Monasso: Italiaanse terrazzowerkers in Aalten

Terrazzowerk-mozaiek gemaakt door de familie Monasso

Al meer dan een eeuw maken leden van de familie Monasso terrazzovloeren in de Achterhoek. De familie kwam in 1915 in Aalten terecht, na een vlucht uit het Duitse Bocholt tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hun oorsprong ligt in de Noord-Italiaanse regio Friuli.

De familie is afkomstig uit het bergdorp Travesio, in de regio Friuli. Het was een arme streek met een slechte bodem, aardbevingen, overstromingen en hoge belastingen. Veel inwoners trokken weg om elders werk te vinden. Friulanen stonden bekend als bekwame handwerkslieden – bosbouwers, timmerlieden, steenhouwers en terrazzowerkers.

De eerste generatie

In 1868 trouwde Pietro Monasso in Travesio met Maria Bortolucci. Ze kregen drie zonen en vier dochters. De zonen leerden alle drie het terrazzoambacht in de Italiaanse steden. Een van hen, Felice Monasso, was als jongen eens bezig trappen te repareren aan de San Marco in Venetië. Hij kreeg van de juist arriverende paus Leo XIII een bankbiljet ter waarde van ongeveer twintig gulden, voor toen een geweldig bedrag. Hij gaf het niet uit, maar bewaarde het als een relikwie.

De drie broers waren Giovanni (1869–1939), Felice (1871–1962) en Antonio (1876–1967). Zij verlieten Friuli op jonge leeftijd: Giovanni en Antonio op elfjarige leeftijd, Felice op zijn veertiende.

Werk in Duitsland

Giovanni trok met dorpsgenoten mee naar de Balkan om het timmermansvak te leren. Felice werkte eerst in Frankfurt, onder andere bij het grote bedrijf terrazzobedrijf Odorico, dat honderden Friulaanse arbeiders in dienst had. Giovanni en Antonio voegden zich later bij hem in Duitsland.

Vanuit Frankfurt gingen de broers naar Münster, waar hun neef Bortolucci een terrazzobedrijf had. Ze werkten daar als meesterknecht en er was veel werk in Westfalen en Nederland. Op aanraden van hun baas vestigden ze zich in 1896 in Bocholt, net over de grens bij Aalten. Daar begonnen zij samen een terrazzofirma.

De onderneming floreerde. Het was de tijd dat rijke textielbaronnen in Bocholt grote huizen lieten bouwen. Met hun terrazzowerk verfraaiden de Monasso’s menige villa aan de voorname Bahnhofstraße. De drie gezinnen woonden samen met hun personeel in een groot pand aan de Münsterstraße in Bocholt.

De firma ‘Gebrüder Monasso’ had volop werk, ook in de Achterhoek. Zo legden zij al in 1897 een terrazzovloer in de katholieke Sint Georgiuskerk in Bredevoort.

Giovanni Monasso trouwde op 22 november 1899 in Italië met Angela Chivilò (1879–1951). Samen kregen zij vier zonen en twee dochters.

Vlucht naar Aalten (1915)

Op 28 juli 1914 begon de Eerste Wereldoorlog. Italië koos de kant van de geallieerden en de Duitsers zagen dit als verraad. In Duitsland ontstond een anti‑Italiaanse sfeer. Italiaanse arbeiders werden uitgescholden en soms zelfs mishandeld op de bouwplaats. De drie families Monasso besloten te vluchten naar Aalten, net over de grens in het neutrale Nederland. In feite waren ze dus asielzoekers.

Het was een trieste stoet die op 19 mei 1915 voor dag en dauw uit Bocholt vertrok naar Aalten. Met paard en wagen vol huisraad, met daarachter twintig Italianen. Drie kinderen bleven in Bocholt achter, twee omdat ze te ziek waren om te reizen en één omdat hij zijn jaar op het gymnasium wilde afmaken.

In Aalten brachten zij de eerste nacht door in het logement van Vultink aan de Dijkstraat. De volgende dag betrokken Giovanni en Antonio een woning aan de Landstraat en Felice aan de Bredevoortsestraatweg. Antonio en zijn vrouw vonden kort daarna een woning aan de Haartsestraat. De toenmalige burgemeester Monnik regelde een vestigingsvergunning. De achtergebleven kinderen voegden zich later bij hun familie.

Een nieuw bestaan in Aalten

Giovanni toonde zijn ondernemersgeest door zich binnen enkele dagen in te schrijven bij sociëteit Schiller, waar lokale zakenlui elkaar ontmoetten. Zijn broers volgen een week later. De Monasso’s hadden binnen korte tijd weer werk. Ze legden vloeren in woningen, winkels, scholen en kerken in Aalten en omgeving en haalden vakbekwame terrazzowerkers uit Italië als personeel.

Machines en elektrisch gereedschap gebruikten ze nog niet; alles werd met de hand gemaakt. Terrazzovloeren werden ter plaatse gelegd en dat was zwaar werk. Trappen, aanrechten en andere onderdelen werden in de werkplaats met behulp van mallen gemaakt en werden dan naderhand in keuken of hal aangebracht.

Rond 1920 vestigde Giovanni zich met zijn bedrijf aan de Parallelweg in Aalten. Midden jaren 1950 verhuisden ze naar de aangrenzende Staringstraat, waar in 1969 een nieuwe toonzaal werd geopend.

Felice vestigde zich in 1922 met een terrazzobedrijf in Winterswijk; Antonio volgde in 1932 met een vestiging in Doetinchem.

Latere generaties

Ook de tweede en derde generatie bleef actief in het ambacht. In de decennia na de Tweede Wereldoorlog namen zonen en kleinzonen het werk over. Alle vier zonen van Giovanni werden terrazzowerker en trouwden met Nederlandse vrouwen.

Tientallen jaren gingen de zaken voor de wind. In de jaren 1960 en 1970 nam de vraag af door de opkomst van kunststofvloeren en stalen aanrechten. Toch bleef het familiebedrijf bestaan. De Monasso’s combineerden traditionele technieken met moderne middelen en specialiseerden zich behalve in vloeren ook in werkbladen, dorpels, vensterbanken en restauraties.

Huidig bedrijf in Aalten

In 1982 nam Richard Monasso, kleinzoon van Giovanni, het bedrijf in Aalten over. Het bedrijf verhuisde naar de Industriestraat. In de 21e eeuw werd terrazzo opnieuw populair. Richard Monasso werkt inmiddels aan exclusieve projecten in binnen- en buitenland; zijn werk is onder andere te vinden in een warenhuis in Londen, een restaurant in Parijs en een villa in Griekenland.


Willem Monasso

In 1996 vertelde Willem Monasso, zoon van Giovanni Monasso en Angela Chivilò, over zijn jeugd:

Wilhelm Franz Joseph (Willem) Monasso (1916–2001) werd geboren in Aalten, maar ging als kind met zijn moeder terug naar Italië. Ze woonden bij een oom die druivenplantages had. Hij bezocht daar hij de lagere school. Daar leerde hij geen Italiaans, maar het zogenaamde Furlan, een streektaal die daarvan evenveel verschilt als Fries van Nederlands.

Op tienjarige leeftijd keerden ze terug naar Nederland. Terug in Aalten moest Willem weer in de eerste klas beginnen. Na de vierde klas ging hij van school, het terrazzovak in.

Aan moeders kant had de familie Monasso een wijnbottelarij en een zijdeplantage. Ze lieten regelmatig vaten met witte wijn uit hun streek van herkomst in Italië overkomen. Het eerste vat ging altijd naar de Aaltense pastoor.

In de Tweede Wereldoorlog was Willem de enige Aaltenaar die een radio mocht hebben, omdat hij de Italiaanse nationaliteit had. Natuurlijk mocht hij er van de bezetter niet mee naar de Engelse Oranjezender luisteren, maar dat deed hij in het geniep toch, samen met de halve buurt.

Over zijn vroegere werk kon Willem Monasso boeiend vertellen in perfect Aaltens dialect. Aanvankelijk werden aanrechtbladen ter plekke gemaakt in een bekisting, die een timmerman maakte. Later gebeurde het in de werkplaats en werden ze met een vrachtwagentje naar de plaats van bestemming gebracht. De terrazzotechniek vergt groot vakmanschap en is ontzettend arbeidsintensief. In de omgeving liggen in kerken, ziekenhuizen, kloosters, scholen en scholtenboerderijen nog heel wat prachtige vloeren van Monasso.

Fouten voorbehouden. Heb je aanvullingen of correcties? Reageer dan hieronder, bij voorkeur met bronvermelding.