Beroeringen

    Begin 1750 werd het rustige Aalten opgeschud door een reeks opvallende religieuze verschijnselen. Tijdens kerkdiensten barstten mensen in tranen uit, zuchtten luid of zakten in elkaar alsof ze het bewustzijn verloren. Sommigen vertelden zelfs over ontmoetingen met engelen of over aanvallen van de duivel. De gebeurtenissen leidden tot landelijke aandacht en zouden de geschiedenis ingaan als de Aaltense beroeringen.

    Doleantie

    In 1834 kreeg de beweging van de zogenaamde Afscheiding, zich manifesterend door het uittreden van Ds. H. de Cock en de kerkenraad van Ulrum (Gr) uit de Ned. Hervormde Kerk, in Aalten enige aanhang. In 1840 was de kring te Aalten zodanig gegroeid, dat men een gemeente stichtte. Enkele tientallen jaren later ontstond in de Ned. Hervormde kerk de beweging van de zogenaamde Doleantie.

    Restauraties

    In 1973 werd de pleisterlaag in de kerk gerestaureerd. Onder de zes tot zeven lagen witkalk bleken bijzondere schilderingen schuil te gaan. Onder deze schilderingen bevinden zich afbeeldingen van de twaalf apostelen, een voorstelling van het Laatste Oordeel, de kroning van Maria en, zeer uniek in West-Europa een afbeelding van keizer Constantijn de Grote, samen met zijn moeder Helena, de naamgeefster van de kerk. De schilderingen werden gerestaureerd.

    Grafkelder

    Eveneens in 1973 stuitte timmerman Henk Heijnen tijdens werkzaamheden op een grafkelder onder het koor, met daarin drie kisten met menselijke resten. De grafkelder werd op last van het kerkbestuur snel weer gesloten, maar voordat dat gebeurde was Heijnen er al ingeklommen en had alles nauwkeurig nagemeten en gefotografeerd. In 2019 voltooide hij een houten replica van de grafkelder.

    Overluiden

    Al eeuwenlang luiden de klokken van de Oude Sint Helenakerk in Aalten op gezette tijden om de bevolking op de hoogte te stellen van sterfgevallen, het zogenaamde ‘overluiden‘.


    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving
    1832I-1498de Hervormde Kerk van Aalten3.060 m² kerk & erf
    1862I-2640de Hervormde Kerk van Aalten2.966 m² kerk & erf
    1882I-3735de Hervormde Kerk van Aalten2.924 m² kerk & erf
    1911I-5447de Hervormde Kerk van Aalten2.938 m² kerk, cathechisatielokaal & erf
    1914I-5613de Hervormde Kerk van Aalten2.720 m² kerk & tuin
    1959I-8339de Hervormde Kerk van Aalten3.085 m² kerk, huis & erf
    1963I-8941de Hervormde Kerk van Aalten2.925 m² kerk, huis, erf, plantsoen,
    ged. verenigingsgeb., weg

    Kenmerken


    Kadastraal nr.I-11437
    FunctieKerk
    Bouwjaar12e/15e eeuw
    MonumentRijksmonument
  • Rikkertweg 6

    Rikkertweg 6

    Heurne

    Eigenaren

    Overzicht is niet volledig.

    JaarPerceelEigenaarOmschrijving

    Bewoners

    Bevolkingsregister 1823-1850

    Heurne 45a

    Hendrik Jan Doornink (Aalten, 21-01-1801), landbouwer
    Hendrika Bruggink (Aalten, 22-07-1799)

    Volgende bewoners:

    Bevolkingsregister 1850-1860

    Heurne 44

    Jan Derk Wopereis (Lichtenvoorde, 13-06-1808), landbouwer
    Hendrina van Gorkum (Dinxperlo, 03-04-1814)

    Zij vertrekken op 04-12-1852 naar Amerika.

    Volgende bewoners:

    Derk Willem Stapelkamp (Heurne, 08-07-1821), landbouwer
    Willemina Prange (Heurne, 26-08-1815)

    Bevolkingsregister 1860-1870

    Heurne 45

    Derk Willem Stapelkamp (Heurne, 08-07-1821), landbouwer
    Willemina Prange (Heurne, 26-08-1815)

    Bevolkingsregister 1870-1880

    Heurne 41

    Derk Willem Stapelkamp (Heurne, 08-07-1821), akkerbouwer
    Willemina Prange (Heurne, 26-08-1815)

    Volgende bewoners:

    Gerrit Freriks (De Heurne, 26-09-1850), klompenmaker
    Dina Boland (Dinxperlo, 19-10-1845)

    Bevolkingsregister 1880-1890

    Heurne 41

    Gerrit Freriks (De Heurne, 26-09-1850), klompenmaker
    Dina Boland (Dinxperlo, 19-10-1845)

    Bevolkingsregister 1890-1900

    Heurne 38

    Gerrit Freriks (De Heurne, 26-09-1850), klompenmaker
    Dina Boland (Dinxperlo, 19-10-1845)

    Volgende bewoners:

    Gerrit Antonij Tolkamp (IJzerlo, 20-01-1874), landbouwer
    Johanna Berendina Vriezen (De Heurne, 23-09-1874)

    Bevolkingsregister 1900-1910

    Heurne 45

    Gerrit Antonij Tolkamp (IJzerlo, 20-01-1874), landbouwer
    Johanna Berendina Vriezen (De Heurne, 23-09-1874)

    Volgende bewoners:

    Gerrit Theodorus ten Barge (Aalten, 18-07-1878), fabr.arb.
    Johanna Aleida Koenders (Dale, 07-11-1877)

    Heurne 65 > 55

    Gerrit Theodorus ten Barge (Aalten, 18-07-1878), fabr.arb.
    Johanna Aleida Koenders (Dale, 07-11-1877)

    Volgende bewoners:

    Derk Willem Freriks (Lintelo, 11-10-1875), kunstdraaier, pakhuisknecht bij de Coöp. Landbouw Vereeniging
    Grada Hendrika Vreeman (Lintelo, 09-09-1880)

    Volgende bewoners:

    Bevolkingsregister 1910-1920

    Heurne 55 > 67

    Gerrit Willem Veerbeek (Dinxperlo, 15-01-1894), wagenmaker
    Johanna Gerharda Hofs (Breedenbroek, 14-05-1895)

    Adresboek 1934

    Heurne 67 > 40

    G.W. Veerbeek

    Adresboek 1967

    Heurne 40 > Rikkertweg 6

    D.J. Bussink
    G.W. Veerbeek

    Kenmerken


    Kadastraal nr.R-1621
    FunctieBoerderij
    Bouwjaar1908
    Monumentnee