Aaltense emigranten naar de VS

In de 19e eeuw emigreerden duizenden Achterhoekers naar de Verenigde Staten, op zoek naar land, vrijheid en nieuwe kansen. Onder hen bevond zich de familie Haartman uit Aalten. Zij behoorden tot de eerste Europese pioniers die zich vestigden in de grotendeels onontgonnen wildernis van Sheboygan County, Wisconsin.
De familie Haartman woonde op de gelijknamige boerderij in de buurtschap Haart bij Aalten. Het gezin bestond uit vader Derk Jan Haartman, moeder Hendrika te Bokkel, vijf zoons en een dochter. In 1846 vertrokken ze met het schip Hector vanuit Rotterdam naar Amerika. De overtocht duurde 46 dagen en op 17 september kwamen ze aan in New York City.
Na een kort verblijf van zes weken in Rochester (New York) reisde het gezin via de Grote Meren verder naar Milwaukee in Wisconsin. Daar kocht Derk Jan Haartman zestien hectare onontgonnen land. Kort daarna sloeg het noodlot toe: ziekte trof de familie, en moeder Hendrika, drie zonen en de dochter overleden.
Vestiging in Sheboygan County
Samen met zijn twee overgebleven zonen, Evert en Derk Jan jr., trok Derk Jan sr. verder naar Sheboygan County. In Wilson Township kochten zij een stuk bosgrond in sectie 32, voor drie dollar per hectare. De grond was nog nooit eerder door blanke kolonisten bewoond en moest vanaf nul worden ontgonnen.
Het pioniersleven was zwaar. Ze hadden weinig te eten, nauwelijks kleding, en geen enkel comfort. Het eerste onderkomen van de familie was een eenvoudige blokhut met een planken vloer en een kachelpijp als schoorsteen. In het gebied woonden nog veel inheemse Amerikanen, die doorgaans geen overlast veroorzaakten, maar soms kwamen bedelen.
Overleven in de wildernis
Milwaukee was het dichtstbijzijnde handelscentrum, maar telde destijds slechts vijfhonderd inwoners. Sheboygan had drie kleine winkels en er waren nog geen kerken of scholen. De omgeving bestond uit dichte dennenbossen en de wegen moesten door de kolonisten letterlijk worden vrijgekapt.
De kolonisten hadden regelmatig proviand nodig. Evert Haartman liep eens naar Milwaukee met het geld dat hij in de buurt had verzameld. Daarmee kocht hij drie vaten meel, wat vlees en boekweitmeel. Bij zijn terugkeer werden deze levensmiddelen zuinig verdeeld onder de bewoners van de nederzetting. De enige handelswaar die ze zelf konden aanbieden, waren as en cederhouten shingles, die ze in Milwaukee ruilden voor levensmiddelen.
Familie en nakomelingen
Evert Haartman, geboren op 15 mei 1824, trouwde op 12 mei 1855 in Wilson Township met Janna Berendina (“Jane”) Beskers, geboren op 25 juli 1830 op boerderij Haverland in Henxel bij Winterswijk. Zij kregen tien kinderen; twee zonen en acht dochters. Het gezin bewoonde een boerderij van bijna 100 hectare, gelegen op vier kilometer van het dorp Oostburg en dertien kilometer van Sheboygan.


Evert werd in de omgeving gerespecteerd als een man van principes en toewijding. Hij diende meerdere keren als Township Supervisor, en ondersteunde initiatieven ter bevordering van onderwijs en de gemeenschap. De familie was lid van de Dutch Reformed Church in Wilson Township, en Evert hielp bij de bouw van drie kerken. Zijn eerste stem als Amerikaans staatsburger bracht hij uit op Abraham Lincoln; sindsdien bleef hij trouw aan de Republikeinse Partij.
Derk Jan Haartman jr., de oudere broer van Evert, werd geboren op 18 juli 1821. Hij trouwde op 2 oktober 1855 in Wilson Township met Aleida Gesiena Kortschot, geboren op 20 september 1838 op boerderij Roerdink Kortschot (Roerdinkpoorthuis) in het Woold bij Winterswijk. Ook zij kregen tien kinderen, vier zonen en zes dochters.
Laatste rustplaats: Hartman Cemetery
Vader Derk Jan Haartman overleed in 1860. Derk Jan jr. stierf in 1889, Jane Beskers in 1896, en Evert zelf in 1910. Zij allen werden begraven op de Hartman Cemetery in Wilson Township, een kleine familiebegraafplaats waar ook andere nazaten en aangetrouwde familieleden hun laatste rustplaats vonden.


